Siemens verdacht van corruptie in Spanje

Het Duitse industrieconcern Siemens wordt verdacht van smeergeldpraktijken in Spanje bij de aanleg van de hoge-snelheidslijn Madrid-Sevilla. Siemens zou een miljard peseta (13 miljoen gulden) hebben overgemaakt aan bedrijven die banden hebben met de socialistische partij (PSOE) van oud-premier Gonzalez. Dat staat in een in Spanje uitgelekt rapport van deskundigen van het ministerie van Financiën in Madrid.

Het stuk is overgedragen aan onderzoeksrechter Teresa Chacon, die zich buigt over vermeende illegale financiering van de PSOE, die tussen 1982 en april van dit jaar aan de macht was.

Het leeuwendeel van het geld, ruim 917 miljoen peseta, zou Siemens tussen 1989 en 1994 hebben overgemaakt naar GMP Consultores. Dit bedrijf werd opgericht door Juan Carlos Mangana, ex-lid van het verkiezingscomité van de PSOE en Sotero Jimenez, voormalig particulier secretaris van de financieel eerste man van PSOE. Eind december 1995 schreven twee Zwitserse bladen al over de miljoenen dollars die Siemens naar Luis Roldan, ex-topman van de Guardia Civil en andere topfiguren in de Spaanse regering zou hebben gesluisd om de opdracht voor de aanleg van de HSL-lijn te verkrijgen. Siemens verwierp de aantijgingen toen als zijnde 'pure speculatie'. Het Duitse concern sleepte inderdaad enkele kapitale opdrachten in de wacht als partner in een Duits-Spaans consortium. Het betrof de elektrificering en de aanleg van spoorwegen, ter waarde van 1,2 miljard mark, en de levering van locomotieven, waarmee 600 miljoen mark was gemoeid. Siemens sluit niet uit dat er steekpenningen zijn betaald, maar wast zelf zijn handen in onschuld. Het concern stelt dat het destijds adviesbureaus in de arm heeft genomen. “We kunnen in dit stadium van het onderzoek niet uitsluiten dat deze bureaus banden hadden met of geld hebben overgemaakt naar de PSOE.”