Voorkennis vermoed bij handel in Escom

ROTTERDAM, 5 JULI. De Duitse financiële autoriteiten doen een onderzoek naar mogelijke handel met voorkennis in aandelen Escom AG, Europa's tweede computerhandel die sinds woensdag in surséance van betaling is. Een onderzoek naar een mogelijke verzelfstandiging van de Nederlandse dochter is gaande.

Escom Nederland kreeg woensdag eveneens uitstel van betaling. Hiermee verkreeg het bescherming tegen schuldeisers van de Duitse moeder. De verliezen van Escom AG bedroegen in 1995 180 miljoen mark (202 miljoen gulden). Voor dit jaar wordt geen verbetering verwacht.

Een woordvoerder van de Duitse toezichthouder voor het effectenverkeer zei tegen het persbureau Reuter dat de omzet in aandelen Escom AG “zeer verdacht” was gedurende de drie weken vòòr de bekendmaking van de surséance-aanvraag. De koers daalde tussen 3 juni en 2 juli van 9,15 tot 4,63 mark. In deze periode zouden er acht tot negen maal meer aandelen verhandeld zijn dan gewoonlijk. Het onderzoek kan enige maanden duren.

Een studie naar de haalbaarheid van een management buy-out van Escom Nederland is nog steeds gaande. Het bedrijf zou volgens directeur Lindhout “absoluut levensvatbaar” zijn. Hij studeerde al langer op een loskoppeling van de Duitse moeder. Totdat de surséance van kracht werd, waren alle voorraden in Nederland eigendom van de Escom AG. Nu kan de Rabobank, in samenspraak met de bewindvoerders erover beslissen.

In Nederland heeft Escom 36 winkels en verkoopdivisies voor het midden- en kleinbedrijf en het buitenland, met 500 werknemers. Bij het produktiebedrijf voor personal computers in Nieuw-Vennep werken, afhankelijk van het seizoen, honderd tot tweehonderd mensen.