Publiek klapt te vroeg bij Tsjaikovski's Zesde

Concert: Bournemouth Symphony Orchestra o.l.v. Yakov Kreizberg, m.m.v. Christian Tetzlaff (viool). Werken van P.I. Tsjaikovski, F. Mendelssohn-Bartholdy en P. Vasks. Gehoord: 9/7, Concertgebouw Amsterdam.

Tsjaikovski had een vooruitziende blik toen hij zei dat zijn Zesde symfonie waarschijnlijk niet helemaal door het publiek zou worden begrepen. De orgastische mars in het derde deel is ogenschijnlijk de bekroning van het werk. Die schijn echter bedriegt, en er volgt een melancholiek Adagio lamentoso tot besluit - een vondst met een geweldige dramatiek die in de symfonische literatuur zijn weerga nauwelijks kent.

Maar applaudisseert het publiek al na het derde deel van de Pathétique, zoals dinsdag in het Concertgebouw bij het Bournemouth Symphony Orchestra, dan is de zorgvuldig opgebouwde spanning rap verdwenen.

En de jonge, van oorsprong Russische dirigent Yakov Kreizberg - hij is sinds het huidige seizoen chef van het Bournemouth - blijkt nou juist een orkestleider te zijn die hecht aan het vasthouden van de spanning, getuige de lange klinkende stilte na het slotakkoord.

Het zal wel iets te maken hebben met het aanvoelen van de doesjá, de even befaamde als ongrijpbare Russische ziel, dat het uitvoeren van de muziek van zijn landgenoten Kreizberg goed afgaat. Bij aanvang van een stuk had hij soms tijd nodig om de juiste klankbalans te vinden, zoals in het begin van de Pathétique, maar daarna volgden er vertolkingen die er wezen mochten: gedoseerd opzwepend en met een redelijk goed gevoel voor de constructieve details.

Werd in het Cantabile van Peteris Vasks al met beperkt melodisch materiaal duidelijk dat de strijkersgroep van het Bournemouth Symphony Orchestra body heeft, in de Pathétique ademde ook de kopersectie homogeniteit.

De houtblazers hadden meer moeite met het tentoonspreiden van een eenheid. Terwijl de solo-klarinettist het volume voorbeeldig ver wist terug te brengen, bleef de eerste fagottist aan het begin van Tsjaikovski's symfonie overheersend.

Ingeklemd tussen deze twee composities van Russische origine werd het Vioolconcert van Mendelssohn gespeeld met de Duitse violist Christian Tetzlaff als capabel, maar soms wat onbesuisd solist.

Tijdens de versnelling aan het eind van het eerste deel probeerde hij de boel zo op te drijven, dat het orkest hem amper nog kon bijbenen. Hoewel sommige aspecten van zijn spel te wensen overlieten - zo werden enkele hoge e's gemakshalve weggemoffeld - leverde hij als geheel een nette vertolking.

Vandaag speelt het Bournemouth Symphony Orchestra een programma met werken van Debussy, Rachmaninov en Sjostakovitsj.

    • Emile Wennekes