Calculerende Seks

UTRECHT. 'Broekje uit, jasje aan'. Een vrouw in witte doorzichtige slip en kort, poeszacht bovenlijfje heeft haar wijsvinger al plagerig een stukje in de broek van de jongen geduwd. De duimnagel op de broekrand is rood gelakt. De jonge man, een Elvis-type, houdt lachend een condoom omhoog. Deze afbeelding is overal op straat te zien, in een nieuwe postercampagne van de Stichting Sexueel Overdraagbare Aandoeningen.

De warme zomer is het seizoen van vakantievrijerijen en dan starten de condoomcampagnes. Met veel creativiteit zinnen reclamemakers in opdracht van de gesubsidieerde stichting Soa op manieren om het jonge publiek te bereiken, met posters en met schoolvoorlichting. Daar hoort geen belerende wijsvinger bij. Pas als seks wordt losgemaakt van moraal, kan het grote publiek worden bereikt. De overheid, de scholen en de meeste ouders hebben zich er al bij neergelegd dat 'het' gewoon gebeurt. Een brochure voor leerlingen geeft verschillende opvattingen over seks weer, zonder een oordeel te vellen. Moraal schept namelijk afstand. Volgens Lilian Kolker van de stichting Soa mag de boodschap niet te ingewikkeld zijn en moet ze aansluiten bij de heersende zeden. “Je moet ze bereiken op het moment dat ze willen vrijen en dat ze nog over een condoom kunnen praten”, zegt Kolker in haar moderne, smetteloze kantoor aan de Drift in de oude stadskern van Utrecht.

De stichting Soa is het centrum van de seksuele mores, zoals ze zouden moeten worden nageleefd in Nederland, en ze bestaat al tachtig jaar. Vroeger, toen de wereld nog een betere toekomst voor zich had in de heilsstaat of in het hiernamaals, preekte het centrum “zelfbeheersing” en huwelijkstrouw. Nu staat niets het onmiddellijke genot meer in de weg - behalve ziekte.

De campagnes van vorig jaar 'Doe jij wat aan, dan doe ik wat uit', 'Zal ik em voor je inpakken?' of 'Inpakken of Wegwezen', vond Kolker te hard, te veel voorschrijvend. De nieuwe posters zijn volgens haar romantischer. De tekst 'Jouw condoom of het mijne?' boven twee speels geklede homoboys of een vrijerig, ontkledend heterostel. 'Jij vond rubber toch zo sexy?', zegt een jongen tegen een in minimaal rubber jurkje gehuld meisje op zijn schoot. Allemaal houden ze een plastic hoesje met rubber ringetje in de lucht. Ook worden er van condooms voorziene 'vrijkaartjes' (woordspeling) uitgedeeld.

De aanbevelingen om maar vooral verstandig te zijn vallen in het land van de vele verzekeringen op vruchtbare bodem. Folders en gebruiksaanwijzingen worden gelezen. “Wij zijn nuchter, net als de Scandinaviërs”, zegt Kolker. In veel andere landen is openbare voorlichting afwezig, omdat die stuit op politieke weerstand. Of er wordt gedreigd met de duivel. Britse voorlichting over condooms combineert Eros met Thanatos in de vorm van grafzerken en grijnzende skeletten.

De afschaffing van de dubbele moraal in Nederland heeft klinkende resultaten: zo'n beetje het laagste aantal abortussen en ongewenste zwangerschappen ter wereld. De aidsepidemie heeft zich vooralsnog gestabiliseerd. Er wordt ijverig gewerkt aan de bestrijding van de ongeneeslijke herpes en chlamidia die tot onvruchtbaarheid kan leiden (60.000 nieuwe gevallen per jaar). De driften worden keurig gekanaliseerd en we kijken met medelijden naar landen waar onherbergzame hartstochten, taboes en steelse romantiek kolken. In de vakantie willen we daar nog wel kennis mee maken, mits beschermd.

De seksuele revolutie kwam in de jaren zestig, toen de pil de vrouw van de voortplanting had bevrijd en het aantal gevallen van geslachtsziekten een historisch laagtepunt had bereikt. De eindoverwinning leek in zicht. Er was, na de dood van de strenge God, geen reden om niet met elkaar onder de lakens te gaan. Eén keer per dag slikken door de vrouw voorkwam zwangerschap dus een minnaar was geen potentiële vader meer. Een druiper kon meteen met penicilline worden bestreden. Angst voor seks was ouderwets, herleidbaar tot frustraties en jeugdtrauma's.

De tijd van de onschuld, toen iedereen het onbewoonde eiland der lusten ontdekte, heeft maar kort geduurd. In de door de VPRO uitgezonden kroniek 'Tales of a City' van Armistead Maupin over San Francisco in de jaren zeventig is nog een nostalgische glimp van de onbekommerdheid van toen op te vangen. In de homo-badhuizen daar begon de opmars van aids in de wereld. Bij hetero's doken nieuwe soorten ongeneeslijke wratten en zweren op.

De zorgeloosheid heeft kort geduurd. Seks is weer zo riskant als vroeger. Dat is een erfenis van de babyboomers. Maar met behulp van de technologie van het condoom hoeft de seksuele vrijheid slechts gedeeltelijk te worden opgeheven. Nog steeds is er niets tegen een 'nummertje', maar dan wel met veiligheidsmaatregelen.

Van het moderne plezier zijn alle risico's zorgvuldig afgedekt. Een skeeler draagt kniekappen, een racefietser een helm. Bij seks gaan de kleren uit maar blijft er een rubber voorbehoud over. De ouderwetse vermaning: 'Bewaar jezelf voor dengeen, die het waard is. Geef je niet weg aan den eersten den besten', heeft een nieuwe betekenis gekregen. De eerste tientallen nummertjes zijn calculerend, zoals ooit onthouding berekenend was. 'Ik vrij veilig of ik vrij niet'. Pas als de partners elkaar goed kennen en vertrouwen, gaat het condoom uit. De negatieve resultaten van een testbatterij voor geslachtsziekten laten zien dat de partners wit-maagdelijk en virusvrij hun voorbehoud laten vallen. Het is de etikette van lust-aerobics die niet meer om het lijf heeft dan een jasje.