'Spionage' G7 gevreesd

WASHINGTON, 2 JULI. De Amerikaanse delegatie bij de G7-top van vorige week in Lyon was wel erg beducht voor “bedrijfsspionage” door gastheer Frankrijk. Twee van president Clintons naaste medewerkers, handelsvertegenwoordiger Charlene Barshevsky en economisch topadviseur Laura Tyson, waren niet te scheiden van hun dossiers. Tijdens een vier uur durende lunch in een gerenommeerd restaurant bewaarden ze de stukken onder hun stoel.

De Amerikaanse krant The New York Times onthulde een en ander gisteren in een artikel onder de kop 'Hebben Franse muren oren?' Clintons woordvoerder McCurry wilde alleen kwijt dat dezelfde veiligheidsvoorschriften als op alle presidentiële reizen naar het buitenland golden.

Volgens een anonieme Amerikaanse regeringsfunctionaris was de delegatie echter gewaarschuwd dat de Fransen op het punt van economische spionage een naam hebben op te houden. Daarom hadden de delegatieleden opdracht om elk voor de Fransen interessant dossier bij zich te houden.

Volgens de New York Times waren de VS “bijna paranoia”. Zij dachten dat Clinton met opzet in het Sofitel Hotel was ondergebracht omdat het zich gemakkelijk leende voor het afluisteren van telefoontjes. Maar een zoekactie door Amerikaanse veiligheidsfunctionarissen leverde niets op.

Vorig jaar werden in Frankrijk twee CIA-agenten gearresteerd op beschuldiging van bedrijfsspionage. (AFP)