Apocalyps in Antwerpen

Hubert Lampo: De komst van Joachim Stiller. Veertigste druk. Uitgeverij: Meulenhoff, 191 blz. Prijs ƒ 32,90.

In De komst van Joachim Stiller uit 1960 wilde Hubert Lampo Lampo de metafysische dimensie van onze belevingswereld voelbaar maken. Nog steeds geldt de roman als de vertegenwoordiger bij uitstek van het 'magisch-realisme'. Lampo's magie is echter geen mystiek, maar de magie van de goocheltruc. Korte serie over boeken die eens een onuitwisbare indruk maakten.

Zo'n onverbeterlijke zeikerd is Freek Groenevelt, de hoofdpersoon van De komst van Joachim Stiller, dat het wel even duurt voor je in de gaten krijgt dat zijn auteur hem hoog heeft zitten. Freek, schrijver van romans en verslaggever voor De Scheldebode, is de verteller in deze roman en vertellen doet hij: omstandig rijgt hij zijn vlakke zinnen aaneen. Van de dagelijkse gang van zijn bedaagde Antwerpse leventje wordt nauwkeurig verslag gedaan, op ieder ditje volgt een datje. Een borreltje in het café, een praatje met de kastelein van 'Het gouden anker', het zonlicht dat zomerjurken pikant doorschijnend maakt, iedere ontmoeting of gebeurtenis wordt voorzien van een gezapige observatie over het leven zelf.

Sufgeslagen door zoveel tevredenheid merkte ik pas halverwege de roman dat het niet alleen Freek is die het met zichzelf getroffen heeft; ook zijn schepper, Hubert Lampo, beschouwt deze Vlaamse literator als een uitverkorene. Niet alleen is Freek het jonge dichtersschoelje dat hem in een literaire blaadje aanvalt te slim af, hij krijgt van Lampo ook nog eens de bloedmooie jonge blonde vrouw uit hun kamp toebedeeld, die hij bevredigt zoals zij nog nooit bevredigd is, en last but not least keert de Heiland terug op aarde om Freek hoogstpersoonlijk te verlossen. Of toch niet? Of maar een beetje? Het blijft een raadsel.

De komst van Joachim Stiller verscheen in 1960. Tot op de dag van vandaag geniet de roman de reputatie van vertegenwoordiger bij uitstek van het zogeheten 'magisch-realisme'. In Nederland en Vlaanderen verkondigde die stroming de aantrekkelijke boodschap dat er meer is tussen hemel en aarde dan wij vanuit ons keukenraam kunnen zien. Die onzichtbare dimensie laat zich af en toe zien in onze alledaagse levens door middel van onverklaarbare fenomenen - dingen die niet kunnen en die tegelijk een kosmische samenhang suggereren. Zo krijgt Freek een brief van Joachim Stiller die veertig jaar daarvoor gepost is en stuit bij toeval (?!) op een religieus traktaat over de apocalyps dat begin zeventiende eeuw geschreven werd door - inderdaad, en Joachim Stiller was ook nog eens de naam van de Amerikaanse soldaat die tijdens de Tweede Wereldoorlog voor de ogen van de jonge Freek aan flarden werd gebombardeerd; bovendien belt er ook nog af en toe een man naar Freek die zegt dat hij Stiller is. Alles hangt met alles samen, maar hoe precies zullen we nooit weten.

Dat beseft ook Freek, wanneer op de laatste bladzijden van de roman de man die zich Joachim Stiller noemt, wordt overreden door een auto, net wanneer hij Freek een hand wil geven. Freek: 'Wij wisten intuïtief, dat alles nu voorgoed voorbij was. Wij wisten ook dat, dankzij Stiller's bloed op de keien en in het tramspoor, de witte zomerwolken als grote karvelen met ontplooide zeilen veilig door een blauwer wordende hemel over deze wereld aan de rand van een onbegrijpelijk heelal zouden blijven voortdrijven.'Een onbegrijpelijk heelal? Maar het raadsel in De komst van Joachim Stiller is juist zo ontstellend knus en bevattelijk! Nog nooit heb ik de apocalyps zo gemoedelijk aangekondigd gezien als in het Antwerpen van Lampo. De komst van Joachim Stiller wordt aangekondigd met de voorspelbaarheid van een krakkemikkige detective - je ziet die Stiller als het ware van mijlenver aankomen. Lampo wil de metafysische dimensie van onze belevingswereld voelbaar maken, maar zijn proza is verstoken van verbeeldingskracht, zodat hem geen andere middel overblijft dan effectbejag. Zijn magie is geen mystiek, maar de magie van de goocheltruc.

Zijn trukendoos is de Bijbel: de ondergang van Antwerpen door de apocalyps wordt aangekondigd door een man die Engel zegt te heten, het lichaam van Joachim Stiller verdwijnt precies op de derde dag na zijn dood uit het lijkenhuis, en de roman bevat ongetwijfeld nog talloze andere verborgen verwijzingen naar het Boek der boeken, waarmee het genoeglijk puzzelen is. Om het onzichtbare innerlijk leven van Freek gestalte geven, ontwikkelen hij en zijn vrienden nog enkele theorieën over de ongrijpbare psyche van de mens, die ze mengen tot een parapsychologische hutsekluts - een snufje theosofie, een mespuntje Freud, een flinke scheut Jung.

In De komst van Joachim Stiller wordt de geest van de literatuur verraden. Alle grote, verontrustende thema's die het besef van dat 'onbegrijpelijke heelal' met zich meebrengt - angst en vervreemding, de peilloze afgrond van de menselijke geest, het onzekere verlangen naar een liefde die de materiële werkelijkheid overstijgt - worden hier gereduceerd tot het niveau van een speurtocht met opdrachten. Er is geen sprake van een bezwering van onbenoembare angsten, zoals in een goede horrorfilm, want er valt helemaal niets te bezweren. Geen moment voel je de angst van zijn personages voor het ongerijmde, nergens ook de ontreddering van de Antwerpenaren die oog in oog met de apocalyps komen te staan.

Die wereld staat niet op zichzelf; het is de magische wereld van de piramidenbouwers die de sleutel van onze toekomst bezaten, van de mysteriën van Isis en Madame Blavatsky, van de verbluffende profetieën van Nostradamus, de Celestijnse belofte en het Tiende Inzicht, waarin de onthullingen over geest en universum als rijpe appels van de bomen vallen. Je bent getuige van het mechaniek van de goddelijke openbaring, maar uiteindelijk wordt er gelukkig niets geopenbaard waar je je echt zorgen over moet maken.

Zoals er in de jaren tussen de twee wereldoorlogen behoefte bestond aan puzzeldetectives die lezers de illusie van een overzichtelijke orde verschaften, waarin het kwaad achteloos ontmaskerd en onschadelijk gemaakt werd, zo zal er ook wel altijd behoefte blijven bestaan aan boeken die het onoplosbare raadsel van de mens en het universum terugbrengen tot de proporties van een gezellige legpuzzel. De boodschap dat we niet alle stukjes van die puzzel in onze handen hebben, krijgt in een roman dan al snel de allure van een diepzinnige waarheid. Mysterie wordt mystificatie; wat verontrustend was, wordt geruststellend gemaakt. De komst van Joachim Stiller is zo'n geruststellende roman. Achter deze werkelijkheid ligt nog een andere werkelijkheid; en je hoeft er gelukkig je stoel niet voor uit te komen om die te leren kennen.