Riis in het geel na barre mini-etappe

SESTRIERES, 9 JULI. Bjarne Riis had liever een volledige etappe gefietst, zo sterk voelde hij zich gisteren in de Alpen. Het schrappen van de Iseran en de Galibier had voor de 32-jarige Deen niet gehoeven. Met een haarband, een paar knielappen en een zwaar verzet trotseerde hij wind, sneeuw en koude.

Op weg naar Sestrieres, toen de zon ging schijnen, stroopte hij letterlijk de mouwen op. “Als je goede benen hebt moet je meteen aanvallen. Anders zul je nooit de Tour winnen”, sprak de nieuwe drager van de gele trui.

De Ronde van Frankrijk is pas tien dagen onderweg en vierde in het Italiaanse skioord de vijfde klassementsleider. Voor Jevgeni Berzin was de vreugde van korte duur. Na zijn zege in de klimtijdrit naar Val d'Isère moest hij een etmaal later het hoofd buigen voor zijn vroegere ploeggenoot. De kleine Rus zag zijn voorsprong van veertig seconden omgebogen in een achterstand van dezelfde tijdsduur. Bovendien verloor hij kostbare seconden op de andere kanshebbers voor het eindklassement.

Riis en Berzin zijn geen vrienden. Vorig jaar reden ze nog samen voor het Italiaanse Gewiss, waar Berzin kopman was maar Riis beter presteerde. Hij werd derde in de Tour en verlangde van ploegleider Emanuele Bombini tevergeefs een beter salaris. Uit onvrede over de scheve verhoudingen besloot Riis voor de achtste keer in zijn tienjarige profloopbaan een nieuwe werkgever te zoeken. Hij negeerde een aanbieding van Banesto en koos voor het Duitse Telekom.

Onder leiding van de Belgische ploegleider Walter Godefroot krijgt de 32-jarige Deen dit seizoen het respect dat hij van Bombini niet kreeg. “De Italianen hebben moeite om voor een buitenlandse kopman te rijden. Duitsers zijn gewilliger. Je kunt beter een paar goede helpers om je heen hebben dan een paar vedetten die voor hun eigen kansen rijden. Daarom voel ik me bij Telekom beter op m'n gemak.”

Riis weet zich in deze Tour omringd door een stel ijzervreters. Tempobeulen op het vlakke, verrassend sterke klimmers in de bergen. De jonge Jan Ullrich is de openbaring van de afgelopen dagen. In het spoor van zijn kopman staat de voormalige Oostduitser momenteel op de vijfde plaats. “Ik vrees Ullrich meer dan wie ook”, sprak Riis gisteren met een brede glimlach. Je kunt een meesterknecht maar beter koesteren.

Riis kan zich goed verplaatsen in zijn hulpkrachten. Jarenlang reed hij in dienst van anderen. In 1986 verliet hij zijn woonplaats Herning om in Luxemburg op semi-professionele basis te gaan koersen. Hij werkte halve dagen in een garage en besteedde de resterende tijd aan zijn ontwikkeling als broodfietser. Drie jaar later deed de toen 25-jarige Riis voor het eerst van zich spreken met een ritzege in de Giro.

In dat jaar kreeg hij van zijn kopman Laurent Fignon het zelfvertrouwen dat tot dan toe altijd had ontbroken. Hij deed alles om het de tweevoudig Tourwinnaar naar de zin te maken. Fignon zag in Riis meer dan een bruikbare aangever. Hij noemde hem een toekomstig ronderenner. “Ik leerde van Laurent bergop te rijden en de koers beter te begrijpen. Dankzij hem ben ik mentaal sterker geworden. Hij heeft een winnaarstype van mij gemaakt.”

Aanvallen is de tweede natuur van de blonde krachtmens. In de vlakke etappes trok hij vorige week de sprint aan voor zijn ploeggenoot Erik Zabel, wat hem in de rit naar Lac de Madine een pijnlijke schouder bezorgde. Insiders vroegen zich af waarom een kopman zo veel onnodige risico's neemt. Riis negeerde de kritiek en trok zaterdag ten strijde op de Madeleine, zonder zichtbaar resultaat. In de tijdrit van zondag eindigde hij als tweede achter Berzin.

Gisteren besloot hij al bij de eerste beklimming van de Montgenèvre zijn tegenstanders te testen. Op de col van de tweede categorie nam hij een voorsprong van een halve minuut die hij in de afdaling consolideerde. Bij de laatste klim naar Sestrieres bleef Riis uit het zicht van zijn achtervolgers, ondanks een manmoedige achtervolging van de ogenschijnlijk goed herstelde Miguel Indurain.

Na Kim Andersen, Jörgen Pedersen en Rolf Sörensen was Riis vorig jaar in Charleroi de vierde Deen die de leiderstrui kreeg omgehangen. Denemarken beleeft een bloeiperiode in het cyclisme. De rustige Scandinavische mentaliteit gedijt uitstekend in de zuidelijk getinte tak van sport. De populariteit van het Deense wielrennen wordt deze maand geïllustreerd door een groot contingent supporters langs de kant. Heja Bjarne is een nieuw begrip in de Tour de France.

    • Jaap Bloembergen