Sapman voelt zich 'belazerd' door recherche

ANTWERPEN, 13 JULI. Hij zit zijn hele zakelijke leven - dertig jaar lang - al in het sap. Zijn grootvader deed in “advocaat en limonade”, vertelt hij, en zelf volgde hij een studie voor vruchtensapproduktie in Zürich. Het resultaat vervult hem met trots. “Ik maak de beste kiwisap van Europa, zoniet de hele wereld.” En dat niemand denkt dat hij een ongeletterd ondernemertje is. “Dagelijks lees ik de Financial Times en NRC Handelsblad”, vertelt hij.

Vorig jaar, tijdens de parlementaire enquête opsporingsmethoden, kreeg de in België werkende sapman nationale bekendheid. Van de ene op de andere dag viel hem het imago ten deel van een ondernemer die was verweven met de drugshandel. Een nieuw filiaal in Ecuador moest dienen als dekmantel voor drugsimporten van de Haarlemse politie-agenten Langendoen & Van Vondel. De miljoenen guldens investeringskosten van de sapfabriek Delta Rio in Guayaquil bleken te zijn betaald door de twee politie-agenten die bezig waren te infiltreren in drugsorganisaties.

Nadat hij door twijfel werd bevangen over de vrijgevigheid van de Haarlemse drugsbestrijders, meldde hij zich twee jaar geleden bij de Centrale recherche-informatiedienst (CRI) Zoetermeer. Hij vertelde de wonderlijke geschiedenis over zijn relatie met de Haarlemse politie en bij de CRI reageerde men met ongeloof. “Daarop ben ik mijn gesprekken met Van Vondel op gaan nemen. Toen wisten ze dat ik niet fantaseerde.” De CRI droeg hem over aan de rijksrecherche, en de 120 pagina's verklaring die hij in tien sessies in wisselende hotels over de wederwaardigheden met Langendoen & Van Vondel aflegde, vormen nu de basis voor vervolging wegens meineed van het voormalige koningskoppel.

Naar eigen zeggen kwam hij door stom toeval begin jaren negentig in contact met de Haarlemse politie die in IJmuiden 2.658 kilo cocaïne onderschepte die in vaten vruchtensap zat verstopt. Er bleek een levendige handel in de deklading te bestaan en de sapman profiteerde daarvan. “Maar ik had geen groot vertrouwen in alle handelspartners, daarom heb ik de politie ingelicht. Zo is het contact met Van Vondel tot stand gekomen.”

Over deze voormalige Haarlemse politieman is hij nog altijd vol lof. “Hij is een echte boevenvanger. Een man die nachtenlang met een zaklantaarntje bij een container zit te wachten tot de gangsters komen.” Dat de sapman negatieve ervaringen met Van Vondel opdeed, is volgens hem te wijten aan zijn toenmalige baas Langendoen. “Dat is een streber, hij speelt het niet open.” Zo bleek een door Van Vondel aangedragen medewerkster voor de sapfabriek in Ecuador een zuster van Langendoen, zonder dat hij daarvan op de hoogte was. “Zij maakte allerlei reisjes waarvan ik niets mocht weten. Samen met haar vriend, een Ecuadoriaan, probeert ze nu de sapfabriek af te pikken die ik heb opgezet. Die man heeft mij schriftelijk bedreigd. Ik heb dat de CRI gemeld.”

Na zijn verklaringen bij de rijksrecherche stapte de sapman september vorig jaar ook op Van Traa af om zijn verhaal achter gesloten deuren bij de parlementaire enquêtecommissie te doen. De sapman voelt zich ernstig benadeeld door Van Traa. “Hij heeft allerlei toezeggingen gedaan om informatie niet in het openbaar te brengen omdat er mensenlevens op het spel stonden. Hij heeft dat toch gedaan. Van Traa is een onbeschofte vlerk”.

Ook over het later gepubliceerde rijksrecherche-onderzoek is hij niet te spreken. “Zij hebben flarden van mijn verklaringen opgenomen zonder de grote lijn in de gaten te houden. Ik heb altijd beweerd dat 't Langendoen en Van Vondel alleen te doen was om boeven te vangen. Zij zijn geen zakkenvullers of corrupte politiemensen. Zeker Van Vondel niet. Maar die zaken vind je niet terug in het rapport van de rijksrecherche. Zij hebben mij zwaar belazerd”, moppert hij, terwijl zijn vrouw opnieuw de glazen vult met sinaasappelsap.

Dat er in ieder geval niet vanuit Ecuador door de Haarlemse politie drugs zijn geïmporteerd, valt af te leiden uit een brief die de leider van het rijksrecherche-team D. Pijl op 4 april aan de sapman schreef. “Uit een fact-finding onderzoek van de rijksrecherche is niet gebleken dat U of uw bedrijf strafbare handelingen hebben gepleegd in het kader van de illegale handel in verdovende middelen in de periode van 1992 tot en met 1995”.

Twee maanden geleden kreeg de sapman opnieuw bezoek van Van Vondel. Volgens de sapman meldde de voormalige CID'er hem dat er een einde aan zijn leven komt als hij getuigt op de terechtzitting waarop de mogelijke meineed van Langendoen en Van Vondel wordt behandeld. “Het is een bedreiging die komt van de mensen achter Van Vondel. Wie dat zijn, weet ik niet. Het kunnen criminelen zijn maar net zo goed politiemensen. Al die miljoenen die ik via Joost heb ontvangen, kwamen volgens mij rechtstreeks van de staat. Misschien was het wel ontwikkelingshulp, want Joost zeurde altijd dat ik de boeren in Zuid-Amerika niet tekort mocht doen. Ik weet dat Joost zegt dat het om crimineel geld ging, afkomstig van informanten, maar ik denk dat er nog een paar belangrijke politiebazen rondlopen die van de hoed en de rand weten en tot nu toe hun snor hebben gedrukt.”

Justitie gelooft vooralsnog niet dat de sapman in levensgevaar is. “Ik acht het weinig aannemelijk dat criminele figuren u zouden bedreigen”, schrijft officier van justitie Slits. Maar de sapman is er niet gerust op. Het liefst vertrekt hij als omgebouwde kroongetuige met een vals paspoort met de hele familie naar een veilig buitenland. Ook al kost 't hem zijn sapzaak die hem zeer aan het hart gaat.

Bij het afscheid staat hij erop dat zijn gasten een doos vol met flessen jus d'orange, grapefruit- en ananassap en cocktail nectar mee naar huis nemen. “De rijksrechercheurs weigeren steeds mijn flessen sap. Die denken dat dat corruptie is”.