Kaartjes scheuren naast het hekje

Ondanks een duur controlesysteem rijdt eén op de vijf Amsterdamse metropassagiers zwart. De tourniquet als symbool van bestuurlijk onvermogen.

Je zou zeggen: Omgevingskunst. Zeker hier, in de winderige kaalte van metrostation Strandvliet. Zonder enige functie, maar prettig aanraakbaar. Abstract en autonoom. Een statement van een doortastende kunstenaar. Stalen buizen bij elke ingang tot alle Amsterdamse metroperrons. Zou iemand die ze passeert aan kaartcontrole denken? Want daar waren ze ooit voor bedoeld.

Ze zijn drie jaar geleden neergezet voor zes miljoen gulden en hadden als tourniquets junks en zwartrijders moeten tegenhouden. Verspilde moeite, weggegooid geld. Wethouder Frank de Grave heeft zich wel eens laten ontvallen dat ze voor hem een dagelijks bewijs zijn van het bestuurlijk onvermogen.

Zwartrijden is een van de grootste problemen van het geruïneerde Gemeente Vervoerbedrijf (GVB) van Amsterdam. Van de ongeveer 50 miljoen mensen die in 1995 instapten in de metro, reisden ruim 9 miljoen zonder kaartje. Reden genoeg om in te grijpen. Toch lukt het in Amsterdam maar niet om deze stangen te laten doen waarvoor ze zijn bedoeld: openzwaaien als iemand met een geldig vervoerbewijs wil passeren en dichtblijven als iemand zonder betalen probeert binnen te glippen.

Het is de schuld van de strippenkaart en al die andere abonnementen of kortingskaarten. Er is geen systeem te bedenken dat die mechanisch kan aflezen. Het wachten is op een chipkaart, maar de ontwikkeling daarvan gaat traag en het ministerie wil Amsterdam geen toestemming geven voor de invoering van aparte metrokaartjes.

Voor elk metroprobleem verwijst het stadsbestuur intussen naar die stalen buizen. Vinden mensen het onveilig op de perrons? Dat komt omdat de klaphekjes niet dicht kunnen. Is het zwartrijden vorig jaar weer verder toegenomen? Als de tourniquets zouden werken, kwam er niet één meer binnen. Zonder tourniquets is de bestrijding van zwartrijden in elk geval niet eenvoudig. Prikacties zijn nauwelijks doelmatig.

Op Strandvliet surveilleert een agent. Alles onder controle. Nee, daar komt kennelijk een verdacht sujet aan. De agent snelt op een jongen met piekhaar af die van de trap afzwalkt. Maar al instappend toont de jongen een geldig kaartje. Het is het metro-abc voor de junks, als je onder de grond moet wezen koop je een kaartje.

De eerste paar maanden na hun installatie zijn de stangen in arren moede gebruikt als fuik. Een deel van de hekjes werd permament dichtgeklapt, bij het open stuk stonden GVB'ers kaartjes te controleren. Het is wel de omgekeerde automatisering genoemd. Overal ter wereld staan tourniquets in plaats van controleurs, in Amsterdam moet een kaartjesscheurder naast het hekje staan om de schijn van controle op te houden.

Deze sketch heeft kort geduurd. De passagiers vonden het allemaal te langzaam gaan en werden laaiend als een metro voor hun ogen vertrok terwijl zij hun kaartje moesten tonen. En voor agressie is het GVB banger dan voor wat dan ook. Controleploegen wordt door de directie geadviseerd om niet door alle deuren tegelijk in te stappen, zwartrijders moeten de gelegenheid krijgen om uit het voertuig te glippen. Anders worden ze maar agressief. Is het een wonder dat GVB'ers hun eigen controles nauwelijks nog serieus nemen? Een paar weken geleden kwam ineens een controleploeg van het metropersoneel boven de grond bij station Nieuwmarkt. Zes mannen die met hun handen in de zak de Bloedstraat inwandelden en uitvoerig stilhielden bij de verschillende raamprostituées. “O, dit is een mooie!” Dan ging het over de Oudezijds Achterburgwal weer terug via de Monnikenstraat. “Heren”, vroeg de voorste, “kan ik jullie weer tot werken verleiden?” Nee, brulde de rest en ze sjokten monkelend terug naar de ondergrondse.

    • Bas Blokker