'Slimme en charmante zet' in Heineken-affaire

SINGAPORE, 11 JULI. Het Aziatische bedrijfsleven heeft aanmerkelijk minder problemen met zaken doen met het militaire regime in Birma dan de Europese en Amerikaanse concurrenten.

Als bewijs voor die stelling kwam Fraser & Neave (F&N), de Singaporese partner van Heineken in Asia Pacific Breweries (APB) vandaag met een opmerkelijk besluit naar buiten. Het miljardenconcern maakte bekend dat het de aandelen van APB (indirect zijn dat de aandelen van Heineken) in de Birmeese brouwerij overneemt. Fraiser & Neave wordt op die manier de nieuwe partner in 'Myanmar Brewery Limited' waarvan het straks zestig procent van de aandelen bezit. De overige veertig procent blijft in handen van de militaire regering van Birma.

De mededeling van Fraiser & Neave is een zorgvuldig bedachte reactie op de beslissing van Heineken om haar investering in Birma stop te zetten. Het geschuif met belangen en aandelen dat volgde, lijkt ingewikkeld maar komt er simpel gezegd op neer dat Fraiser & Neave, dat net als Heineken grootaandeelhouder is in APB, het belang van Heineken in de Birmeese brouwerij overneemt.

Heinekens aandeel in de nieuwe brouwerij in Birma liep via APB waarin de Nederlandse onderneming een belang van circa 42,5 procent heeft. Toen Heineken besloot zich terug te trekken uit Birma, stond APB voor de vraag of zij moest volgen of niet. In feite moest die vraag worden beantwoord door de andere grootaandeelhouder Fraiser & Neave, die net als Heineken een belang van circa 42,5 procent in APB heeft. De overige aandelen staan genoteerd op de beurs van Singapore.

“Heineken wilde zijn banden met de Birmese vestiging verbreken. Eén van de manieren daarvoor was afstand te doen van het belang in APB. Maar de directie van APB, gesteund door de andere aandeelhouder Fraiser & Neave, was er van overtuigd dat zo'n stap niet de beste oplossing was voor alle aandeelhouders van APB. Want door onze hechte banden met Heineken zijn er significante voordelen behaald”, zegt APB-woordvoerster Mavis Kuek.

APB besloot derhalve Heineken te volgen en zich als geheel terug te trekken uit Birma. Dus samen met Heineken vertrok ook de andere aandeelhouder Fraiser & Neave uit Birma. Maar het vertrek van die laatste was, zo blijkt nu, voor zeer korte duur.

Door zijn belang te verkopen aan grootaandeelhouder Fraiser & Neave heeft APB een even slimme als charmante oplossing gevonden voor het probleem waarmee zijn andere grootaandeelhouder Heineken zich door de groeiende internationale protesten geconfronteerd zag. APB kon het als grotendeels Singaporese onderneming niet maken helemaal te vertrekken uit Birma. Hoofdreden daarvoor is dat de Singaporese regering een van de grootste supporters van het militaire bewind is. Singapore is met bijna veertig projecten met een totale waarde van iets minder dan een miljard gulden een van de grootste investeerders in Birma.

De regering van de eiland-republiek steunt het Birmeese regime openlijk. Vaak gebeurt dat bij monde van de nog steeds zeer invloedrijke oud premier Lee Kuan Yew. Lee zei een paar weken geleden, toen hem werd gevraagd naar de situatie in Birma, zonder enige terughoudendheid dat “een militair bewind voor Birma het beste is voor dat land.” “Er is daar maar één mogelijke regering: het leger. Als ik Ang San Suu Kyi was zou ik liever een symbool blijven achter het hek van haar huis, dan na twee, drie jaar afhaken als mislukt regeringsleider,” aldus Lee.

De meeste Aziaten houden er een soortgelijke houding richting Birma op na. Vrijwel niemand uit openlijk kritiek op het militaire bewind in het land. Alleen vanuit Thailand en de Filippijnen klonken de afgelopen dagen voorzichtig wat kritische geluiden. Voor veel Aziatische landen geldt de ongeschreven regel dat je je niet bemoeit met elkaars binnenlandse aangelegenheden. Daarnaast leeft bij veel Aziaten de gedachte dat een economische boycot een averechts effect zou hebben in Birma.

Juist meer investeren en zowel economisch als politiek constructieve banden met elkaar aanknopen, zal in Birma leiden tot vrede, stabiliteit, welvaart en op termijn ook democratie, zo is de gedachte in het Verre Oosten.

Derhalve rest de Aziaat de simpele, zakelijke afweging: Birma heeft over een paar jaar een consumentenmarkt om van te watertanden. Wie er nu als eerste investeert, heeft straks de beste kansen op winst.

Die gedachte bracht ook Fraiser & Neave tot het besluit de APB aandelen in de Birmese brouwerij te kopen. Het miljardenconcern voorkomt op die manier dat het de Singaporese regering voor het hoofd stoot.

De Singaporezen zouden, als APB haar aandeel aan een niet-Singaporees bedrijf had verkocht, veel hebben moeten uitleggen aan de generaals in Rangoon. Nu kunnen ze met elkaar blijven praten, reizen en golven en blijft de goede verhouding in tact. Bovendien zit APB via haar grootaandelhouder Fraiser & Neave nog steeds dicht bij het vuur.

Fraiser & Neave haalde tot nu toe zijn omzet vooral uit de verkoop van frisdranken en zuivelprodukten. Ook vormt het concern een belangrijke factor in de onroerend goedwereld. De jaaromzet bedraagt ruim vier miljard dollar. Topman is de flamboyante zestig-plusser Michael Fam.

Door zijn APB-collega's, met wie hij de blinkende kantoortoren Alexandra Point in het zuiden van Singapore deelt, wordt hij wel eens grappend de Aziatische versie van Freddy Heineken genoemd. Nu hij zonder APB verder moet in de Birmese brouwerij is het aan hem om te bewijzen of hij net zoveel verstand heeft van bier als de Nederlandse brouwer.

    • Max Christern