Meer onderzoek nieuwe medicijnen

DEN HAAG, 15 JULI. Minister Borst (Volksgezondheid) wil nieuwe geneesmiddelen eerst uitgebreid laten onderzoeken bij een beperkte groep patiënten alvorens ze voor vergoeding in aanmerking zullen komen. Borst heeft dit in een brief aan de Tweede Kamer meegedeeld.

Geneesmiddelen die verschillen van bestaande middelen of die een behandeling mogelijk maken voor een ziekte waar nu geen afdoende middel voor is, zouden volgens de regels voor vergoeding in aanmerking komen als de wetenschappelijke werking ervan bewezen is. Onder het vorige kabinet heeft staatssecretaris Simons (Volksgezondheid) echter besloten nieuwe geneesmiddelen niet meer automatisch tot het verzekeringspakket toe te laten. Sindsdien zijn alleen zes middelen waar geen therapie voor was en vier middelen die goedkoper waren dan bestaande medicijnen opgenomen in het pakket. Voor een aantal aids-middelen geldt een subsidieregeling.

Minister Borst zal het beleid iets versoepelen, maar wil geneesmiddelen nog niet automatisch vergoeden. Ze wil middelen waarvan de Europese Unie de werking heeft aangetoond opnieuw onderzoeken en beslissen of en hoe ze worden vergoed door de verzekeraars. Voor dit ontwikkelingsgeneeskundig onderzoek stelt ze vanaf 1997 twintig miljoen gulden beschikbaar.

Het plan van de minister houdt in dat een nieuw geneesmiddel wordt onderzocht bij een beperkte groep patiënten. Uit de test moet de therapeutische meerwaarde ten opzichte van bestaande medicijnen blijken of dat het middel een medische behandeling kan vervangen. Vervolgens moet onderzocht worden wat de kosten voor vergoeding zijn. Dergelijk onderzoek zal enkele maanden vergen.

Het budget voor geneesmiddelen zal volgens de minister wel geleidelijk moeten groeien. Borst denkt die ruimte te vinden door een aantal medicijnen uit het verzekeringspakket te verwijderen en door bezuinigingen op andere sectoren door te voeren. Ongeveer 25 medicijnen zouden nu voor een onderzoek in aanmerking komen.