Sorgdrager op zoek naar nieuw evenwicht in rechtshandhaving

DEN HAAG, 9 JULI. Minister Sorgdrager (Justitie) vergelijkt het met een “hoofdstuk uit een deprimerende een Russische roman”. Verloedering, no go areas, minderjarige moordenaars. “Het is de realiteit van het Westen geworden”, meent de D66-minister.

Met name het aantal geweldsmisdrijven is de laatste jaren schrikbarend gestegen, concludeert zij uit de statistieken. Het aantal levensdelicten in Nederland lag tussen 1984 en 1990 net boven de honderd. Sinds 1991 steeg het gemiddelde naar bijna tweehonderd.

De nota over rechtshandhaving en veiligheid die Sorgdrager gisteren namens het kabinet presenteerde lijkt haaks te staan op de ontwikkelingen. Daarin wordt met zoveel woorden een voorlopige stop op de uitbreiding van het gevangeniswezen in vooruitzicht gesteld. Rond het jaar 2000 beschikken de Nederlandse strafinrichtingen over 16.000 cellen. In 1985 waren dat er welgeteld 4.000. De oorzaken van de toegenomen vraag naar cellen zijn de stijgende criminaliteit - van 15.000 opgelegde celstraffen in 1987 naar zo'n 27.000 vorig jaar - en de langere duur van de vrijheidsstraffen als gevolg van de ernst van de misdrijven.

Ondanks de sombere beschouwingen hoopt Sorgdrager op termijn de spiraal te doorbreken. In haar nota stelt zij nadrukkelijk het nut van gevangenisstraffen ter discussie. “Het gebruik van de vrijheidsstraf als hoeksteen van het veiligheidsbeleid moet ten gronde worden heroverwogen”, zegt Sorgdrager letterlijk. De minister ziet zich voor een dilemma gesteld. De paradox van de criminele politiek is volgens haar dat het opsluiten van meer mensen niet zal leiden tot een veiliger samenleving. Een beleid dat beoogt de geweldspiraal te doorbreken door strengere straffen en nog meer cellen te bouwen zal “deze uiteindelijk alleen maar voeden”, meent Sorgdrager.

Een vergelijking met de situatie in de Verenigde Staten leert dat het aantal gedetineerden daar in 25 jaar tijd is vertienvoudigd van zestig naar zeshonderd gevangenen per 100.000 inwoners. Naar verwachting zal dat dat aantal elk jaar met tien procent groeit. In Nederland zaten in 1993 per 100.000 inwoners 51 mensen achter de tralies. De verwachting is dat dat er volgend jaar 83 zullen zijn. In Engeland (100) en Frankrijk (110) zijn relatief meer gedetineerden, België ligt op ongeveer hetzelfde niveau als Nederland. In de nota 'In juiste verhouding' is Sorgdrager op zoek naar een nieuw evenwicht in de rechtshandhaving. Al vindt het kabinet dat repressief ingrijpen in achterstandswijken “onvermijdelijk” is, er moet worden gezocht naar andere oplossingen om een “blijvende balans” te vinden in de strafrechtspleging. Daarbij denkt Sorgdrager in de eerste plaats aan een aantal maatregelen die al op kleinere schaal worden toegepast. De bouw van duizenden extra cellen kan worden vermeden als voor minder ernstige vergrijpen alternatieve sancties worden toegepast. Verplicht werken of leren levert een betere bijdrage aan een blijvende terugkeer in de maatschappij dan 'zitten', vindt Sorgdrager. Vorig jaar legden de rechters in Nederland al 14.000 taakstraffen op. Dat aantal moet tot het jaar 2000 oplopen naar 26.000.

Tal van wetenschappelijke onderzoeken wijzen uit dat het louter opsluiten van veroordeelden meestal niet tot de gehoopte gedragsverandering leidt. Met goede hulpverlening is de recidive-kans kleiner. Voormalig staatssecretaris A. Kosto constateerde echter twee jaar geleden al dat de hulpverlening aan gedetineerden in de jaren tachtig in diskrediet is geraakt. Ook in de gisteren gepresenteerde nota van het kabinet wordt er weinig aandacht aan besteed.

Minister Sorgdrager concentreert zich voorlopig op uitbreiding van het aantal taakstraffen en op preventie. De voorstellen sluiten nauw aan op haar filosofie dat mensen pas moeten worden opgesloten als het echt niet anders kan. De door Sorgdrager geïntroduceerde justitiebureaus moeten daaraan een bijdrage leveren. Zichtbare aanwezigheid van rechtshandhavers in de binnensteden draagt in haar ogen meer bij aan de criminaliteitsbeheersing dan het tijdelijk verschuiven van het probleem naar de gevangenis.

    • Rob Schoof