Gene Pharming en Nutricia

In maart 1994 maakten Nutricia, specialist op het gebied van klinische voeding, en het biotechnologiebedrijf Gene Pharming Europe bekend een joint venture te willen starten voor de productie van humaan lactoferrine en lysozym uit koeienmelk. Drie maanden later trokken ze hun besluit weer in.

De Dierenbescherming, Stichting Natuur en Milieu en de Alternatieve Konsumentenbond dreigden namelijk met een oproep tot een boycot van Nutriciaproducten. De drie organisaties verzetten zich heftig tegen het gebruik van transgene koeien voor de productie van menselijke eiwitten. Vanaf het moment dat Gene Pharming Europe met het project humaan lactoferrine is gestart, is het in opspraak geweest. Niet alleen vanwege de nieuwe technologie - het maken van transgene dieren - maar bijvoorbeeld ook vanwege de onduidelijkheid omtrent de toepassing van het eiwit. Volgens Gene Pharming Europe, in 1989 opgericht als dochter van het Amerikaanse GenPharm International Inc., was het voor meerdere doeleinden geschikt. Het zou een veelvoorkomende vorm van uierontsteking bij koeien kunnen voorkomen. Die claim is inmiddels weerlegd.

Daarnaast speculeerde het Leidse bedrijf over toepassing bij de behandeling van patiënten met een verzwakt afweersysteem, zoals aids en kankerpatiënten. Ook de verwerking in klinische voeding, met name voor te vroeg geboren baby's, is steeds als mogelijkheid geopperd. In die laatste toepassing toonde Nutricia zich geïnteresseerd. In 1990 besloot het zuivelbedrijf het onderzoek aan humaan lactoferrine en lysozym, een ander menselijk eiwit met antimicrobiële werking, te steunen met bijna tien miljoen gulden.

Het afsluiten van het contract werd niet openbaar gemaakt. Het aan het licht komen van dat contract, in juni 1994, zorgde voor de nodige opschudding. Er werd beweerd dat Nutricia het menselijke eiwit in gewonebabyvoeding wilde verwerken en daarmee een miljardenmarkt zou proberen aan te boren. En daarmee ging het bedrijf voorbij aan eerdere afspraken met het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV). Het gebruik van transgene koeien voor de productie van menselijke eiwitten was namelijk alleen gerechtvaardigd bij een 'biomedische doelstelling'.

Een aantal weken na dit incident bleek dat minister Bukman van LNV al drie jaar op de hoogte was van het contact tussen Nutricia en Gene Pharming Europe. Hij had de Tweede Kamer hiervan nooit op de hoogte gesteld. De landsadvocaat werd daarop verzocht een onderzoek in te stellen. Hij concludeerde dat Nutricia inderdaad voor ogen stond om lactoferrine te verwerken in normale babyvoeding. Maar deze doelstelling vereiste dezelfde onderzoekswerkzaamheden - het ontwikkelen van transgene dieren - als de biomedische doelstelling. De landsadvocaat zag geen verschil tussen beide. Nutricia beloofde toch af te zien van verdere samenwerking met Gene Pharming. Het conflict laaide afgelopen maart opnieuw op. De Dierenbescherming ontdekte dat Nutricia in het geheim nog steeds samenwerkingsafspraken had met het Leidse biotechnologiebedrijf, inmiddels verzelfstandigd en omgedoopt tot Pharming.

In mei startte de Dierenbescherming een postercampagne. Op de poster was een krijsende baby afgebeeld, omringd door een krans van flessen met felrode fopspenen en daaronder de tekst 'Hoe ver gaat Nutricia?'. Op 24 mei verklaarde het zuivelbedrijf dat het zich een jaar lang zou onthouden van betrokkenheid bij genetische manipulatie van dieren. Desgevraagd zegt Pharming geen contacten meer te onderhouden met Nutricia. Het Leidse bedrijf test humaan lactoferrine nu zelf. Op 2 mei 1997 loopt de overeenkomst tussen Nutricia en de Dierenbescherming af.

    • Marcel aan de Brugh