IRA rekent af met jonge profvoetballer

LONDEN, 18 JULI. Zeven gemaskerde mannen die zich presenteerden als soldaten van het verboden Ierse republikeinse leger (IRA) hebben gistermorgen in het Noordierse Newry de benen van de 19-jarige profvoetballer Donal Gray met baseballknuppels bewerkt die waren voorzien van spijkers.

Hij is met een gebroken been, zwaarbeschadigd kniekapsel en verwondingen over zijn hele lichaam in het ziekenhuis opgenomen. Of hij nog ooit op het hoogste niveau zal kunnen voetballen, is volgens de behandelende dokter onzeker.

Gray staat onder contract bij Glenavon Football Club in Lurgan. Hij heeft gespeeld in het vertegenwoordigend elftal van Noord-Ierland voor jongens onder de achttien. Vader Gray, die onder dreiging met een geweer gedwongen werd toe te zien hoe zijn zoon in elkaar werd geslagen, zegt er geen idee van te hebben wat het motief voor de aanslag was.

Afstraffingen behoren al sinds het begin van de jaren zeventig tot het geijkte repertoire van Noordierse terroristen. Strafexpedities dienen om tegenstanders te intimideren en het gezag onder de eigen achterban niet te laten verslappen. Ook persoonlijke rekeningen worden vaak zo vereffend. De afgelopen twee jaar zijn al 400 mensen door deze terreurvorm getroffen.

Op een intergouvernementele conferentie in Londen proberen de regeringen van Groot-Brittannië en Ierland vandaag de betrekkingen te herstellen die vorige week ernstig zijn beschadigd doordat Britse autoriteiten onder druk van geweld een unionistische optocht alsnog door een nationalistische wijk in het Noordierse Portadown lieten trekken. De Ierse minister van Buitenlandse Zaken, Dick Spring, zei vooraf dat hij de woede en verontwaardiging over dat besluit binnen de Noordierse nationalistische gemeenschap zou overbrengen aan de Britse minister voor Noord-Ierland, Patrick Mayhew. Hij kondigde ook aan dat hij zou pleiten voor een voortvarender aanpak van de vredesbesprekingen die op 10 juni in Belfast zijn begonnen.

De negen Noordierse partijen die aan dit overleg meedoen zijn de afgelopen weken niet verder gekomen dan praten over procedures.