Volleyballers relativeren verlossende zege op Italië

ROTTERDAM, 1 JULI. Olof van der Meulen maakte zaterdag het beslissende punt in de volleybalfinale van de World League en de eerste die hij in zijn uitbundige zegetocht tegenkwam, was een lijnrechter. Dus kreeg de nietsvermoedende man een dikke zoen. “Soms weet je niet wat je doet”, zei Van der Meulen later lachend. “Zijn er nog serieuze vragen?”

Dat de Nederlandse volleyballers uitgelaten waren, was te begrijpen. Ze wonnen voor het eerst een echte hoofdprijs en nog wel tegen plaaggeest Italië na een zinderende finale - met 22-20 in de vijfde set na twee uur en 38 minuten spel. De 7.500 toeschouwers stonden in het kolkende sportpaleis Ahoy' op de banken. Bij winnend coach Joop Alberda stonden de tranen in de ogen. Zoals hem ooit ook was overkomen bij een balletuitvoering en bij een popconcert van Dire Straits. “Ik kan genieten van een topprestatie. Van een moment dat de puzzel precies in elkaar valt.”

En het mooiste is dan toch als dat met je eigen ploeg gebeurd. Alberda: “Ik ben acht uur per dag met deze zooi bezig.”

De bondscoach had zijn spelers voor de zoveelste finale tegen Italië voorgehouden dat ze vooral moesten genieten. “Ik weet dat dat hartstikke moeilijk is”, bekende Alberda na afloop. “Door de grote belangen die er op het spel staan, vergeet je als topsporter weleens dat je met sport begonnen bent omdat je het gewoon leuk vindt.”

De Nederlandse spelers hadden zaterdagavond allemaal genoten, beaamden ze na afloop volmondig.

Het was tijd dat Italië weer eens werd verslagen. Vóór afgelopen weekeinde was het zo vaak net niet gelukt. “Als we nu niet hadden gewonnen, dan was het nooit meer gelukt”, sprak Bas van de Goor klare taal.

Maar al snel na de winst was er bij de Nederlandse volleyballers ook al weer plaats voor relativeren. “We moeten het allemaal ook niet overdrijven”, zei Ron Zwerver, met de gouden medaille om de nek. “Het belangrijkste toernooi moet nog worden gespeeld. De Olympische Spelen beginnen over drie weken en de finale is nog ver weg. We beginnen in Atlanta weer bij nul.” Matchwinner Van der Meulen: “Het is onzin om er vanuit te gaan dat we nu ook even het olympisch goud zullen winnen.”

Maar afgezien van een vette premie - per man ongeveer een ton bruto - leverde deze overwinning in de World League ook veel zelfvertrouwen op. Aan de andere kant geloofde niemand bij Nederland dat het de Italianen een mentale tik heeft bezorgd. “Dan had het 3-0 moeten worden”, wist Alberda. Zijn collega Julio Velasco dacht er ook zo over. “We zijn niet gedeprimeerd. We voelen ons sterk en zijn moeilijk te verslaan. Zelfs als we slecht spelen, wordt het niet 0-3, maar 2-3.”

Het zag er zelfs naar uit dat Italië na de eerste twee verloren sets toch nog aan het langste eind zou gaan trekken. Het werd 1-2 en daarna ook nog 2-2. Het leek een herhaling van zetten te worden. Nederland had in de afgelopen jaren tegen Italië diverse keren met 2-0 voorgestaan en de wedstrijd dan alsnog verloren. De spelers hadden er in het veld ook aan moeten denken. Coach Alberda keek somber toen zijn ploeg in de vijfde set meteen op achterstand kwam te staan met 0-3 en 2-5.

Nederland vocht zich terug tot 5-5, kwam weer twee punten achter, 5-7 en 6-8, maar wist weer bij te komen. Van 8-8 ging het naar 11-11 en 12-12 en toen sloeg de thuisploeg een gat, 14-12. Het bleek niet genoeg. Dus volgde er een lange, zenuwslopende verlenging, 16-16, 18-18 en 20-20. Bij 21-20, bij het negende Nederlandse matchpoint, was het eindelijk zo ver. Een gewaagde sprongservice van Olof van der Meulen werd slecht verwerkt door 328-voudig international Gardini. De bal sloeg als een granaat uit het veld en het feest in Ahoy' kon beginnen.

Van der Meulen over hét moment: “Ik zag een paar Italianen nog achter die bal aanrennen en dacht: ja, jongens, die haal je toch echt niet meer.”

Hij had bij 14-13 al de kans gehad om de wedstrijd af te maken. Zijn smash werd echter geblokt door Bracci, die provocerend een ererondje maakte. “Ja, het was te krap”, zei Van der Meulen over de gemiste kans. Hij had zelf om de bal gevraagd bij spelverdeler Blangé. Geef 'm maar, geef 'm maar hier. De koele Fries was gezien het wedstrijdverloop ook de meest geschikte man om het beslissende punt te maken.

De Nederlanders losten elkaar af met het scoren. Toen Zwerver niet meer langs het Italiaanse blok kon komen, stond Görtzen er. En in het midden deed Held niet onder voor Van de Goor.

Er was één speler die meer punten maakte dan de rest, Van der Meulen. Hij deed zijn naam van puinruimer alle eer aan en scoorde uit alle posities. Zoals hij vier jaar geleden in Barcelona ook de historische 17-16 maakte waardoor de favoriete Italianen uit het olympische toernooi vlogen.

Ze kijken hem er in Italië nog steeds op aan. Van der Meulen: “Ik denk dat ik daar nu de grens helemaal niet meer overkom.”