Parijs: fusie Air France en Air Inter

PARIJs, 2 JULI. De Franse regering heeft de directie van Air France gevraagd op korte termijn een plan te maken voor een volledige fusie van Air France en Air France Europe (de dochteronderneming die tot voor kort Air Inter heette). De vakbonden verzetten zich daar fel tegen.

Zondag liep het ultimatum af dat president-directeur Christian Blanc had gesteld aan de bonden van ex-Air Inter. Air France bood de werknemers van de dochtermaatschappij enerzijds aan dat Air France Europe zelfstandig zou blijven bestaan, en samengaan met de Europese activiteiten van Air France. Anderzijds verlangde Blanc dat de extra-gunstige arbeidsvoorwaarden bij de dochter zouden worden gelijk getrokken met de relatief ook al kostbare regelingen bij Air France.

Over die beknotting van het arbeidsvoorwaardenpakket zijn bonden en directie het maar zeer ten dele eens geworden. Vooral de piloten, die gemiddeld 15 procent terug moesten, bleven zich tot het eind verzetten. De crisis kwam tot een uitbarsting toen de directie vorige week aankondigde ook nog eens achttien lijnen van Air France Europe te gaan sluiten: drie onrendabele binnenlandse verbindingen, en vijftien lijnen op grote en regionale bestemmingen in Spanje, Portugal en Engeland.

Toen de piloten-bonden uit protest tegen dat plan vorige week vrijdag een eendags-staking aankondigden, sloeg de directie terug door alle vluchten van de maatschappij voor die dag te schrappen. Daardoor stonden 65.000 gewone reizigers en vakantiegangers voor acute moeilijkheden en escaleerde het conflict. Ministers zeggen nu dat er in feite nog maar één oplossing over is: algehele fusie.

Ook president-directeur Blanc zegt nu dat de optie met één Europese en één internationale maatschappij Air France van de baan is. Hoewel minister Pons, die gisteren alle bonden ontving, de weg open houdt naar andere oplossingen, lijkt een volledige ineenschuiving het meest waarschijnlijk. De bonden noemen dat vol huiver 'het UTA-scenario', genoemd naar de Franse maatschappij UTA, die in 1990 door Air France als zelfstandige eenheid werd overgenomen en één jaar later was opgeslokt.

De animositeit tussen het personeel van Air France en ex-Air Inter is te verklaren uit de recente geschiedenis: Air France was het vlaggeschip, dat een marginaal bestaan leidde, terwijl Air Inter, genietend van een monopolie op de binnenlandse lijnen, winst maakte en goed betaalde. De afkeer gaat zo ver dat de Air Inter-mensen nog liever met de binnenlandse concurrenten AOM en Air Liberté samengaan als vanaf 1 april 1997 ook buitenlandse maatschappijen binnen Frankrijk lijnen mogen onderhouden.