Zwitsers talent Hingis is nog lang geen tweede Graf

LONDEN, 2 JULI. Haar entree in het vrouwencircuit ging gepaard met hoge verwachtingen en veel loftuitingen. Martina Hingis had nog geen bal geslagen of de 'nieuwe Chris Evert' was al opgestaan. Nog mooier: de opvolgster van Steffi Graf diende zich aan. Want Martina Hingis was niet zomaar een tennisster.

Welnee, Martina Hingis was een supertalent, een serieuze bedreiging voor de gevestigde orde en door haar moeder niet geheel toevallig vernoemd naar Martina Navratilova.

Voorlopig is Martina Hingis nog maar vijftien jaar, negen maanden en twee dagen oud en allesbehalve in staat om zich te meten met de sterksten. Een verblijf van inmiddels ruim anderhalf jaar in het profmilieu en een achttiende plaats op de wereldranglijst hebben daar nauwelijks verandering in kunnen brengen. Het enige wat de Zwitserse tiener tot dusverre heeft aangetoond is dat wonderkinderen doodgewone stervelingen zijn.

Zoals gisteren weer eens bleek, toen Hingis in de vierde ronde op Wimbledon tegenover Steffi Graf kwam te staan. Twaalf maanden geleden troffen beiden elkaar ook al op het gras in Zuid-Londen. Toen won de zesvoudig Wimbledon-kampioene uit Duitsland zonder al te veel problemen (6-3 en 6-1). Voor Hingis, tweevoudig jeugdkampioene op Wimbledon, was haar debuut in het hoofdtoernooi na een ronde al weer voorbij.

Gisteren was het resultaat hetzelfde in een wedstrijd die wegens de regen tot twee keer toe werd onderbroken. Graf liet er opnieuw geen twijfel over bestaan wie zich de vaandeldraagster mag noemen van het huidige vrouwentennis. De titelverdedigster bood haar tegenstandster geen schijn van kans en veegde haar in twee sets van het centre court: 6-1 en 6-4.

Graf kon het zich zelfs permitteren om in de eerste set slechts 32 procent van haar eerste opslag binnen de lijnen van het servicevlak te slaan. Het was een onthutsend zwakke score en voor Graf een zeldzaamheid. Maar Hingis wist niet te profiteren en kreeg geen moment vat op de tweede, effectvol geslagen service van de Duitse. “Op haar eerste opslag hoef je je racket er maar tegenaan te houden en de bal belandt wel aan de andere kant van het net. In haar tweede service legt ze heel veel spin en daar wist ik geen raad mee”, zei Hingis na afloop.

De nummer zestien van de plaatsingslijst achtte zich vooraf nog kansrijk. Twee maanden geleden versloeg ze Graf immers nog op het gravel in Rome bij de open Italiaanse kampioenschappen (2-6, 6-2 en 6-3). Bovendien leek Graf kwetsbaar. In de wedstrijd uit de derde ronde, die van afgelopen zaterdag tegen de Amerikaanse Nicole Arendt, verloor ze de eerste negen punten. De blessure aan de linkerknie scheen haar parten te spelen.

Hingis kwam bedrogen uit en blijkt nog lang geen tweede Graf. Tekenend was in dat opzicht de reactie van de onbetwiste nummer één zelf. Gevraagd naar Hingis' mogelijkheden en geconfronteerd met het vooruitzicht van een eventuele concurrentiestrijd in de nabije toekomst, liet Graf een schampere glimlach over haar gezicht glijden. “U kijkt te ver vooruit. Ze heeft volgens mij goede kansen om binnen afzienbare tijd in de buurt te komen van de top vijf”, gaf Graf als antwoord.

Tennissen kan Hingis wel degelijk. Vanaf de baseline is de geboren Tsjechische met haar solide spel voor veel tegenstanders een lastige opponente, eentje die bovendien maar weinig zwakke punten heeft. Ze reageert alert, beschikt over een redelijke opslag en retourneert de ballen meteen nadat ze de grond hebben geraakt. Sinds haar entree op de ranglijst van de Womens Tennis Association heeft ze een enorme sprong gemaakt op de wereldranking: van plaats 399 (mei'94) naar plaats zestien (december'95). Het zegt veel over haar eigen spel, maar wellicht meer over de kwaliteiten van haar concurrentie.