Onduidelijke status 'illegale' scholieren

DEN HAAG, 11 JULI. De rechtbank in Amsterdam behandelt geen zaken van illegalen die een verblijfsvergunning aanvragen op grond van het feit dat ze schoolgaande kinderen hebben. De rechtbank wil van staatssecretaris Schmitz (Justitie) eerst een duidelijk beleid voor het verlenen van verblijfsvergunningen in dergelijke gevallen.

Het ministerie van Justitie komt binnenkort met een notitie die meer duidelijkheid moet verschaffen. Maar volgens een woordvoerder van Schmitz is het nauwelijks mogelijk richtlijnen op te stellen omdat aanvragen vaak sterk per individu verschillen.

“Het zijn individuele zaken die elk een individuele beslissing vergen. Als je overal richtlijnen voor zou kunnen opstellen heb je geen staatssecretaris meer nodig.”

In Amsterdam heeft de rechtbank sinds maart twintig gevallen laten liggen waarbij illegale buitenlanders een verblijfsvergunning wilden afdwingen. Justitie stelt dat als iemand zes jaar in Nederland woont en 'wit' werkt in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning.

Sommige buitenlanders, die bijna zes jaar in Nederland wonen, vragen een verblijfsvergunning omdat hun kind op school zit en is ingeburgerd in de Nederlandse samenleving. Dit leidde in het verleden ertoe dat in het ene geval wel een verblijfsvergunning werd afgegeven en in het andere geval niet.

Vorige week bepaalde de rechtbank dat een Marokkaans meisje dat pas drie jaar in Nederland woont, mocht blijven. Het meisje woonde bij haar moeder, die wel een verblijfsvergunning had.

De rechtbank pleitte in het vonnis voor een duidelijk toetsingskader van Justitie. De rechter wierp de vraag op onder welke voorwaarden inburgering van in Nederland opgroeiende kinderen zou moeten leiden tot verblijfsaanvaarding.