Peter Kuit stampt woede eruit

Peter Kuit tapt niet op jazz-muziek maar op house. Dat toont hij tijdens zijn optreden in de show van Madame Currie, in een circustent op het zomerfestival De Parade. Gisteren begon het festival in Den Haag.

Peter Kuit treedt op in de Currieshow op Theaterfestival De Parade. Den Haag, t/m 14 juli; Utrecht, 19 t/m 28 juli; Amsterdam, 2 t/m 18 augustus.

Peter Kuit is een introverte danser. Als hij aan het tappen is kijkt hij niet naar het publiek, maar er overheen. Zijn armen hangen losjes langs zijn lichaam en bewegen mee met de wilde sprongen die hij maakt. Zijn bewegingen lijken niet op die van beroemde tappers uit de jaren dertig en veertig. Hij heeft niets frivools of vrolijks, maar swingt furieus stampend en knetterend over het podium heen alsof hij angstige gedachten onder zijn voeten tot stof moet vergruizen.

Tappen op housemuziek is Kuits specialiteit. Dat laat hij zien tijdens zijn optreden in de show van Madame Currie, in een circustent op het zomerfestival De Parade. Het begint als een griezelige droom. Het ronde podium begint te draaien, sneller en sneller, tot het gieren en bonken van het onderstel hoorbaar is. Kuit springt erop en rent, maar komt niet vooruit. De vloer draait onder hem weg. In paniek zwetend roept hij “Hé!”. Het draaiende podium komt langzaam tot stilstand. De nachtmerrie is voorbij.

Een basgitaar begint een rustig ritme te spelen en Kuit tapt. Zijn voeten lijken nauwelijks te bewegen, maar produceren verbazend veel ritmische roffels op de grond. Dan barst de housemuziek los. Kuit springt energiek het hele podium over, er omheen, danst rond de palen van de tent vlak langs de benen van de toeschouwers. Het doffe diepe geluid van de hakken en het tikken van de tenen wisselen elkaar af in een vituoos drumconcert. Het verandert de saaie house in een fantasievol geheel dat het publiek opzweept.

“Ik tap vanuit mijn gevoel en meestal uit woede”, legt Peter Kuit na de voorstelling uit. “Maar soms dans ik ook melancholiek.” Hij tikt met zijn voet op de grond om te laten horen hoe melancholieke tap kan klinken. De tikken zwellen aan tot een hard geboem-boem en verdwijnen weer in het niet. De meisjes die in de nok van de circustent de spotlights naar beneden halen kijken verschrikt naar beneden.

Kuit wil niet veel vertellen over die emoties. Hij legt uit dat hij ze gebruikt in de muziek die hij met zijn voeten maakt. “Ik ben in de eerste plaats improviserend muzikant. Mijn beweging staat in dienst van het ritme. Voor deze voorstelling heb ik veel aan mijn klank gewerkt en drumboeken bestudeerd om meer te weten te komen over ritmes.”

Kuit heeft de muziek van zijn optreden samen met de pianist van de show gemaakt. “Ik heb ritmisch voor iedereen verzonnen wat zij moeten spelen, de pianist deed de melodie.” De muziek verandert van swing-beat, een popvariant van Jazz, in housemuziek.

Volgens Kuit is het een misverstand dat tappen gewoondelijk op Jazzmuziek wordt gedaan. “Tapdance is bekend geworden in de jaren dertig en veertig met de muziek die in die tijd populair was, maar daarvoor werd er op andere muziek getapt, vooral op Ierse en Schotse volksmuziek.” Kuit blijft die traditie trouw en tapt dus op de muziek die nu populair is: house.

Voor housetap is geen speciale danstechniek vereist, alleen een goede conditie: “Tappen op house is hard werken. Je moet veel snelheid hebben en veel kracht. Voor deze show heb ik 9 uur per dag getraind. Aldoor maar tappen, tappen, tappen.”

Kuit is zelf weinig onder de indruk van zijn uitvinding, de housetap. Hij tapt al jaren op housemuziek. Aan het begin van de house trad hij op met Hans Dulfer in discotheken, maar dat is nu voorbij. “Nu de house groot en commercieel is geworden wil niemand ons meer hebben”, zegt hij. Hij haalt zijn schouders op: “Dulfer heeft het veel te druk. En, trouwens, ik eigenlijk ook.”