Minister Argentinië weg wegens wapenverkopen

BUENOS AIRES, 17 JULI. De Argentijnse minister van defensie, Oscar Camilion, is gisteren afgetreden wegens zijn vermeende betrokkenheid bij de geheime verkoop van wapens aan Ecuador en Kroatië. Eerder op de dag had de rechter die het onderzoek naar de zaak leidt het Congres verzocht Camelion te ontheffen van zijn parlementaire onschendbaarheid, zodat hij kan worden verhoord.

Camilion (66), die sinds 1993 minister was, diende zelf zijn ontslag in tijdens een ontmoeting met de Argentijnse president, Carlos Menem. De rechter, Jorge Urso, beschuldigde de afgetreden minister van “landverraad” door het begaan van daden “die de vrede en de waardigheid van de natie compromitteren”.

Onderzocht wordt momenteel of de Argentijnse regering betrokken is bij de verkoop wapens en munitie aan Ecuador, dat in 1995 was verwikkeld in een grensoorlog met Peru. Als bewaker van het Protocol van Rio, een vredesverdrag van 1942 tussen de twee landen, hielp Argentinië destijds een einde te maken aan de oorlog. De Argentijnse regering houdt vol dat de betreffende wapenvoorraad was bedoeld voor een Venezuelaans bedrijf, dat deze echter illegaal van de hand deed aan Ecuador.

Een onderzoek moet tevens uitwijzen of wapens die Argentinië tussen 1991 en 1995 aan Panama verkocht terechtkwamen in Kroatië. Het land zou daarmee het wapenembargo van de Verenigde Naties tegen voormalig Joegoslavië hebben geschonden. Camilion is de tweede minister die aftreedt binnen een week. Op 10 juli diende de minister van justitie, Rodolfo Barra, zijn ontslag in nadat het Argentijnse tijdschrift Noticias onthulde dat hij in zijn jeugd lid was geweest van een neo-nazistische groepering. (AP, Reuter)