Tourdrukte vloekt met zondagsrust in Kerkwijk

KERKWIJK, 1 JULI. “Het is allemaal hokus-pokus. Hoeveel kost dit circus Den Bosch nou? Acht miljoen gulden, negen miljoen? Het is een schande, daar zouden ze zoveel andere dingen mee kunnen doen. Maar ja, dit is het volk van brood en spelen, hè? Ik erger me daar aan. Men leeft van de ene prikkel naar de andere. Dat is de moderne mens.”

De karavaan van de Tour de France slingert zich aan het begin van de zondagmiddag nog over Brabantse wegen, Kerkwijk rust. Maar de adrenaline bij oud-gemeente-ambtenaar J. van Voorthuizen stijgt aanzienlijk als zijn mening over de Ronde van Frankrijk wordt gevraagd, die straks een handvol kilometers verder aan de rand van de gemeente Kerkwijk voorbij dendert.

Kerkwijk leek aanvankelijk een lastig obstakel in de Tour. Zonder dat het gemeentebestuur ervan wist, was de gemeente in het hart van de Bommelerwaard onderdeel geworden van het parcours van de 83ste Ronde van Frankrijk. De eerste etappe op zondag 30 juni zou door Kerkwijk voeren en dat leidde tot allesbehalve enthousiasme in de overwegend protestante gemeente: de zondagsrust dreigde te worden verstoord. Burgemeester H.G. de Kort en de zijnen gingen in beroep bij de provincie Gelderland, maar toen bleek dat de Tour niet de dorpskernen zou aandoen en het provinciebestuur de bezwaren van Kerkwijk niet ontvankelijk verklaarde, besloot het gemeentebestuur 's werelds grootste wielerspektakel te gedogen. Kerkwijk legde geen strobreed in de weg, maar kreeg toch het stempel van spelbederver opgedrukt.

De 75-jarige Van Voorthuizen is een van de weinigen die zich aan het begin van de middag in het dorp op straat vertonen. Hij is geboren en getogen in Kerkwijk. “De mensen willen hier in hun waarde gelaten worden. Ik deel ook de opvattingen van deze mensen niet”, zegt hij over de voornamelijk protestantse inwoners die de Tour niet voor hun deur wilden hebben, “maar ze verdienen het niet om belachelijk gemaakt te worden”.

Bij een wegafzetting aan de rand van Kerkwijk staan twee niet-Kerkwijkers. De oudste van de twee identificeert zich als “de enige koetsier in de Bommelerwaard”. De 71-jarige Henk Lahey, woonachtig in Kerkdriel aan de andere kant van de snelweg A2, wil geen kwaad woord over de inwoners van Kerkwijk horen. “Je moet iedereen in zijn waarde laten. Als kolenboer heb ik vroeger veel aan protestantse mensen in het dorp geleverd. Het zijn hier allemaal goeie mensen”, weet hij. Hij staaft zijn bewering met een recent voorbeeld: “Een paar weken geleden was het rommelmarkt in Kerkwijk. Toen hebben ze voor de kerk 33.000 gulden ingezameld.”

Over het fietspad schiet een groepje toerrenners voorbij. Veel zondagfietsers grijpen deze winderige middag aan om hun eigen stukje Tour te rijden, over hetzelfde asfalt als waar dezelfde dag hun helden passeren. Lahey praat over alles behalve over wielrennen. Terwijl hij toch de overbuurman was van oud-wielrenner Gert-Jan Theunisse, “voordat hij naar Oss vertrok”. Lahey: “Die heb ik goed gekend. Ik kan me herinneren dat hij in een café in het dorp gehuldigd werd. Toen was ik dronken”, giechelt hij als een kwajongen.

Langs de Steenweg tussen Zaltbommel naar Kerkwijk doemt een reusachtige tribune op. Met daarachter een nog grotere feesttent. Dit is Kerkwijks grondgebied, bevestigt W. van Spaendonck-Lingbeek, pr-medewerkster van Plieger, een in Zaltbommel gevestigde groothandel in sanitair. In de tent en op de tribune ontvangt het bedrijf duizend personeelsleden en relaties. Zonder slag of stoot verleende de gemeente Kerkwijk een vergunning voor deze activiteit op particulier terrein. Op televisies in de hoeken van de tent kunnen de met bussen aangevoerde gasten de Tour volgen, om kwart voor vijf zoeft het peloton voorbij.

De vooroordelen over Kerkwijk zijn ook op de dag van de Tour de wereld nog niet uit. Wanneer de Tour nog voorbij moet komen, geeft een radioverslaggever een bloemlezing uit kranten die zondagochtend zijn verschenen. Het gaat om een Frans dagblad en een extra uitgave van het Brabants Dagblad, dat de exemplaren overal bij de lezers thuis heeft bezorgd, behalve in kerkdorpen. “In Kerkwijk zitten ze misschien wel aan de radio gekluisterd, zodat ze toch kunnen horen wat er in de krant staat”, veronderstelt de radioverslaggever.

Directeur Plieger van het gelijknamige bedrijf heeft burgemeester De Kort van Kerkwijk uitgenodigd in zijn feesttent. “Hij heeft gezegd dat hij graag zou komen, maar voor zover ik weet heeft hij in verband met de Tour dienst in het gemeentehuis, dat net als tijdens de wateroverlast vorig jaar fungeert als crisiscentrum”, zegt Plieger. De ondernemer is inwoner van Kerkwijk, maar heeft in het dorp nooit enige ophef over de doorkomst van de Tour bemerkt. “Behalve wat ik erover gelezen heb, heb ik er niks van gezien of gehoord.”

De deur van het gemeentehuis is deze zondagmiddag gesloten. Na één keer bellen bij het belendende huis dat veel weg heeft van een ambtswoning, draait de deur langzaam open. In de deuropening verschijnt een donkergeklede vijftiger. Op de vraag of de burgemeester misschien in de buurt is, antwoordt hij met een minzame glimlach, een afwerend gebaar en de woorden: “Het is zondag.”

    • Ward op den Brouw