Bosnische federatie heeft eindelijk defensiewet

SARAJEVO, 10 JULI. Het parlement van de moslim-Kroatische federatie in Bosnië heeft gisteren de defensiewet aangenomen, die voorziet in de samenvoeging van het Bosnische regeringsleger en het leger van de Bosnische Kroaten. Het besluit maakt de weg vrij voor omvangrijke militaire hulp uit de VS en Arabische landen.

Het parlement kwam gisteren bijeen voor een slechts dertig minuten durende zitting, waarbij de wet werd aangenomen, met een tegenstem en bij drie onthoudingen. Hoewel over de wet zes maanden lang hevig is geruzied, werd er gisteren niet meer gedebatteerd. De afgelopen dagen hebben vooral de Amerikanen de druk op de moslims en de Kroaten om de wet eindelijk aan te nemen, nog vergroot. Vorige week was de Amerikaanse minister van Defensie, William Perry, in Sarajevo om de moslims en Kroaten duidelijk te maken dat ze de wet moeten aannemen. Het afgelopen weekeinde deed de chef van de Amerikaanse inlichtingendienst CIA, John Deutch, dat eveneens, eerst in Sarajevo en maandag ook in Zagreb.

De defensiewet voorziet in de samenvoeging van twee legers die elkaar in 1993 en 1994 nog hevig bevochten, het Bosnische regeringsleger en het HVO, het leger van de Bosnische Kroaten. De wet voorziet in de vorming van een gezamenlijk ministerie van Defensie en een gemeenschappelijk opperbevel, dat in de overgangsperiode van de komende drie maanden wordt voorgezeten door de Bosnische president, Alija Izetbegovic, en door de president van de moslim-Kroatische federatie, Kresimir Zubak. Na drie maanden moet de vraag beantwoord zijn wie daarna het opperbevel zal hebben.

Als gevolg van het besluit van het federatieparlement komt de weg vrij voor een door de Amerikanen geleid programma van opleiding en bewapening van het nieuwe leger. De Amerikaanse regering heeft honderd miljoen dollar ter beschikking gesteld voor dat programma. Saoedi-Arabië, Koeweit, Maleisië, de Verenigde Arabische Emiraten en Turkije dragen voor 140 miljoen dollar bij. Het programma beoogt het nieuwe leger gelijkwaardig te maken aan het leger van de Bosnische Serviërs, voor het geval het na het vertrek van de internationale vredesmacht IFOR in Bosnië weer tot strijd komt.

Een van de problemen, verbonden aan de defensiewet en de Amerikaanse steun voor de militaire versterking van de federatie was de aanwezigheid van islamitische fundamentalisten uit landen als Algerije, Iran, Libië en Afghanistan, die de moslims tijdens de oorlog als vrijwilligers hebben geholpen. Volgens het vredesakkoord moesten ze eind januari al uit Bosnië zijn vertrokken. De afgelopen dagen hebben Amerikaanse diplomaten zich ongerust getoond over het feit dat er - alle verzekeringen en beloften van Sarajevo ten spijt - nog altijd buitenlandse vrijwilligers in Bosnië zijn. Gisteren zei een Bosnisch-Kroatische generaal, Drago Dragicevic, dat zij “een serieus obstakel” vormen voor de stabiliteit van de moslim-Kroatische federatie. “We kunnen hen zien op de weg, we horen hen op de radio, hun aanwezigheid is duidelijk”, aldus Dragicevic in een vraaggesprek. Hij gaf toe dat de fundamentalisten ongewapend zijn en geen uniformen dragen. “Maar ze zijn in staat op zeer korte termijn hun militaire terroristische activiteit te hervatten,” zo voegde hij daaraan toe. (Reuter, AFP)