Moskou wacht angstig op herfstcrisis

MOSKOU, 13 JULI. Zijn baas mag dan vorige week historische verkiezingen hebben gewonnen, de Russische premier Viktor Tsjernomyrdin werd daarna wakker met hoofdpijn. Niet van de champagne, zo zei hij zelf, maar van de zorgen.

Hoewel het nog te vroeg is om de rekening van de verkiezingen op te maken, wordt in Moskou alom gewaarschuwd voor een financiële crisis.

“Een financiële en economische crisis wordt verwacht in de nazomer of de herfst”, zei de nieuwe secretaris van de Veiligheidsraad, Aleksandr Lebed, deze week. “Het land kan exploderen, de economie kan uit elkaar vallen en de economische veiligheid kan tot het nulpunt dalen.”

'Geen reden voor euforie', luidde de kop boven een artikel van Michail Deljagin, een economisch adviseur van het Kremlin, in Izvestija. De economie bevindt zich volgens hem in 'de gevarenzone'. Deljagin wees er op dat, in tegenstelling tot berichten dat het diepste dal gepasseerd is, het bruto nationaal produkt in vergelijking met een jaar geleden toch weer met 7 procent is gekrompen.

En minister van financiën Vladimir Panskov, in een vraaggesprek met het persbureau Interfax, bekende dat indien niet snel een 'radicale oplossing' wordt gevonden voor de almaar teruglopende overheidsinkomsten, de overheid komende herfst wel kan sluiten. “Alle federale programma's die de regering heeft goedgekeurd, zullen in de lucht blijven hangen. Hun uitvoering zal onmogelijk zijn.”

Een dissident geluid kwam alleen van de Zweedse econoom die zich al enkele jaren intensief met Rusland bezig houdt, Anders Aslund. “Al dat overbodige gepraat over een nieuwe economische crisis in de herfst - ik zie er geen enkele basis voor. Degenen die er over praten, zouden beter hun cijfers wat beter kunnen controleren.” Het belangrijkste is, aldus Aslund, dat bij de presidentsverkiezingen behalve de democratie ook de markteconomie heeft gewonnen. Nu het gevaar van een terugkeer van het communisme is geweken, betoogde hij, “kunnen we Rusland beschouwen als een markteconomie. De vraag is nu niet meer in welke richting die economie zich zal ontwikkelen. De vraag is hoe snel de Russische economie op orde zal zijn gebracht en hoe groot de groei zal zijn.”

Dat op orde brengen van de economie, dat is precies de taak die premier Tsjernomyrdin kopzorgen geeft. Tsjernomyrdin, premier sinds december 1992, is door de herkozen president aangewezen om een nieuwe regering te vormen. Na maanden waarin het hele economische leven in het teken heeft gestaan van de verkiezingen, “moeten we het allemaal verantwoorden”, verzuchtte hij op een moment dat Jeltsin nog de felicitaties in ontvangst stond te nemen.

Jeltsin zelf zei deze week in een televisietoespraak dat de 30 miljoen stemmen voor de communisten “een belangrijke les waren geweest om zijn eigen tekortkomingen en de fouten van de regering in te zien”. Maar daarna kwam hij met nieuwe beloften en niet met aansporingen om de buikriem aan te halen. Het economisch beleid zal “serieuze correcties” ondergaan teneinde “de produktie te doen herleven, fabrieken van orders te voorzien en mensen van werk, teneinde een verbetering van de levensomstandigheden van elke Russische familie te verbeteren”.

Het had een campagneslogan van zijn communistische tegenstander Zjoeganov kunnen zijn en wat de president precies in gedachten heeft, bleef in het midden. Zijn belangrijkste economische adviseur, Aleksandr Livsjits, heeft echter eerder deze week gezegd dat “een lage inflatie niet het enige doel is van economisch beleid”. Door een streng financieel beleid is de geldontwaarding teruggebracht van bijna 17 procent per maand in januari 1995 tot iets meer dan 1 procent in juni dit jaar. Livsjits zei dat een inflatie van 2 procent per maand ook nog wel als succes kan worden gepresenteerd. Dit kan erop duiden dat de regering van plan is de industriële produktie met overheidsgeld te stimuleren.

Maar welk overheidsgeld? Van alle opgaven die de nieuwe regering wachten is het in orde brengen van de overheidsfinanciën zonder twijfel de zwaarste. De inkomsten van de staat zijn de eerste helft van dit jaar volgens officiële cijfers meer dan 25 miljard gulden achtergebleven bij de verwachtingen. Belangrijkste oorzaak is de gebrekkige belastingheffing: de belastingdienst heeft tot nu toe 40 procent minder geïnd dan was begroot.

De belastingmoraal in Rusland is al sinds de invoering van de markteconomie (en de daarbij horende wijze van belastingheffing) beneden peil. De controle laat te wensen over, terwijl degene die zich bereid toont te betalen wordt geconfronteerd met duizelingwekkende aanslagen. Ontduiking is dus de norm. Volgens sommige schattingen onttrekt veertig procent van de economische activiteit zich zelfs geheel aan het zicht van de overheid.

De federale regering kreeg in 1994 nog een bedrag gelijk aan 11,5 procent van het bruto nationaal produkt aan belastinginkomsten binnen, een kwart van het percentage dat in sommige Westeuropese landen gebruikelijk is. In de maanden voorafgaand aan de presidentsverkiezingen zijn de inkomsten uit belasting nog verder gedaald tot 9 procent van het BNP.

“Sommigen, communisten, betaalden niet omdat zij wachten tot hun vriendjes aan de macht zouden komen. Anderen, liberalen, betaalden niet omdat zij wilden afwachten wat er zou gebeuren”, zo verklaarde minister van economische zaken Jevgeni Jasin. Naar verluidt waren verscheidene ondernemers van plan na een eventuele overwinning van de communisten hun biezen te pakken.

De regering talmde de eerste helft van dit jaar echter ook zelf met de belastingheffing. De zittende macht schrok er voor terug fabrieksdirecteuren en regionale leiders met aanmaningen te confronteren, omdat hun steun hard nodig was voor de verkiezingen, zei Jaroslav Lisovolik, econoom bij het Russisch-Europese Centrum voor Economisch Beleid. “De overheid had geen onderhandelingspositie.”

Aan de uitgavenkant is het beeld minder duidelijk, maar daarom nog niet minder slecht. Hoewel de kandidaten officieel maximaal 5 miljoen gulden aan hun campagnes mochten uitgeven, heeft Boris Jeltsin volgens sommige schattingen de afgelopen maanden meer dan 150 miljoen aan tv-reclame en bill-boards gespendeerd. Welk deel van dit bedrag van particuliere geldschieters komt en welk deel uit de staatskas is eenvoudig niet bekend.

In eenzelfde nevel - of donkere wolk - zijn de beloften gehuld die Jeltsin tijdens zijn campagne heeft gedaan. Volgens sommige berekeningen heeft hij de kiezers voor meer dan tien miljard gulden aan allerlei plannen en steunmaatregelen toegezegd. Hogere beurzen voor studenten, hogere pensioenen voor bejaarden, salarisverhoging voor onderwijzers, een bibliotheek voor de stad Archangelsk, een auto voor een klagende mevrouw in Vorkoeta. Jeltsin schrok er zelfs niet voor terug hiervoor de reserves van de Centrale Bank aan te spreken.

Ook hier is Aslund weer optimistischer dan de meeste Russen zelf. Jeltsin zelf onderstreepte deze week nog eens dat hij zijn beloften zal nakomen. Verschillende Russische kranten hebben aangekondigd het daaraan te houden. Maar Aslund zei: “Hoeveel geld heeft hij nou eigenlijk beloofd? Het simpele antwoord luidt: niet erg veel. Net als een Amerikaanse president die door het land reist, heeft hij op luide toon kleine hoeveelheden beloofd en over grote hoeveelheden alleen vaag gesproken.”

Dan zijn er ook nog economen die de rekening van de verkiezingen niet zozeer zien oplopen door de campagnebeloften van Jeltsin, alswel door de dreiging van een overwinning van de communisten. “We kunnen een tijdschema bedenken voor de beloften, ze zo spreiden dat zij geen schade berokkenen aan de economie”, zei minister van economische zaken Jasin afgelopen weekeinde. “Angst in de tijd voor de verkiezingen heeft meer schade gedaan, door investeringen op te houden en te leiden tot kapitaalvlucht.” Cijfers noemde hij echter niet.

Hoe dan ook, Tsjernomyrdin heeft zijn eerste kabinetszitting na de verkiezingen, afgelopen vrijdag, bijna geheel gewijd aan de voorbereiding van “urgente maatregelen” aan om de belastinkomsten te verhogen en de overheidsuitgaven te verminderen. Wat er precies is te verwachten onthulde hij niet. Maar presidentieel adviseur Livsjits, lichtte dinsdag alvast een tip van de sluier op. Alle bestaande vrijstellingen van belastingbetaling zullen worden opgeheven, aldus Livsjits. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de naar schatting tien miljoen Russen die zich met boodschappenreizen in leven houden: de korte trips naar goedkope bestemmingen om consumptiegoederen in te slaan met het doel die in eigen land weer te verkopen. Vóór de verkiezingen werden deze 'pendelaars', die hun handelswaar als persoonlijke bezittingen invoeren en zo heffingen ontduiken, nog ontzien.

Bedrijven die achterstand bij hun belastingbetaling oplopen, zullen “persoonlijk onder handen worden genomen”. Dat kan onder andere betekenen dat van een wanbetaler op één na alle bankrekeningen worden afgesloten, en die ene zou dan onder directe controle van de overheid komen. Ondernemingen die daarentegen trouw betalen zouden verlaging van hun belastingsom kunnen tegemoet zien.

De clemente houding van de federale overheid jegens de regionale besturen is eveneens verleden tijd, zei Livsjits. “De orde zal worden teruggebracht” in het beleid van de afgelopen maanden om schulden door de vingers te extra geld voor lonen en uitkeringen te sturen teneinde kiezers voor Jeltsin te winnen. “Kortom: de Russische kassa voor het uitdelen van geld aan de regio's wordt wegens inventarisatie gesloten.”

De persconferentie van Livsjits kreeg ruim aandacht op alle drie de landelijke televisiezenders. Kortom, de eerste week na de verkiezingen heeft niet in het teken gestaan van euforie en optimisme, maar van waarschuwingen en crisis-scenario's. “De politiek staat in het krijt bij de economie”, vatte Livsjits samen. “De tijd is gekomen om de schuld terug te betalen.”

    • Hans Nijenhuis