Netanyahu's aanpak

IN ZIJN EERSTE WEKEN als premier van Israel heeft Benjamin Netanyahu Arabische vredespartners en andere omstanders weinig aanleiding gegeven hun wantrouwen in zijn bedoelingen bij te stellen. De harde opstelling die hij deze week tijdens zijn bezoek aan de Verenigde Staten inneemt, heeft ook bezorgdheid gewekt bij diegenen die in hem een pragmaticus vermoedden.

Op bezoek bij president Clinton deed hij niet veel meer dan zijn verkiezingsretoriek herhalen: met absolute veiligheid voor Israel zal het vrede zijn. Anders niet.

Netanyahu heeft in zekere zin gelijk waar het Syrië betreft. Te lang hebben de VS de ogen gesloten voor president Assads gebruik van de Libanese moslim-fundamentalistische guerrillabeweging Hezbollah om Israel onder druk te zetten. Iran is altijd plezierig beschikbaar als zwart schaap, maar het is bijvoorbeeld en feit dat Hezbollah vanuit door Syrië gecontroleerd gebied in Libanon opereert. De Amerikanen hoopten met hun benadering Syrië aan het vredesproces te binden. Maar of Assad werkelijk voor vrede heeft gekozen, blijft nog altijd betwistbaar en de vriendelijke Amerikaanse houding heeft hem geenszins bewogen aan die onzekerheid een einde te maken.

MAAR VERDER KAN Netanyahu's benadering alleen averechts werken. Hij stelt eisen, maar geeft niets toe. Integendeel, hij toont zich bereid met zijn Palestijnse vredespartners verder in gesprek te gaan mits die zich op alle punten aan bestaande overeenkomsten houden. Maar zelf maakt hij vooralsnog geen aanstalten tot de eveneens overeengekomen troepenterugtrekking uit de Palestijnse stad Hebron. Hij geeft geen aanwijzing wanneer de verstikkende afgrendeling van Palestijns gebied van Israel wordt versoepeld. Een Palestijnse staat of verdeling van Jeruzalem is absoluut taboe. Daarentegen laat hij ruimschoots doorschemeren dat aan de bouw van nieuwe nederzettingen in Palestijns gebied wordt gedacht: in elk geval schieten de prijzen van huizen in Israelische nederzettingen omhoog.

Elke onderhandeling veronderstelt geven en nemen, maar hier wordt slechts genomen, geven komt niet voor in het Israelische vocabulaire. De Palestijnse leider Yasser Arafat, door Netanyahu zo goed als genegeerd als vredespartner, blijft met lege handen achter. Bestaand ongenoegen onder de Palestijnse bevolking wordt slechts aangewakkerd, terrorisme juist aangemoedigd. Netanyahu's 'veiligheid' zou op die manier in uiterste consequentie een hernieuwde bezetting kunnen noodzaken. Zou dat in het belang van Israel zijn?

Zover is het nog niet. De Israelische premier wist dat hij in Washington een thuiswedstrijd speelde. Hij vertolkte harde standpunten op een moment waarop Clinton, midden in zijn herverkiezingscampagne en met een oog op de invloedrijk geachte joodse stem, geen tegendruk wilde uitoefenen. Na diens - waarschijnlijke - herverkiezing zal dat zonder enige twijfel anders worden. Het is niet toevallig dat Netanyahu in het Congres zei de Israelische afhankelijkheid van Amerikaanse hulp te willen verminderen. Maar zo gemakkelijk gaat dat niet, en afgezien daarvan, supermacht Amerika laat hoe dan ook niet met zich sollen.

VOLGENDE WEEK ZAL de Israelische premier een bezoek aan koning Hussein in Amman brengen en kort daarop aan de Egyptische president Hosni Mubarak. De Arabische reacties op Netanyahu's woorden in Washington zijn voorspelbaar woedend, maar ook aan die zijde is de retoriek een graag gehanteerd werktuig. Het is nu hoog tijd tot zaken te komen, er is al te veel gezegd. De terrorist wacht niet.