Sestrieres

Heldenverering hoort bij de Italiaanse wielersport, maar wat als er geen helden zijn? Op weg naar Sestrieres is het stil langs de kant van de weg. De koude is een belangrijke reden, een gebrek aan goede ronderenners is een andere overweging om thuis te blijven. Er staan weinig Italiaanse namen op de weg gekalkt.

Het volk moet het stellen zonder de geblesseerde berggeit Pantani, de luie sprinter Cipollini en de renners die in de klassiekers hun krachten hebben verspeeld. In plaats van families met drank en spijs zien we veel reclameborden. De Tour is dit jaar niet aan Sestrieres besteed. De Italiaanse omroeper spreekt abusievelijk over de roze trui die in de Tour op het spel zou staan.

Hoe anders was het in 1952, toen de legendarische Coppi voor eigen publiek triomfeerde. Nog maar vier jaar geleden reed Chiappucci voor duizenden toeschouwers een historische solotocht. Dit jaar rijdt hij voor spek en bonen mee. Zijn benen willen niet meer. Onder applaus passeert de kleine duivel de finish. Bibberend van de kou toont hij een flauwe glimlach. De Tour verlaat Italië zonder warme gevoelens. Il Diabolo is langzaam bezig afscheid te nemen.

    • Jaap Bloembergen