Vlaanderen wil belasting heffen

BRUSSEL, 8 JULI. De Vlaamse minister-president Luc Van den Brande bepleit een 'federalisering' van België met twee snelheden. Van den Brande wil dat Vlaanderen meer bevoegdheden krijgt om op fiscaal gebied een autonoom beleid te voeren.

De Vlaamse minister-president heeft dat gisteravond in Temse gezegd op een zogeheten 11-juli-toespraak. Op 11 juli, de nationale feestdag van Vlaanderen, wordt jaarlijks de Guldensporenslag herdacht en die gelegenheid grijpen Vlaamse politici traditioneel aan om te pleiten voor verdergaande staatshervormingen in België.

Bij de laatste staatshervorming, die in 1993 werd doorgevoerd, hebben Vlaanderen, Wallonië en het gewest Brussel een aantal nieuwe, zelfstandige bevoegdheden gekregen. Zo zijn de deelstaten, en niet de federale regering in Brussel, verantwoordelijk voor onder andere cultuur en onderwijs, ruimtelijke ordening, vervoer, landbouw, economie, werkgelegenheid en buitenlandse betrekkingen.

Van den Brande wil nu ook een deel van de belastingen aan dat rijtje toevoegen. “Als over deze grotere autonomie geen overeenstemming kan worden bereikt (met Wallonië), dan moet er aan worden gedacht om het verzelfstandigingsproces in het noorden sneller te laten verlopen dan in het zuiden”, aldus de minister-president.

Volgens Van den Brande is eigen belastingheffing een logische consequentie van grotere autonomie voor de deelstaten. Hij huldigt het principe dat er evenwicht moet bestaan tussen eigen inkomsten en uitgaven.

Los daarvan wil Van den Brande meer ruimte om in Vlaanderen een eigen werkgelegenheidsbeleid te voeren. Zo wil hij projecten voor 'innoverende opleidingen' stimuleren. Eerder dit jaar kwam Van den Brande met het voorstel voor selectieve verlaging van de venootschapsbelasting voor (Vlaamse) bedrijven die hun werkgelegenheid op peil houden.

De federale regering van premier Dehaene heeft totdusver afhoudend gereageerd en ook de Waalse regerings staat er afwijzend tegenover.