Omroep verliest alleenrecht op gids

DEN HAAG, 18 JULI. De publieke omroepen raken het exclusieve recht op hun programmagegevens kwijt. De NOS mag deze gegevens verkopen aan commerciële instellingen of uitgevers. Dat staat in het wetsvoorstel over de liberalisering van de mediawet dat staatssecretaris Nuis (Media) vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De publieke omroepen zullen, als de wet per 1 januari 1997 in werking treedt, de concurrentie moeten aangaan met bijvoorbeeld kranten en tijdschriften, die dan ook een programmagids kunnen maken.

Volgens de omroepen verandert de wet weinig aan de bestaande situatie. De rol van de NOS die onderhandelt over de gegevens blijft hetzelfde, stelt een woordvoerder van de AVRO: “Het verschil is dat de omroepen de verkoop van hun programmagegevens aan derden door de NOS voorheen gedoogden. Nu is dat geformaliseerd.”

Volgens de TROS en de VARA zal het voor de meeste kranten een te kostbare zaak zijn om televisiegidsen uit te geven. “De consument zal uiteindelijk toch het gelag moeten betalen. Er zal voor ons weinig veranderen, het is nu ook al vechten om de abonnees”, aldus de TROS. De KRO vindt het van “vitaal belang” dat de omroepen leden kunnen blijven werven met hun programmablad. De omroep denkt dat het aantal leden van de omroepen zal teruglopen en de hoeveelheid zendtijd in gevaar kan komen.

De publieke omroepen krijgen wel meer ruimte om traditionele nevenactiviteiten uit te breiden. Ze mogen volgens het voorstel van het kabinet tijdschriften, cd-i's en cd-roms met programma-informatie uitgeven. De publieke omroep mag zich in de toekomst bezighouden met abonnee-tv en 'pay per view'.

Nuis gaat in het wetsvoorstel uit van een basispakket dat verplicht door de kabelexploitanten moet worden doorgegeven. Dat zal in ieder geval moeten bestaan uit de drie Nederlandse en de twee Belgische publieke zenders en zes andere Europese publieke kanalen. Ook moeten een Duitstalig, Franstalig en Engelstalig kanaal en een lokale omroep deel uitmaken van het 'must carry' pakket.

Pagina 2: Nuis wil betaalbaar basispakket op kabel

Kabelexploitanten bepalen zelf of extra zenders in het basispakket worden opgenomen. Het kabinet gaat er daarbij wel vanuit dat in principe alleen programma's in het basispakket worden opgenomen, waarvoor geen extra vergoeding wordt berekend. Zenders die een substantiële extra bijdrage van de kijker vragen, zoals bijvoorbeeld Sport7, zullen zoveel mogelijk moeten worden aangeboden in pluspakketten achter een filter of decoder.

Staatssecretaris Nuis wil om het basispakket betaalbaar te houden een maximumtarief vastgestellen voor de doorgifte van radio- en televisiezenders op de kabel. De huidige prijs van ongeveer vierhonderd gulden per jaar (omroepbijdrage en en het kabelabonnement) vindt Nuis “redelijk”.

Het kabinet verruimt verder de mogelijkheden voor de kabelexploitanten om nieuwe vormen van dienstverlening via kabel, ether of satelliet aan te bieden. De scheiding tussen het aanbieden van televisie- en radioprogramma's en het beheren door exploitanten van de infrastructuur komt daarmee te vervallen. Nuis stelt verder voor om een frequenties voor commerciële radiostations te veilen. Voor een periode van vijf jaar kan dan een frequentie op de radio worden aangekocht. Om ongewenste concentraties te voorkomen zal het niet worden toegestaan dat partijen meerdere frequenties in hun bezit zullen hebben.

De Vecai, de vereniging van kabelexploitanten, is “teleurgesteld” in het wetsvoorstel van het kabinet. Het introduceren van een basispakket is volgens de Vecai “bevoogdend” en staat haaks op de plannen van het kabinet om de consument zelf te laten kiezen. De introductie van een maximumprijs is volgens de kabelexploitanten “funest voor de kabelbranche”.