Master-class voor de nobele wilde; De plannen voor een popmuziek-academie

Het beheersen van een instrument wordt in de popmuziek niet per se als een verdienste beschouwd. Toch worden er op dit moment op verschillende plaatsen plannen gemaakt voor een Nederlandse 'Rock Academy' “Buitenschoolse activiteiten zullen verplicht worden gesteld.”

Waar ontstaat popmuziek? Liefst in bedompte oefenruimtes, op straat of in een oude garage - want pop gedijt bij ontbering. De gitaarheld van de toekomst oefent op zijn zolderkamertje, gaat voortijdig het huis uit en slaapt, zoals Kurt Cobain, een tijdje onder bruggen. Dan kan de glorie beginnen.

Maar als het aan de Stichting Popmuziek Nederland ligt zal zich binnenkort een nieuw type muzikant ontwikkelen. De eigenwijze tiener wordt een consciëntieuze student die zich bezighoudt met studiotechniek en arrangeren, een module podiumbelichting of een cursus tekstschrijven. Om dit te bewerkstelligen zal de SPN begin volgende maand bij het Ministerie van Onderwijs, en bij de Raad voor Cultuur een plan indienen ter oprichting van de eerste Nederlandse Rock Academy.

De Rock Academy moet een onderdeel worden van het popcluster dat op dit moment gebouwd wordt in Tilburg. Dit multifunctionele popcentrum krijgt twee zalen, een rechtswinkel voor popmuzikanten en een onderkomen voor de Stichting Brabant Pop. Als daar inderdaad een Rock Academy aan wordt toegevoegd, kunnen de leerlingen mooi gebruik maken van de toch al aanwezige podia, oefenruimtes en kleedkamers. Een van de attracties zal zijn dat de popmuzikanten die 's avonds optreden in een van de zalen, 's middags een master class kunnen geven. De SPN wil bovendien het studeren op afstand, via Internet, mogelijk maken.

De Stichting Popmuziek Nederland schetst de toekomstige popschool als een luxe kweekvijver voor talent. Alles moet kunnen: er zal vrijheid heersen èn discipline, kundige begeleiding èn spontaniteit. Men kan er een jaar studeren maar ook slechts drie maanden. En al moeten dorre onderwerpen als belastingzaken en auteursrecht tot het curriculum behoren, ook alle gitaartechnieken zullen hier onderwezen worden, van fingerpicking tot slide guitar.

Liverpool

Met de oprichting van de Rock Academy moet een lacune in het Nederlandse kunstonderwijs worden gedicht. Duitsland heeft een Jazz & Rock Schule in Freiburg, er is een rockschool in het Franse Nancy en een in Liverpool, maar in Nederland bestaat niets van dien aard. Ons land mag dan voorop lopen waar het gaat om podiumplannen en allerhande pop-subsidies, met het onderwijs in popmuziek is het droevig gesteld.

Het begint al op de muziekschool. Voor alle tieners die tegenwoordig liever drum leren spelen dan harp of blokfluit, zijn nauwelijks gekwalificeerde leerkrachten. Om op de muziekschool les te mogen geven, moet een docent zelf in die richting zijn afgestudeerd aan een conservatorium, maar de Nederlandse conservatoria houden nog altijd vast aan het onderscheid tussen 'hoge' en 'lage cultuur': waarbij klassiek 'hoog' is en pop 'laag'. Daardoor valt pop als zelfstandige studierichting al zo'n twintig jaar buiten de boot. In het gunstige geval zit ze ondergeschoven bij jazz, op de afdeling 'lichte muziek'. Een drummer die in een popband wil spelen moet eerst jazz studeren - wie eenmaal de complexe jazzritmes kent kan ook in een popband drummen, is de gedachtegang.

Conservatoria weten zich geen raad met popmuziek. Klassieke muziek en 'Ha-Fa-Bra' (harmonie, fanfare, brass band) hebben een lange geschiedenis en weten zich jaar in jaar uit verzekerd van riante subsidies. Popmuziek daarentegen bestaat nog maar veertig jaar, past niet in de bestaande onderwijsstructuren en onttrekt zich bovendien aan de klassieke opvattingen over solfège en harmonieleer.

Op het Koninklijk Conservatorium in Den Haag is het afgelopen jaar nagedacht over een op te richten pop-opleiding. Het eerste obstakel was de naam: popmuziek. De populaire muziek van tegenwoordig is zo wijd vertakt dat 'popmuziek' de lading - van speed metal tot wereldmuziek - niet meer dekt, zo meende de voorbereidende commissie. Daarom bedacht men de term 'New Arts Performance', voor een richting waar studenten niet alleen een bepaald instrument leren beheersen, maar ook les krijgen in choreografie, dramaturgie en decorbouw; de afgestudeerde student zal zich op het podium optimaal kunnen presenteren.

Dit ambitieuze plan had het komende seizoen moeten worden uitgevoerd, maar blijkt voor onbepaalde tijd te zijn uitgesteld. “We waren er nog niet helemaal uit”, vertelt Frans Evers van de afdeling jazz en sonologie van het Haagse Conservatorium, die in de oprichtings-commissie zat. “We zijn het aan onze naam verplicht om pas te beginnen met iets dat helemaal goed is. En ach, die poprichting is er al zo lang niet, één jaartje meer of minder maakt ook niet meer uit.”

Componist

Nu de gevestigde conservatoria het af laten weten, moet de zelfstandige Rock Academy er zeker komen, vindt Jaap van Beusekom, directeur van de Stichting Popmuziek Nederland. Deze school zal kunnen opleiden tot popdocent, zelfstandig popmuzikant, studio-muzikant, componist van muziek bij reclames of televisie-programma's, en begeleidend muzikant. De selectiecriteria moeten streng zijn, want de school mag niet 'opleiden tot werkeloosheid', zegt Van Beusekom.

Het blijft de vraag hoe popmuziek aan de studenten moet worden onderwezen. Popmuziek is in de loop van veertig jaar uitgegroeid tot een muziekrichting met eigen normen; het beheersen van een instrument wordt niet per se als een verdienste beschouwd en 'virtuositeit' is een vies woord. De popmuzikant is een self made man, voor wie het publiek haar waardering meestal uitdrukt in termen als 'origineel', 'gedreven' of 'emotioneel'.

Maar het idee dat hier aan ten grondslag ligt, de muzikant als nobele wilde die kan toveren met drie akkoorden, is een hardnekkig misverstand. Popmuzikanten studeren wel degelijk. Niet alleen door eindeloos mee te spelen met favoriete platen, maar ook op gitaar-, drum- of zangles. De Engelse zangeres PJ Harvey mag dan zingen als een zwarte blueszanger op een veranda in het zuiden van de Verenigde Staten, ze studeert ondertussen wel bij een operazangeres om het bereik van haar stemuitdrukkingen te vergroten.

Het aantal geschoolde popmuzikanten zal de komende tien jaar explosief toenemen, meent gitaarleraar Hans Kunneman van het Alkmaars Conservatorium, waar popmuziek wordt onderwezen als onderafdeling van jazz. “Popmusici zijn steeds vaker geïnteresseerd in de ambachtelijke aspecten van hun vak. Zo zie je dat in Amerika inmiddels al meerdere goedlopende rockscholen bestaan.”

Metal

Axel Gunning, afgestudeerd als uitvoerend gitarist aan de afdeling lichte muziek van het Rotterdams Conservatorium, vertelt dat de belangstelling van conservatorium-studenten voor popmuziek groot is. “Als afstudeerproject van de afdeling lichte muziek moet iedereen een compleet concert geven. Het accent bij deze optredens ligt steeds vaker op popmuziek, jazz is veel minder populair. Alle studenten formeren groepjes, variërend van soul, met blazers en zwarte zangeressen, tot metal.” Maar over de kennis van de leerkrachten van popmuziek is Gunning niet erg te spreken. “De studenten moeten de docenten op de hoogte houden.”

Over het lesgeven in popmuziek zegt Hans Kunneman van het Conservatorium in Alkmaar: “Popmuziek is vrijheid. Het ambachtelijke aspect kunnen de studenten leren maar het artistieke gedeelte moet uit hen zelf komen. Een pop-opleiding moet 'verplichte vrijheid' inbouwen. Ongeveer zoals op kunstacademies, waar studenten ook vrij werken.” Op het Alkmaars Conservatorium wordt het onderwijs daarom twee keer per jaar een week gestaakt. De leerlingen mogen dan op eigen gelegenheid muziek maken en presenteren zich na die week met een optreden. “Maar dat is nog altijd niet genoeg. Je ziet dat veel mensen toch te sterk in de pas blijven lopen,” zegt Kunneman.

“Pop is heel anders dan jazz: bij jazz gaat het om de acrobatiek met het materiaal, bij pop gaat het om het liedje. Daarom is jazz makkelijker te doceren: in die acrobatiek zit veel techniek, en dat is een onderwerp dat je tenminste kunt onderwijzen - even los van de vraag of het ook wenselijk is. Als popstudent is er juist het gevaar dat je geïntimideerd raakt door de techniek, door alles wat je nog niet kunt. Dat is een ballast.”

Over de vraag hoe pop op de eerste Nederlandse Rock Academy gedoceerd moet worden, wordt nog nagedacht. Bertus Borgers, saxofonist en leraar in ensemble-spelen op de afdeling lichte muziek van het Rotterdams Conservatorium, zit in de commissie. Dat aan techniek alles te leren moet zijn, staat vast, vertelt hij. Maar Borgers noemt ook het 'gevaar van het dwingende curriculum' en zegt dat het succes van de lessen sterk zal samenhangen met wat zich juist buiten de lessen afspeelt. “We moeten voorkomen dat de leerlingen alleen nog maar doen wat het programma van ze vraagt,” zegt Borgers. “Buitenschoolse activiteiten zullen verplicht worden gesteld. Iedereen die op deze school wordt toegelaten moet naast school nog in een bandje spelen, manager zijn van een groep, of een poppodium programmeren. Die praktijk-ervaring blijft cruciaal. Wie tijdens het schooljaar buiten de lessen niets onderneemt, wordt alsnog van school gestuurd.”