Gele trui Heulot voedt Frans chauvinisme

LAC DE MADINE, 4 JULI. Met de gele trui voor Stéphane Heulot kan het Franse chauvinisme weer een paar dagen vooruit. De 25-jarige wielrenner moet in staat worden geacht het leiderstricot tot de Alpen-etappes vast te houden. Na de ritzege en de gele trui van Frédéric Moncassin bewees de Franse GAN-formatie opnieuw dat het kopmanschap van de Engelsman Chris Boardman niet zaligmakend is.

Heulot baarde twee weken geleden opzien met het veroveren van het Frans kampioenschap. Dit jaar eindigde hij bovendien als vierde in het eindklassement van de Dauphiné Libéré, een aanwijzing dat hij ook kan klimmen. De vijfdejaars beroepsrenner lijkt eindelijk door te breken en het predikaat van eeuwig talent van zich af te schudden. Veel jonge Franse renners worden na een paar sterke koersen al snel de hemel ingeprezen. Het merendeel kan de hooggespannen verwachtingen niet waarmaken.

Heulot maakte in 1992 een sterk profdebuut bij de Franse RMO-formatie. Hij behaalde in dat jaar ritzeges in de Ster van Bessèges en Parijs-Nice. De Breton Heulot vond in de Breton Gérard Rué een sympathieke streekgenoot die hem bij de machtige Banesto-ploeg binnenloodste als hulpkracht van Miguel Indurain. De Franse knecht zegt veel geleerd te hebben van de Spaanse meester, maar eenmaal op de fiets kon hij de scholing geen gevolg geven.

Vorig jaar werd Heulot bijna niet meer geselecteerd voor wedstrijden door ploegleider Echavarri. Afgelopen winter werd zijn contract beëindigd bij Banesto. Hij vond werk bij GAN, maar bleef zijn Spaanse dokter Pardilla trouw. Dit seizoen rijdt de weifelaar Heulot met redelijk veel zelfvertrouwen. Gisteren bewees hij de Fransen een goede dienst door zijn ploeggenoot Moncassin af te lossen als leider in het algemeen klassement. “Ik hoop hier nog enige dagen van te genieten, maar ik maak mezelf niet veel illusies.”