Guldens vullen gat in de Franse sociale zekerheid

AMSTERDAM, 11 JULI. Ze hebben nog 2,5 jaar voor de gulden technisch opgaat in de euro, maar vóór die tijd zullen de Nederlandse banken, met ABN Amro voorop, er alles aan doen om nog zoveel mogelijk buitenlandse partijen de gulden-markt in te krijgen.

Hoewel Nederlandse banken internationaal gezien niet tot de belangrijkste behoren bij het verzorgen van 'euro'-obligaties (leningen die in een andere valuta dan de nationaliteit van de leners worden uitgegeven), hebben ze wel een aanzienlijke concurrentievoorsprong in thuismarkt voor euro-guldenobligaties.

Gisteren zag de derde 'jumbo-lening' van het jaar door een buitenlandse partij op de Nederlandse kapitaalmarkt het licht. Eerder waren het de Europese Investeringsbank en de Oostenrijkse staat die obligaties uitschreven van respectievelijk 2,5 miljard gulden en 1,5 miljard gulden. Nu was het de beurt aan de Franse Caisse d'Amortissement de la Dette Sociale (Cades), met een recordbrekende lening van 3 miljard gulden.

Cades is in januari van dit jaar opgericht als fonds om het Franse tekort op de sociale zekerheid van 140 miljard franc (47 miljard gulden) van de afgelopen drie jaar te financieren. Het tekort is buiten de Franse staatsfinanciën in Cades ingebracht, en wordt door bankleningen en obligaties gefinancierd waar de Franse staat weer indirect garant voor staat.

Ogenschijnlijk is deze Treuhandanstalt van de Franse sociale zekerheid een wassen neus: het financiële probleem van de Franse staat wordt er niet minder om, en de Cades-verplichtingen tellen even hard mee in de berekening voor de staatsschuld die in het kader van de Maastricht-criteria voor de Economische en Monetaire Unie worden gemaakt.

Daar tegenover staat dat de Franse staat wel een financieel probleem duidelijk zichtbaar heeft gemaakt, en dat was volgens Cades-directeur Benoit Jolivet die gisteren in Amsterdam was, de belangrijkste reden om het fonds op te richten. “Het Franse publiek wil graag weten waarvoor het precies een belastingverhoging betaalt,” zei Jolivet. Door het tekort op de sociale zekerheid zichtbaar te maken, en daar ook een belastingopslag van 0,5 procent aan te verbinden, was de oplossing van het probleem beter te verkopen aan het electoraat dan als de opbrengst belastingverhoging onherkenbaar op de grote hoop van de staatsfinanciën zou belanden.

Bovendien is het management van een deel van het schuldprobleem losgemaakt van de staat. Het is opmerkelijk dat na de in Groot-Brittannië ontsproten trend om overheidsondernemingen (activa) op de markt te brengen, Frankrijk de innovatie start van het afzonderlijk op de markt brengen van de schulden (passiva).

Het is een vondst die navolging kan krijgen. Het Nederlandse tekort van 5 miljard gulden op de sociale fondsen maakt zo'n integraal deel uit van de lopende verplichtingen van de staat, dat het niet voor zo'n operatie in aanmerking komt, zo onderstreepte ABN Amro-bankier R. Groenink gisteren. Maar dat een hoge functionaris van het Britse ministerie van financiën betrokken is geweest bij de Franse Cades-operatie verraadt volgens het blad International Financial Review belangstelling van de overzijde van het Kanaal. Cades-directeur Jolivet merkte op dat van Italaanse en Spaanse zijde al belangstellend was geïnformeerd. Beide landen hebben een groot tekort op de sociale zekerheid, waarvan de opbouw zich leent voor een soortgelijke stap als Frankrijk heeft gedaan.

De keuze voor de buitenlandse valuta was er volgens Jolivet in principe een tussen guldens en Duitse marken. Beide zijn stabiel ten opzichte van de Franse franc, en beide zijn gedoodverfd lid van de Economische en Monetaire Unie, wanneer die er in 1999 van komt. Het verschil zit onder meer in de verwachte vraag van beleggers. De Nederlandse staat leent dit jaar nog geen 40 miljard gulden op de kapitaalmarkt, tegen ruim 50 miljard gulden vorig jaar. Dat verschil heeft te maken met het krimpende begrotingstekort en met de herfinanciering van bestaande staatsleningen, waarvan er dit jaar minder aflopen. Daardoor is er een restvraag onder beleggers: de Franse overheid stapt in het gat dat de Nederlandse laat liggen.

De rente in Nederland ligt daarbij ook al bijna een jaar onder de Duitse, hoewel dat verschil de laatste weken snel dichtloopt.

Het moet vanmorgen een lichte tegenvaller zijn geweest dat het rendement op de Cades-lening, die acht jaar loopt en een couponrente kreeg van 6,375 procent, 12 basispunten (honderdsten van procenten) boven vergelijkbare staatsleningen uitkomt. Daarmee ligt de beoordeling door beleggers van Cades blijkbaar in tussen leningen van de Wereldbank (10 basispunten boven vergelijkbare staatsleningen) en de oer-Hollanse Bank Nederlandse Gemeenten (15 basispunten). Zowel bank als Cades hadden gehoopt dat de impliciete Franse staatsgarantie meer waard zou zijn.

    • Maarten Schinkel