Totale loonsverhoging 4,4 procent; CAO in onderwijs: 12.000 banen extra

DEN HAAG, 6 JULI.Een loonsverhoging van in totaal 4,4 procent en een arbeidsduurverkorting van drie procent, die bij een herbezetting van 80 procent resulteert in 12.000 extra banen. Dat zijn de kernpunten van een nieuwe CAO voor de onderwijssector (350.000), waarover minister Ritzen (Onderwijs) en de onderwijsbonden het gisteren eens zijn geworden.

Met deze CAO, die loopt van 1 juli 1996 tot 31 december 1998, is een extra bedrag gemoeid van circa 1,3 miljard gulden. Ritzen was de onderhandelingen ingegaan met een bedrag van 250 miljoen extra dat het kabinet had bestemd om knelpunten in het onderwijs aan te pakken. Gistermiddag werd Ritzen het op de valreep eens met premier Kok en de minister van Financiën dat hij nog één procent extra kon besteden om met de vakbonden overeenstemming te bereiken. Die ene procent betrof een extra bedrag van 240 miljoen gulden. De minister constateerde met genoegen: “Mijn mandaat is behoorlijk opgerekt, maar er komen 12.000 banen in het onderwijs bij, en het kabinet zal daarmee kunnen instemmen.”

In 1996, 1997 en 1998 krijgt het personeel een eenmalige eindejaarsuitkering van 0,5 procent. Per 1 augustus 1997 stijgen de salarissen structureel met 1 procent, in augustus 1998 met 1,5 procent en per december 1998 nog eens met 0,5 procent. Ook worden er specifieke maatregelen genomen voor jonge leraren in het basisonderwijs. Ze krijgen een hoger beginsalaris, uiteenlopend van 0,75 tot 2,1 procent hoger.

H. Evers, de onderhandelaar namens de CMHF, de centrale voor middelbaar en hoger personeel, keerde zich tegen de extra salarisverhoging voor de jongere leraren. “De oudere helft belandt door die forse differentiatie ver onder het behoud van de koopkracht”, aldus Evers.

De gemiddelde arbeidsduur per jaar wordt met ingang van 1 augustus 1998 met drie procent teruggebracht, wat neerkomt op de invoering van een 36-urige werkweek. De kortere arbeidsduur kan op verschillende manieren worden ingevuld, bijvoorbeeld in de vorm van een 'sabbatsverlof' in de loop van de carrière, minder werken op oudere leeftijd of een kortere werkweek.

In het schooljaar 1997-1998 begint een experiment met de zogenoemde leraren-in-opleiding (LIO) op basis van een leer-arbeidsovereenkomst. In totaal krijgen 1.000 vierdejaars studenten van de Pabo's, de pedagogische academies, dan een aanstelling als 'LIO'. Zij werken dan de helft van de tijd en ontvangen daarvoor 1.876 gulden bruto per maand.

De CMHF legt het onderhandelingsresultaat neutraal voor aan de achterban, de drie andere centrales (ABOP, CCOOP en AC) zullen het resultaat met een positief advies aan hun leden voorleggen. De bonden moeten voor 1 oktober laten weten of het akkoord kan rekenen op steun van de leden.