Suu Kyi gelooft nog in democratie

RANGOON, 13 JULI. De Birmese oppositieleidster Aung San Suu Kyi voelt zich gesterkt door het vertrek van de bierbrouwers Heineken en Carlsberg deze week uit haar vaderland. In een vraaggesprek met deze krant zegt ze: “Bierbrouwerijen en grote hotels, daar zit dit land niet op te wachten, het is beter dat ze vertrekken.”

Sinds 1962 maakt het leger in Birma de dienst uit. Het Zuidoostaziatische land is een van de hardnekkigste dictaturen uit de regio. Toch blijft Suu Kyi, winnares van de Nobelprijs voor de Vrede in 1991, optimistisch over de kansen van haar oppositiepartij, de Nationale Liga voor Democratie (NLD). “Democratie zal er komen”, zegt ze, “geen regering, hoe repressief ook, kan op termijn de wil van het volk negeren.”

Vandaag en morgen houdt Suu Kyi bij de ingang van haar huis opnieuw haar wekelijkse politieke bijeenkomsten voor haar aanhangers. De hardnekkige opkomst van die aanhangers is de machthebbers een doorn in het oog. Volgens de opperbevelhebber van het leger, generaal Maung Aye, tweede man in de regerende Staatsraad voor Orde en Gezag (SLORC), verspreidt Aung San Suu Kyi “pure verzinsels, in samenwerking met de buitenlandse media, want in haar eigen land heeft ze niet voldoende steun”.

De NLD kreeg in 1990 bij de enige vrije verkiezingen die in meer dan dertig jaar gehouden werden 392 van de 485 parlementszetels, maar de junta liet zich weinig aan de uitslag gelegen liggen.

Het besluit van Heineken om uit Birma te vertrekken is onder zakenlieden in het land het gesprek van de dag, maar de algemene opvatting is dat het weinig zal veranderen aan de economische politiek van de SLORC. “Ik denk niet dat iemand hier wakker van ligt. Als de Europese brouwers niet investeren doen de Chinezen het wel met Tsingtao-bier of de Singaporezen met hun eigen merken”, zegt een Westerse zakenman, die uit angst voor represailles anoniem wenst te blijven.