De reddende engel van Amsterdam

De 'traumaheli' begint een vertrouwd beeld te worden in de Amsterdamse binnenstad. Afgelopen dinsdag landde de signaal-geel geverfde helikopter op de Prinsengracht in de buurt van de Westertoren om een doe-het-zelver op te halen die tijdens een klusje uit het raam was gevallen. Eerder werden gewonde verkeersslachtoffers op een pleintje in Amsterdam-West en op het Rokin voor de deur van Arti et Amicitiae door de snelle horzel naar het dak van het VU-ziekenhuis gevlogen.

De piloot van het ambulance-vliegtuig moet een meester zijn in de precisielanding, want neerstrijken, of in vliegtermen 'neerprikken' in de dichtbebouwde stadskom kunnen uitsluitend meesters in de kunst van het ontwijken. Tramleidingen, bomen, lantaarnpalen en vooral de alomtegenwoordige 'Amsterdammertjes' vormen, buiten de aanwezige bebouwing, de obstakels waarmee de landende helikopter rekening moet houden.

De traumaheli heeft mijn blik op de stad veranderd. Of liever gezegd: ik heb er een blik op de stad bijgekregen. Zie ik een voetganger struikelen, een brommerkoerier tegen een van de anderhalf miljoen paaltjes opkletteren, of een fietser die door een auto wordt geschept, dan kijk ik onwillekeurig naar boven. Onmiddellijk ga ik op zoek naar de dichtstbijzijnde landingsplaats en dat betekent een niet door bovenleidingen belemmerde, vrije ruimte die groot genoeg is om de wiekende reddingsengel te kunnen ontvangen.

De beoordeling van de Amsterdamse binnenstad op landingsmogelijkheden heeft bij mij nu een maniakaal karakter aangenomen. De nieuwe, hemelse blik op de stad koppel ik niet meer uitsluitend aan de waarneming van een ongeval. In de buurt van elke opvallend gevaarlijke plek die ik tegenkom, probeer ik een landingsplek voor de traumaheli te bepalen. Het toestel moet bijvoorbeeld kunnen landen nabij alle bruggen die zijn opgezadeld met opstaande, betonnen randen die niet voor niets signaal-geel zijn geverfd. Levensgevaarlijk zijn deze krengen die bestemd zijn om de voetganger te beschermen, maar hem in werkelijkheid met bloedstollende struikelingen bedreigen. De oerlelijke damwanden steken zo agressief uit het wegdek omhoog, dat ik weleens keurige mensen uit machteloze woede er tegenaan heb zien schoppen. Op de Magere Brug over de Amstel zag ik dezer dagen zelfs een bejaard echtpaar zich, luid vloekend, op deze manier op het stomme, gele steen afreageren. Het is ook onbegrijpelijk dat iemand bij de gemeente de betonnen oprispingen heeft bedacht, maar het is nog veel onbegrijpelijker dat zij daadwerkelijk zijn uitgevoerd. Je zal zien dat zij pas worden verwijderd wanneer er een slachtoffer valt, een wandelaar of fietser voor wie de traumaheli te laat komt.

Ten slotte een advies aan de piloot. Hij of zij moet de situatie op het Koningsplein bij de bloemetjesmarkt eens terdege bekijken en misschien hier zelfs een proeflanding uitvoeren. Sinds het autoverkeer over de Singel, langs het verschrikkelijke gebouw van de Universiteitsbibliotheek, richting Munt wordt geleid, is bij de Heiligeweg een voor voetgangers en fietsers onwaarschijnlijk gevaarlijk gebied ontstaan. Wie op dit punt postvat kan binnen een paar minuten getuige zijn van een gevarieerde serie bijna-ongelukken die, vroeg of laat, onvermijdelijk op de inzet van de traumaheli zal uitlopen. Wil deze hier terecht kunnen, dan schat mijn lekenoog dat de haringkraam moet worden verplaatst.