'Commissie wilde BSE niet verzwijgen'

STRAATSBURG, 17 JULI. Jacques Santer, voorzitter van de Europese Commissie, heeft gisteren erkend dat er een rapport bestaat van de hand van een ambtenaar van de Commissie over de gekke-koeienziekte, BSE, waarin wordt opgeroepen de gevolgen van de runderziekte te bagatelliseren.

Ten overstaan van het Europees Parlement stelde Santer echter dat de samensteller van de bewuste notitie geheel op eigen initiatief handelde. Hij zou niet het standpunt van de Europese Commissie of landbouwexperts weergeven.

Het rapport werd in oktober 1990 opgesteld door een Franse ambtenaar van de Europese Commissie, na een vergadering van veterinaire experts. Letterlijk citeert de ambtenaar experts die voorstellen “een koude houding aan te nemen, om de marktorde niet al te zeer te verstoren. Niet meer praten over BSE.”

Volgens Santer is dat nooit besproken in het comité. Intern onderzoek heeft uitgewezen dat de zaak in 1990 al serieus is genomen. Hij beroept zich daarbij op de huidige Deense vertegenwoordiger in het veterinair comité, die als enige ook de vergadering in 1990 bijwoonde. Ook zou binnen de Commissie verder niemand van het bestaan van het rapport op de hoogte zijn geweest.

De Franse gaullistische europarlementariër Pasty ontkent dat de ambtenaar op eigen initiatief handelde. Hij heeft met de opsteller van het rapport, inmiddels gepensioneerd, gesproken. Deze zegt dat zijn bevindingen rechtstreeks naar het kabinet van de toenmalige landbouwcommissaris, de Ier MacSharry, zijn gegaan.

Het parlement zou zich vandaag uitspreken over een parlementair onderzoek naar de zaak. Een motie waarin om een onderzoek wordt verzocht leek evenwel niet op een meerderheid te kunnen rekenen.(Reuter, AFP, ANP)