Zege Blijlevens op vier bruine boterhammen

BESANÇON, 5 JULI. Het geheim zat in de vier boterhammen met ham en kaas, die zijn ploegleider onderweg had aangereikt. Geen vloeibaar voedsel maar een degelijke hap graan deed de benen sneller rondgaan. Het geheim zat ook in de nieuwe fiets die Jeroen Blijlevens een dag eerder had gekregen. Met een machtige versnelling in de laatste meters won de Nederlandse sprinter zijn tweede Touretappe.

Hij trok zijn shirtje recht en keek nog een keer hooghartig achterom. Hij weet hoe je de wielersport moet verkopen. De nieuwe fiets gooide hij na afloop met een triomfantelijk gebaar in de hekken. De vragen van een Franse reporter liet hij keurig in het Nederlands vertalen. Een taalcursus is het enige dat Blijlevens nog nodig heeft om zich een gearriveerde renner te mogen noemen.

Een jaar geleden brak hij door met een winnende spurt in Duinkerken. Dit keer was de Jura het decor van de verrassende wederopstanding. En weer won hij in de vijfde etappe. In Besançon liep het laatste weggedeelte iets naar beneden, juist genoeg om de rassprinter een voordeel te bieden tegenover de krachtsprinter. Hoe zwaarder de aankomst, hoe vervelender voor het kleine Brabantse manneke.

Hij had zich super gevoeld, veel beter dan de laatste dagen. Toen had hij een beetje scheef op zijn oude fiets gezeten. Er moest zelfs een kraker aan te pas komen om het kleine lijf recht te trekken. “Maar dat wil ik niet als excuus aanvoeren.” Volgens ploegleider Priem is het logisch dat een renner met een klein postuur eerder spierpijn krijgt als hij met zo'n zwaar verzet rijdt. “Daarom moeten we goed doseren met Jeroen. Hij kan niet elke dag aan de haal gaan.”

Behalve boterhammen en een nieuwe fiets had Blijlevens ook veel baat bij de rol van underdog die TVM zich had aangemeten. Volgens ploegleider Priem hield de concurrentie minder rekening met een Nederlandse zege. Het heuvelachtige parcours zou te lastig zijn voor Blijlevens, hij had zijn kansen al verspeeld. Maar net als vorig jaar in Duinkerken bewees de 24-jarige dat een sprint op zichzelf staat. “Ik wist dat ik deze finale aankon, ook al was de aanloop nog zo zwaar.”

De hulp van zijn ploeggenoten beperkte zich tot krachtsexplosies van Skibby en Hamburger. De gebruikelijke samenwerking bleef gisteren achterwege. Blijlevens werd in de finale meegezogen door de rivaliserende Rabo-ploeg en de Telekom-formatie. De Duitse trein bracht hem in een onverwachte zetel. Toen Zabel blokkeerde, kon Blijlevens uit het wiel van Moncassin de zege grijpen.

“De Tour was al mooi met twee tweede plaatsen, maar winnen is toch het allermooiste. De tijd ging dringen, ik was extreem gemotiveerd. En ik was vandaag minder nerveus. Jammer dat Cipollini afgestapt is. Ik had hem hier graag verslagen. Iedereen denkt dat het een voordeel was, maar ik vond het juist een nadeel. Zijn ploeg knapt heel veel vuil werk op.”

Vorig jaar keerde hij een paar dagen na zijn zege huiswaarts. Het leerproces had lang genoeg geduurd. Dit keer wil Priem hem pas na de rustdag laten afstappen. “Maar misschien haal ik Parijs wel”, klonk het optimistisch.

Zijn ploegleider wil hem laten kennismaken met het hooggebergte. De Alpen zijn morgen een geheel nieuwe ervaring voor de renner die nooit een begenadigd klimmer zal worden. Om een constant niveau te bereiken zal hij meer wedstrijden moeten uitrijden en zich vaker met de internationale sprinttop moeten meten. Pas als hij in Parijs de slotetappe wint, kan hij wedijveren met Jean-Paul van Poppel, zijn grote voorbeeld die in totaal negen Tourzeges boekte. “Als ik er deze Tour nog een win, moet ik er volgend jaar zeker drie winnen?”

Blijlevens blijkt uitstekend op de hoogte van de financiële praktijken in het métier. Een sprintzege in de Tour biedt uitzicht op een lucratief contact bij een buitenlandse ploeg. “Laat ze maar komen? Maar waarom zou ik eigenlijk weggaan bij TVM? Die zullen me toch echt niet kwijt willen.” Voorlichter Arjan Bos knikte instemmend.