Forse belastingopbrengsten verrassen DNB

AMSTERDAM, 3 juli. Zoals verwacht liet de Duitse Bundesbank het repo-tarief afgelopen donderdag ongewijzigd op 3,3 procent. In samenhang hiermee stelde de Nederlandsche Bank het vergelijkbare tarief voor speciale beleningen opnieuw op 2,6 procent vast. Nu zich in Duitsland voorzichtige tekenen van economisch herstel aandienen, lijkt de kans op een renteverlaging door de Buba - en in navolging daarvan door DNB - steeds kleiner te worden.

Uit de ontwikkeling van de Nederlandse geldmarkttarieven blijkt dat zelfs al rekening wordt gehouden met een renteverhoging. Terwijl de 1-maands interbancaire rente deze week constant bleef op 2,86 procent, steeg de 1-jaars rente met 6 basispunten (honderdste procentpunten) tot 3,42 procent. Het verschil tussen deze twee rentevoeten, een indicatie van de steilheid van de 'yieldcurve' op de geldmarkt, bedraagt thans derhalve 56 basispunten. Ruim een maand geleden bedroeg dit verschil slechts 20 basispunten. Kennelijk is op de financiële markten het besef ontstaan dat het verschil tussen de Nederlandse en de Duitse geldmarktrente groot is in het licht van de ontwikkeling van de gulden/Dmark-koers. Noteerde de Duitse munt ruim een maand geleden nog 1,118 gulden, inmiddels is de koers opgelopen tot 1,122 gulden. Uit de weekstaat blijkt dat per saldo 3,8 miljard gulden de schatkist instroomde. Dit wijst op circa 11 miljard gulden belastingontvangsten, aangezien er ook diverse betalingen door het Rijk plaatsvonden. Naast de betaling van uitkeringen en rente op staatsschuld, loste het Rijk verschillende kort- en langlopende schulden af. Alhoewel bekend was dat de belastingontvangsten in verband met de eerdere betaling van vakantiegelden groter zou zijn dan de gebruikelijke maandelijkse afdrachten, lijkt DNB toch te zijn verrast door de omvang ervan. De laatste twee dagen van de vorige week en de eerste twee dagen van deze week lag het beroep dat banken deden op de voorschotfaciliteit telkens boven het gemiddeld toelaatbare beroep. Als gevolg daarvan heeft het Nederlandse bankwezen deze week flink moeten interen op haar besparing op het contingent. Bedroeg de besparing een week geleden nog 3,2 procent, afgelopen maandag was deze teruggelopen tot 1,8 procent. Nadat 81,3 procent van de contingentsperiode was verstreken, was 79,5 procent van het toelaatbare beroep verbruikt.

    • Economisch Bureau Ing Groep