Beschermde schuren

Tot de oudste gebouwen in Noord-Amerika behoren enkele tientallen boerenschuren. Nederlandse kolonisten en hun familie bouwden honderden van deze schuren in de staat New York en omgeving tussen 1630 en 1800. Dutch barns, zoals ze heten, zijn enorm ruim en uniek door hun constructie. De Dutch Barn Preservation Society (DBPS) waakt over het behoud ervan.

Waar het ontwerp voor de schuren vandaan komt is niet precies bekend. Het staat vast dat kolonisten de schuren bouwden langs de rivier de Hudson, waar in de zeventiende en achttiende eeuw veel Nederlanders woonden. Ze hadden namen als Vedder, Van Slyck, Vrooman en Swart. Hoewel het vaststaat dat het Dutch-barnontwerp Nederlands is, zijn er in Nederland zelf geen schuren bekend die identiek zijn aan de 'Dutch Barns' in de nieuwe wereld. Het basisontwerp van de Dutch barn wordt vaak vergeleken met dat van een kathedraal. Uniek aan de Dutch barn is de dubbele H-constructie die de romp vormt van het gebouw. Daarop steunt het dak en indirect ook de wanden. Wie in het schip van een Dutch barn staat en de zijbeuken ziet, begrijpt waar de vergelijking met een kathedraal vandaan komt. Een Dutch barn kan zeventien meter lang en breed zijn en de dakpunt kan eenzelfde hoogte hebben. De Dutch barn werd vooral gebruikt voor de opslag van graan, maar had vaak ook enkele stuks vee in de zijbeuken. De schuren met dubbele deuren zijn zo groot dat er een volbeladen paard en wagen doorheen kan rijden.

“Wij streven vooral naar de verspreiding van informatie over Dutch barns en wij verzamelen er ook informatie over”, zegt Thomas Lanni, een van de bestuurders van de Dutch Barn Preservation Society en redacteur van de nieuwsbrief van de club. Lanni, van huis uit natuurkundige, doet het werk naast zijn baan op het Atmospheric Sciences Research Center, waar hij instrumenten ontwerpt en bouwt voor het meten van vervuiling. Hij woont in het noorden van de staat New York en bezit een Dutch barn, de Stone Arabia, die op honderd kilometer van zijn huis staat.

“Er zijn nog ongeveer vierhonderd van deze schuren over”, vertelt Lanni. “In de laatste tien jaar alleen al zijn voor zover ons bekend honderd schuren verdwenen.” Het oprichten van de DBPS was noodzakelijk om de unieke bouwwerken van de ondergang te redden. Ooit waren er Dutch barns op Manhattan, al zijn er geen directe bewijzen voor hun exacte locatie. Wel is bekend dat Dutch barns op de erven stonden van boerderijen in de Newyorkse wijken Queens en Brooklyn. Van daaruit verspreidden ze zich langs de Hudson naar het noorden, maar er zijn er ook nog een paar op Long Island ten westen van New York en in de naburige staat New Jersey. Op een steenworp afstand van New York City in Old Bethpauge (Long Island) en in Tarrytown staan een paar oude exemplaren.

De Dutch barn hoorde typisch op een boerderij waar akkerbouw werd bedreven. In de loop van de achttiende en negentiende eeuw gingen veel boeren langs de Hudson over op veeteelt en was de Dutch barn minder praktisch. Ook lijkt het of de bouwers de kunst verleerden. Tijdens de Amerikaanse vrijheidsoorlog werden veel schuren platgebrand omdat hun eigenaren yankees waren. De ter vervanging gebouwde schuren zijn minder solide en waren een mengeling van Dutch barn en een angelsaksisch model.

“Heel soms ontdekken we er nog een die tot nu toe aan de aandacht is ontsnapt, maar het gros hebben we wel in kaart gebracht”, zegt Lanni. De DBPS krijgt af en toe geld om een schuur te redden of andere projecten uit te voeren maar moet het zonder subsidie stellen. “We hebben een onderzoek kunnen doen naar de mogelijkheid dat eigenaren hun schuur ter beschikking stellen”, zegt Lanni, “en daar een belastingvoordeel voor in de plaats krijgen. Ze moeten dan wel het recht om iets te bouwen op de plaats van de schuur opgeven.”

De ongeveer tweehonderd leden van de DBPS komen regelmatig bij elkaar om een picknick te houden bij een of andere schuur. Ook gaan groepjes leden er op uit om te zien hoe de toestand is van bepaalde Dutch barns. Ze signaleren de noodzaak tot reparaties, bestuderen bijvoorbeeld scharniertypen, deuren en goten en schrijven daarover in tussentijdse verslagen aan de andere leden. Het wachten is dan op een tijdstip dat er genoeg geld is voor reparatiewerkzaamheden.