Timide reus ongewild kopman

Wereldkampioenen plegen gebukt te gaan onder de regenboogtrui. Abraham Manzano Olano draagt de trui met verve in zijn eerste Tour de France. De Spanjaard staat tweede in het algemeen klassement.

VILLENEUVE, 16 JULI. Op de persconferentie was hij vorige week nog het jongere broertje van Tony Rominger. Hij keek vriendelijk om zich heen, zoals het een knecht betaamt. Zes dagen na de rustdag in Gap is de knecht ongewild kopman geworden. Door de fysieke aftakeling van Rominger wordt Abraham Olano (26) bij Mapei als de grootste rivaal van Bjarne Riis naar voren geschoven. “Ik blijf in zijn buurt, maar ben niet van plan me kapot te rijden voor een paar seconden.”

De wereldkampioen rijdt een degelijke, maar tamelijk onopvallende Tour de France. Hij mist de gele trui van Riis, de uitstraling van Miguel Indurain en de grote mond van Jevgeni Berzin. Olano is een bescheiden coureur uit de omgeving van San Sebastian. De reus van Altzo wordt hij ook wel genoemd, naar een titaan uit zijn geboortestreek. Met 1 meter en 82 centimeter behoort hij tot de grote jongens in het peloton. Zijn gewicht is de laatste jaren drastisch afgenomen. Als beginnend coureur woog Olano nog meer dan tachtig kilo en stond hij bekend als sprinter. Deze week bleef de weegschaal steken op zeventig kilo. “Ik keek naar de toppers en zag dat die allemaal lichter waren. Toen ben ik extra gaan zweten”, zegt hij in het Belgische dagblad Het Nieuwsblad.

Olano rijdt de komende dagen voor eigen publiek. In de Pyreneeën worden tienduizenden Baskische supporters verwacht. Zij zullen hun eigen held zonder schroom naar voren duwen. In de schaduw van de grote Indurain hoopt Olano het thuisvoordeel te kunnen uitbuiten. Hij heeft een kleine minuut achterstand op Riis. In de lange tijdrit bij Bordeaux wordt Olano door insiders in staat geacht het onderlinge verschil ongedaan te maken. Maar dan mag hij de komende dagen in de Pyreneeën geen kostbare tijd verliezen.

Olano wordt ten onrechte vergeleken met zijn landgenoot Indurain, die een mooiere kop, een mooiere stijl en een mooiere erelijst heeft. Van veraf vertonen de twee coureurs enige gelijkenis. Van dichtbij blijkt Olano flaporen te hebben. Zijn gezicht is veel opener dan dat van Indurain, die zich ook veel minder spraakzaam toont. Olano rijdt in Italiaanse dienst, Indurain is de kopman van het Spaanse Banesto.

De eendrachtige samenwerking van het Spaanse duo bij de afgelopen wereldkampioenschappen wekte bewondering bij de wielerliefhebbers. In Colombia won Indurain de individuele tijdrit en gaf hij Olano de ruimte om de rit naar zijn hand te zetten. Met een lekke band ging de outsider als eerste over de streep. “Iedereen denkt dat ik zonder Miguel niet zou hebben gewonnen, maar ik reed in mijn eentje wel de snelste tussenronde. Natuurlijk ben ik hem wel erg dankbaar. Als de kans zich voordoet, zal ik hem proberen te helpen.”

De wereldtitel in 1995 was des te opmerkelijker wegens zijn late aankomst in Colombia. Olano had de Ronde van Spanje nog in de benen, toen hij zich op het wereldkampioenschap ging voorbereiden. In de Vuelta won hij drie tijdritten. In Colombia bleek hij weinig last te hebben van het enorme hoogteverschil. Bijna alle wetenschappers hadden een terugval voorspeld, maar de ijle lucht ging aan Olano voorbij.

De wereldkampioen zweert bij de medische begeleiding van Michele Ferrari, die de meeste coureurs van Mapei onder zijn hoede heeft. Alle geruchten over de Italiaanse wonderdokter - preparen is het toverwoord - zijn niet aan de Spaanse allrounder besteed. Hij is een trainingsdier en acht zich bij Ferrari aan het goede adres. “Ik heb geen reden om niet in deze man te geloven. We voelen elkaar blindelings aan.”

De wereldtitel heeft Olano's privéleven drastisch veranderd. Van een tamelijk anonieme coureur werd hij van de ene op de andere dag een volksheld. Bij terugkeer uit Bogota wachtte hem vorig najaar een geweldig ontvangst. De meeste wielerfans stonden vergeefs te wachten op het vliegveld van Bilbao en wisten niet dat hun held naar Pamplona werd gevlogen. De wraak was zoet. Olano werd gedurende twee maanden van hot naar haar gestuurd. “Ik heb 65 feesten meegemaakt. Ik voelde me net een kozak”, zegt de man die normaal gesproken als een kluizenaar door het leven gaat.

Afgelopen winter heeft Olano de overtollige kilo's binnen een paar weken van zich afgetraind. Dit voorjaar deed hij voor het eerst van zich spreken in de Ronde van Romandië, waar hij vooral in de tijdrit aantoonde dat een groot wielertalent best een paar maanden rustig aan kan doen. In de Ronde van Italië behoorde hij tot de favorieten voor de eindzege. In het hooggebergte kwam hij echter nog tekort tegen de Rus Pavel Tonkov. Hij eindigde uiteindelijk als derde in Milaan.

Volgens zijn ploegleider Juan Fernandez heeft Olano de mogelijkheden om de komende jaren uit te groeien tot een groot ronderenner. Dit jaar is een leerjaar. Mede gezien zijn zware programma lijkt het uitgesloten dat hij over vijf dagen zijn eerste gele trui krijgt omgehangen.

“Rominger is mijn vriend en mijn grote voorbeeld. We werken samen aan het hoogst haalbare. Als één van ons op het podium staat, mogen we tevreden zijn.”