Kabouters bestaan; Tentoonsteling over het werk van Jean Dulieu

Museum van de Twintigste Eeuw, Bierkade 4, Hoorn. T/m 28 okt. Di t/m zo 10-17u. Inl. 0229-214001.

Toen het in Nederland oorlog was, zat Jan van Oort poppetjes te tekenen. Hij speelde eigenlijk viool, maar hij vond tekenen veel leuker. Toen de oorlog voorbij was, had hij een strip klaar. Nu ja, alleen de tekeningen. Hij ging ermee naar een krant, die ze graag wilde afdrukken, maar hij moest er natuurlijk nog wel verhaaltjes bij bedenken. De kabouter die hij had getekend, noemde Van Oort Paulus. De heks kreeg de prachtige naam Eucalypta. En de dieren heetten bijvoorbeeld Oehoeboeroe, Gregorius, Salomo en Krakras. Zelfs zijn eigen naam vond hij opeens niet mooi genoeg meer. Hij vertaalde zichzelf in het Frans en werd Jean Dulieu.

Jean Dulieu is nu oud en werkt niet meer. Maar zijn strip bestaat nog. Wie in het Museum van de Twintigste Eeuw in Hoorn - een oud kaaspakhuis aan de haven, dat nu op vier verdiepingen spullen van vroeger laat zien - alle trappen oploopt, komt op zolder een tentoonstelling over Paulus de Boskabouter tegen. Veel strips, veel boeken, veel echte tekeningen, Paulus-schemerlampjes, Paulus-vloerkleedjes, Paulus-behang, Paulus-verjaardagskalenders, foto's, brieven en alles wat nog meer met de kabouter te maken heeft. In een hoekje is zelfs een stukje bos gemaakt, een donker hoekje echt bos zonder voetpaden of richtingsbordjes of prullenmanden, met een geheimzinnig klein huisje en een paar doorgezaagde boomstammetjes waar je op kunt zitten.

Als je dat doet, hoor je uit een boom geluid komen. Het is het geluid van een Paulus-avontuur zoals dat veertig jaar geleden op de radio was - op woensdag- en op vrijdagavond, om zeven uur 's avonds, als een verhaaltje voor het slapen gaan. Paulus was namelijk niet alleen een strip in de krant (en in heel veel boeken en boekjes), maar ook een serie op de radio. Jean Dulieu vertelde die verhaaltjes zelf, met de stem van een vriendelijke schoolmeester, en hij deed óók alle stemmen van de figuren. Paulus had een hoge stem die altijd een beetje vragend klonk, Eucalypta praatte als het gillende signaal van een ambulance, Oehoeboeroe was heel deftig, Gregorius knerste en kraakte, allemaal hadden ze iets bijzonders. Alleen het hele lieve meisjesstemmetje van prinses Priegeltje kon hij niet; dat deed zijn dochtertje (die zelf kortgeleden onder haar eigen naam, Dorinde van Oort, haar eerste kinderboek heeft geschreven).

Jammer vind ik het alleen, dat er iets doorheen tettert. Want in een andere hoek staat een televisie-toestel, en daarop worden afleveringen vertoond uit de tv-serie die later van Paulus de Boskabouter is gemaakt. Met kinderachtige poppen (in de strip zijn ze veel mooier, veel echter, veel enger soms ook) en kinderachtige stemmen. Jean Dulieu wou er toen niets mee te maken hebben, en hij had gelijk.

Achter glas ligt een stukje dat hij een keer over Paulus heeft geschreven, en dat begint zo: 'Er zijn nog altijd mensen die niet in kabouters geloven. Hoe is het mogelijk hè! Ik zelf heb altijd geweten dat ze bestonden.' Dat zijn dus de woorden van iemand die zèlf een kabouter heeft gemaakt - en die zal het toch wel het beste weten?

    • Henk van Gelder