Opvolgers van Riis dienen zich al aan

PAMPLONA, 18 JULI. Hoe zuidelijker de Tourkaravaan trekt, hoe groter de invloed van de wielrenners uit het Noorden wordt in de Tour de France. Na de Deense slag van Bjarne Riis op de Hautacam, was het in de zeventiende etappe naar Pamplona de beurt aan ploeggenoot Jan Ullrich. De jonge Duitser nestelde zich in het spoor van zijn kopman op de tweede plaats in het klassement. “Een dag om van te dromen”, stamelde de nieuwe sportheld.

Ullrich (22) is de ontdekking van de Tour en de aanvoerder van een nieuwe lichting ronderenners. Samen met de Oostenrijker Peter Luttenberger (23) baart hij opzien met zijn veelzijdige talent. Zowel in de bergen als in een tijdrit kunnen beide coureurs goed uit de voeten. Voor Luttenberger bestaat ook nog een kleine kans op een podiumplaats. In de lange tijdrit bij Bordeaux moet hij daarvoor zaterdag anderhalve minuut goedmaken op de Fransman Richard Virenque.

In de kopgroep van acht renners werd Ullrich gisteren voorbeeldig gesteund door Riis, die het tempo hoog hield en daarmee zijn meesterknecht terugbetaalde voor al het vuile werk dat Ullrich de afgelopen weken heeft opgeknapt. De gele-truidrager presteerde wat maar weinig kampioenen in het verleden hebben klaargespeeld: zweten voor een ander. Luttenberger had geen steun van ploeggenoten, hij profiteerde dankbaar van de Duits-Deense sneltreinvaart. Hij reed zoals hij in de meeste bergritten heeft gereden: koel en berekenend.

De ijzersterke Riis is de verdiende opvolger van Miguel Indurain, maar meer dan een soort tussenpaus zal de 32-jarige Deen niet worden. Gezien zijn gevorderde leeftijd heeft hij redelijkerwijs nog maar een paar jaar voor de boeg. Intussen dienen zijn opvolgers zich al weer aan. Ullrich wordt door vriend en vijand als een toekomstige Tourwinnaar afgeschilderd. Luttenberger heeft op het eerste oog minder kwaliteiten, maar hij is nog altijd goed genoeg om serieus te worden benaderd door de Nederlandse Raboploeg. Ullrich verlengt vandaag of morgen zijn contract bij Telekom. Twee Duitstalige wielrenners in de top van het klassement, het is nooit eerder voorgekomen in de Tour de France. Oostenrijk heeft helemaal geen traditie in de wielersport. De fietsbeelden van de Tour worden niet rechtstreeks uitgezonden in het land van Luttenberger. Bij afwezigheid van een profploeg raakte hij in Italië verzeild. Na een paar redelijk succesvolle jaren als amateur werd hij vorig jaar gecontracteerd door ploegleider Boifava van Carrera.

In de schaduw van de Italiaanse sterren Chiappucci en Pantani kwamen de klimcapaciteiten van Luttenberger laat aan het licht. Vorige maand baarde hij opzien met een verrassende eindzege in de Ronde van Zwitserland. Deze maand bevestigt hij zijn grote mogelijkheden in de Tour. Hij rijdt niet opvallend maar wel bijna altijd van voren. Zijn afgebrande teamgenoot Chiappucci kon het aanvankelijk moeilijk verkroppen dat een buitenlander de dienst uitmaakt bij Carrera.

“In het begin heeft hij geen woord met me gesproken, nu gaat het wel. Hij heeft een keer water voor me gehaald en me een keer naar voren gereden”, vertelde Luttenberger vorige week in de Volkskrant. Ullrich weet zich bij de formatie van Godefroot geweldig gesteund. De Belgische ploegleider wil zijn oogappel zo lang mogelijk laten rijpen en heeft in de Deense Tourwinnaar een ideale leermeester gevonden. In wielerkringen wordt de verhouding Riis-Ullrich al vergeleken met de relatie tussen de Spaanse routinier Delgado en de jonge Indurain, die in de late jaren tachtig voorzichtig werd klaargestoomd voor het grote werk. “Jan is een ruwe diamant”, zegt Godefroot. “Die moet je langzaam tot glinstering laten komen.”

Ullrich is afkomstig uit Rostock en leefde tot zijn vijftiende jaar achter het ijzeren gordijn. De rossige jongeman keek in 1987 zijn ogen uit toen de Tour in Berlijn begon. Hij was opgegroeid met DDR-atleten als Uwe Raab en Olaf Ludwig. Andere coureurs waren hem volslagen onbekend. Zelfs de naam van de Westduitser Didi Thurau - in 1977 langdurig klassementsleider en vijfde in Parijs - werd angstvallig geheim gehouden in de Oostduitse media. “Mijn helden waren staatsamateurs”, zegt Ullrich over zijn wielerjeugd.

Inmiddels is hij een goedbetaalde professional die heeft kennisgemaakt met de geneugten van het kapitalisme. Vorig jaar raakte hij zijn rijbewijs kwijt wegens herhaaldelijk te hard rijden in een dure sportwagen. Volgens Godefroot is de oude discipline intussen in ere hersteld. “Hij heeft het begrepen en gedraagt zich als een echte beroepsrenner. Als een Duitser ook, Jan is bijzonder ambitieus.”

Ullrichs voornaamste kracht ligt in het tijdrijden. Als 19-jarige werd hij op deze discipline wereldkampioen bij de amateurs. Een jaar later veroverde hij de bronzen medaille bij het WK voor professionals. Zijn rustige zit en machtige pedaaltred bieden de tijdrijder veel voordelen. Volgens zijn Nederlandse generatiegenoot Michael Boogerd - zelf afgezakt naar de 31ste plaats in de Tour - heeft Ullrich een indrukwekkende rijstijl. “Er zit stamp achter. Je ziet niet dat hij goed vooruit gaat, maar intussen gaat het vreselijk hard.”

Ullrich hoopt zondag in de voetsporen te treden van zijn landgenoot Kurt Stöpel, die in 1932 als tweede eindigde in Parijs. Van Oostenrijkse zijde biedt de Tourgeschiedenis weinig aanknopingspunten. Wielrennen heeft nooit tot de verbeelding gesproken in een land dat zich toch bij uitstek leent voor een interessante klimmersloopbaan. Luttenberger hoeft niet te rekenen op een inhuldiging in Wenen en omstreken. De Duitse Tourkoorts daarentegen is de laatste weken behoorlijk aangezwengeld.