Geeuwhonger in hooggebergte velt Indurain

VAL D'ISÈRE, 8 JULI. De mond wijd open, de blik op oneindig. Binnen een paar seconden rijdt hij van de eindstreep naar de gezinswagen van zijn ploegleider. Hij duwt de soigneurs naar buiten en neemt plaats op de achterbank. Het schuifdak moet dicht, alle deuren worden afgesloten. Niemand wil hij in zijn buurt. De broodjes en drankjes wil hij het liefst tegelijkertijd naar binnen proppen. Tot hij de nieuwsgierige ogen waarneemt achter de geblindeerde ruiten. Met een wezenloze blik kijkt hij naar de pottenkijkers.

Miguel Indurain heeft zaterdag in de zevende etappe van de Tour de France de zwaarste nederlaag in zijn lange wielerloopbaan geleden. Op vier kilometer voor de finish wordt hij geconfronteerd met een verschijnsel dat elke renner vreest: geeuwhonger. Rijdend in soepele cadans wordt Indurain gegrepen door de hongerklop.

Binnen een paar minuten verliest hij vele seconden op de renners voor hem, zijn rivalen voor het eindklassement. De Tour leeft op als de vijfvoudig Tourwinnaar bijna in elkaar zakt.

Hij gebaart te willen drinken maar weigert de bidon die Alex Zülle hem aanreikt. De perfectionist vertrouwt alleen op zijn eigen voeding. Een drankje uit de ploegleiderswagen kost hem twintig strafseconden. Een peulenschil vergeleken met de bijna vier minuten die hij op de meeste concurrenten heeft verloren. Trappend met een steeds lichtere versnelling fietst Indurain uitgeput over de finish.

Volgens José-Miguel Echavarri, zijn ploegleider bij Banesto, zijn de barre weersomstandigheden de oorzaak van de blokkade. “Hij heeft veel getranspireerd en kwam suiker tekort. Als het in een eerder stadium was gebeurd, hadden we de Tourzege kunnen vergeten. Nu hebben we nog een kans. Maar eerst moet hij recupereren. In de tijdrit hoeft hij geen tijd te winnen. Het belangrijkste is dat hij niet veel tijd verliest”, zegt de ploegbaas op zaterdag.

Een etmaal later krijgt Echavarri slechts gedeeltelijk zijn zin. Indurain verliest in de klimtijdrit naar Val d'Isère meer dan een minuut op de nieuwe gele-truidrager Jevgeni Berzin. Deze moeilijke wielerdiscipline heeft de Spanjaard eigenlijk nooit goed gelegen. Daarom zal hij nog best tevreden zijn met zijn vijfde tijd. Maar om de Tour te winnen moet hij de komende weken tussen de vier en vijf vier minuten goedmaken op een behoorlijk rijtje kanshebbers. Het lijkt een onmogelijke opgave voor de man die zijn grenzen heeft leren kennen.

Als Indurain over twee weken naast zijn zesde achtereenvolgende Tourzege grijpt, dan krijgt de etappe naar Les Arcs een aparte vermelding in de sportgeschiedenis. Zoals de beklimming van de Pra-Loup in 1975 een historische betekenis heeft gekregen. De Belg Eddy Merckx, de kannibaal die heer en meester was, werd plotseling opgegeten door zijn eigen lichaam. Bernard Thevenet won de etappe, veroverde de leiderstrui en werd tien dagen later gehuldigd als zijn opvolger. Merckx zou nooit meer in het gele tricot te bewonderen zijn. Het einde van een tijdperk.

De inzinking van Indurain is misschien een incident, maar wel eentje met grote gevolgen. Voor het eerst sinds hij in 1991 aan de macht kwam, moet de geboren verdediger in de aanval.

Het koude, natte weer in de Alpen werkt dezer dagen zeker niet in zijn voordeel. Indurain is gebaat bij hoge temperaturen. Hij zal steun nodig hebben van zijn ploeggenoten van Banesto, die in de eerste bergetappe niet van voren reden. Hij zal proberen andere ploegen te mobiliseren die zelf geen kanshebber (meer) hebben.

Voorspellen is een hachelijke zaak in de 83ste editie van de Tour de France. Wat zich zaterdag in de etappe van Chambéry naar Les Arcs allemaal heeft afgespeeld, had niemand vooraf voor mogelijk gehouden.

De barre koude en de felle regenbuien hebben geleid tot een schouwspel dat in de Franse zondagskranten met een horrorfilm wordt vergeleken. De drama's rijgen zich in snel tempo aaneen. Uren voordat Indurain in escorte naar zijn hotelkamer wordt gereden, zijn andere grote renners meedogenloos van hun voetstuk gevallen.

Bijna vergeten is de zwarte dag van Laurent Jalabert, die circa twaalf minuten moet toegeven op zijn concurrenten. 's Ochtends op de Madeleine blijken zijn benen de zware last niet te kunnen dragen. Hij is bestempeld als een kanshebber voor de eindzege, maar een matige klimmer wordt niet zomaar een goede klimmer. Jalabert zou ziek zijn. Wat hij precies mankeert kunnen zelfs de Franse journalisten niet vertellen.

De huilbui van Stéphane Heulot is door het sensationele verlies van Indurain naar de achtergrond gedrongen. De gele-truidrager heeft te veel pijn in zijn rechterknie. Hij hangt over zijn zadel, stapt weer op zijn fiets om even later ontroostbaar de ploegleiderswagen op te zoeken. Heulot gedraagt zich als de martelaar die zijn wielerfans voor altijd zullen koesteren. Net als Pascal Simon in 1983 moet een Franse volksheld in de gele trui door een blessure de koers verlaten.

Zelfs ritwinnaar Luc Leblanc wordt ondergesneeuwd door de Indurain-affaire. De wereldkampioen van 1994 lijkt na zijn zware knieblessure weer terug op het oude niveau. Leblanc demarreert op hetzelfde stukje asfalt waar Indurain een fractie later bijna tot stilstand komt. Leblanc slaagt er niet in zijn eerder opgelopen achterstand volledig goed te maken. Twee valpartijen in de eerste week maken hem kansloos voor de eindzege.

De valpartijen van Alex Zülle, Tony Rominger en Johan Bruyneel staan op zichzelf en verdienen een ander verhaal. Ze zijn ogenschijnlijk dramatischer dan de geeuwhonger van Indurain. Maar ze zijn niet beslissend voor de afloop van deze Tour. Daarom praten de buitenlandse verslaggevers in de perszaal van Val d'Isère alleen maar over die robotachtige coureur uit Navarra die eindelijk menselijke trekjes heeft getoond.

Fringale is de Franse wielerterm voor geeuwhonger. Elke coureur vreest de dag dat hij door de man met de hamer wordt geslagen. De Belgische oud-Tourwinnaar Lucien van Impe vergelijkt de plotselinge ineenstorting van een wielrenner met een patiënt die op de operatietafel ligt. “Geeuwhonger is net een narcose. Je weet niet wanneer je wegvalt. Het moment komt volkomen onverwacht. Het wordt zwart voor je ogen.”

Miguel Indurain is de patiënt die zo snel mogelijk moet herstellen. Hij wordt keurig afgeschermd van de media die op jacht gaan naar sensationele verhalen. Wat zal er afgelopen weekeinde in die prachtige, donkere kop zijn omgegaan? Heeft hij zich werkelijk hersteld van de morele klap, zoals de tijdrit van gisteren doet vermoeden? Wie hem zaterdag in de gezinswagen van Banesto heeft zien zitten, zal de verdwaalde blik in de donkere oogkassen niet gauw vergeten. De troon van de koning staat te wankelen.