Hongkong telt nu het laatste jaar af

HONGKONG, 1 JULI. Het aftellen in Hongkong is gisteren de laatste jaargrens gepasseerd. Over precies 365 dagen, op 30 juni 1997, zal de Union Jack definitief worden neergehaald in de Britse kroonkolonie en daags daarna zal de flamboyante, kosmopolitische wereldstad een nieuwe jaartelling beginnen als 'Speciale Administratieve Regio' (SAR) van de Chinese Volksrepubliek.

Voor het eerst in de geschiedenis zal een hoog ontwikkelde, de facto vrije stadstaat met een hoger inkomen per hoofd van de bevolking dan de meeste OESO-landen een deel worden van een communistisch land uit de Derde wereld.

De overgrote meerderheid van de zes miljoen Hongkong-Chinezen en 200.000 permanente buitenlandse ingezetenen kijkt met gemengde gevoelens naar deze wereldhistorische, magische, noodlottige datum. De emoties lopen uiteen van stoer optimisme onder Hongkongs mega-rijke ondernemers en bankiers en opluchting onder antikoloniale, patriottische Chinezen tot diep pessimisme onder gekozen democratische politici, rechters, advocaten en journalisten. Dezen achten Hongkongs ontluikende democratie en rechtsstaat in toenemende mate in gevaar.

Het weekblad Far Eastern Economic Review belegde vorige week een conferentie waarop de hoofdrolspelers van de verschillende stromingen aan het woord kwamen. Specialisten maakten duidelijk dat er in een aantal specifieke sectoren geen enkele vrees voor negatieve veranderingen bestaat en dat Hongkongs autonomie op vrijwel alle gebieden, behalve (buitenlandse) politiek en defensie, onomstotelijk vaststaat. Rafael Hui, minister voor Financiële Diensten in de huidige Britse regering van Hongkong, zette uiteen dat de formule 'een land-twee systemen' op monetair en financieel gebied is gerealiseerd.

Pagina 4: Financiële sector blijft autonoom

Minister voor Financiële Diensten Hui verzekerde dat de soevereiniteitsoverdracht op 1 juli 1997 voor de financiële sector geen enkele betekenis heeft. Zo blijft Hongkongs Monetaire Autoriteit - en niet de Chinese Centrale Volksbank - ook na 1997 zijn eigen buitenlandse valutareserves van 57 miljard Amerikaanse dollar (ongeveer 91 miljard gulden) beheren. De Hongkongdollar blijft een aparte onafhankelijke munteenheid, ook als de Chinese munt, de renminbi, volledig inwisselbaar wordt. De Wereldbank, aldus Hui, heeft onlangs een uitgifte aan obligaties van een miljard Hongkong-dollar gedaan die pas in 1999 afloopt. Hui onderstreepte dat Hongkong afzonderlijk lid blijft van de Werelhandelsorganisatie (WTO).

Nog optimistischer was James Tiën, Voorzitter van de Algemene Kamer van Koophandel, waarvan ook vele Britse bedrijven lid zijn. Hij achtte '1997' in alle opzichten een verandering ten goede: “De vervanging van de koloniale heerschappij door een zeer autonome SAR, geleidelijke in plaats van overijlde democratisering en een regeringsleider (de zogeheten chief-executive red.) die niet wordt aangewezen door de premier van een ander land (nu nog: de Britse red.) maar gekozen wordt door 400 van onze eigen mensen.”

Tiën meende dat stemrecht goed is maar dat het verkeerd is het stembiljet gelijk te stellen aan “brood”. “Tien jaar geleden, toen we minder democratie hadden, hadden we 12 procent economische groei en nu met meer democratie nog 3.2 procent.” Tiën dankte ten slotte China dat het heeft geholpen de “populistische maar ondeugdelijke” plannen van gouverneur Chris Patten voor meer sociale voorzieningen van de rails te krijgen. “Ironisch genoeg is het socialistisch China dat er bij ons op aandrong om het kapitalisme te handhaven”, zo besloot Tiën.

De toekomst van Hongkong zal behalve door de Chinese regering in Peking in niet mindere mate bepaald worden door de 'chief executive' van de SAR. Deze topbestuurder zal later dit jaar gekozen worden door een selectiecomité van 400 notabelen, die op hun beurt weer aangewezen zijn door het 'Voorbereidend Comité voor de SAR' van 150 door China benoemde leden. Tot dusver heeft zich slechts een man, T.S. Lo, openlijk kandidaat gesteld voor deze unieke post, die hij zelf omschreef als “geen president of premier en geen leider van een partij maar een regent die moet regeren zonder manifest en zonder de steun van de meerderheid van de bevolking”.

Lo was adviseur van de Britse gouverneurs van Hongkong tot de ondertekening, eind 1984, van het Brits-Chinese document dat de basis legde voor een nieuw Hongkong onder Chinese soevereiniteit. Lo stelde Engeland meteen in gebreke en maakte de reuzenzwaai naar China. In opiniepeilingen heeft hij slechts de steun van 1,5 procent van de bevolking en de vraag is of China hem aan Hongkong wil opdringen. Tijdens de conferentie ontvouwde de toppadvocaat zijn programma. Hij verzekerde dat - als hij gekozen en benoemd wordt - de suprematie van wet en rechtsorde voor alles komt en hij borg zal staan voor een waarachtige bescherming van de mensenrechten. “De Hongkong SAR kan niet geregeerd worden door communisme, religie, persoonlijke relaties of geweld maar alleen door de wet. De Chinese regering begrijpt dit precies”, aldus Lo.

Tegenover al dit optimisme en deze schone voornemens stond een veelheid van diep pessimistische geluiden van even eminente lokale coryfeeën. Geen debat over de toekomst van Hongkong is compleet zonder Martin Lee, eveneens een topadvocaat en gedreven leider van de Democratische Partij, die bij de verkiezingen vorig jaar september verreweg het hoogste aantal stemmen behaalde. Lee ziet ernstige problemen voor de toekomst van de rechtsstaat omdat de gekozen Wetgevende Raad wordt ontbonden en vervangen wordt door een Voorlopige Wetgevende Raad, die benoemd zal worden door hetzelfde Selectiecomité van 400. Zhou Nan, directeur van het Persbureau Nieuw China en China's hoogste vertegenwoordiger in Hongkong, zei enige dagen geleden dat hij hoopte dat ongeveer de helft van de gekozen raad in de voorlopige raad benoemd kan worden. Met andere woorden: China maakt uit wie er wel en niet inkomt. De voorlopige raad zal een aantal draconische koloniale wetten, door de gekozen raad afgeschaft, opnieuw invoeren. Die betreffen alle mensenrechten, persvrijheid en dergelijke. Lee gebruikte een fraaie woordspeling, namelijk dat de Chinezen gek zijn op 'press-freedom', de vrijheid om pressie uit te oefenen.

Lee vreesde dat Hongkong evenmin in staat zal zijn om weerstand te bieden aan allerlei vormen van inmenging en infiltratie door Chinese organisaties, nationaal en provinciaal. Lu Ping, de directeur van het Bureau voor Hongkong en Macau-zaken in Peking, verzekerde onlangs dat dat er borg voor staat dat zo'n inmenging niet zal plaatshebben. Martin Lee stak daarmee de draak: “Lu Ping heeft maar twee armen en China heeft dertig provincies.” Het is een typische Chinese gewoonte om subjectieve, persoonlijke garanties in plaats te stellen van objectieve wetsbepalingen en procedures. Lee stelde dat het niet de taak van Lu is om inmenging te stoppen maar van de chief-executive van de SAR. “Alleen een chief-executive met een autonoom mandaat van de bevolking van Hongkong kan dat doen.” Maar volgens de door China eenzijdig vastgestelde procedures voor de uitvoering van bilaterale Brits-Chinese overeenkomsten zal de chief-executive een benoemde agent van het centrale gezag worden.

De deken van de Orde van Advocaten, Gladys Li, was nog veel somberder. Zij zei dat Hongkong geen hoge graad van autonomie, maar juist van autocratie zal krijgen. China is immers zijn belofte dat Hongkong een onafhankelijke rechterlijke macht zal houden, niet nagekomen. Het Staand Comité van het Nationale Volkscongres heeft zich het recht op interpretatie van de mini-grondwet van Hongkong, de 'Basic Law', toegeëigend. “De implicatie hiervan is dat de wet is wat wij zeggen”, zo zei mevrouw Li. Zij stelde dit gelijk met de logica van kinderen, waarbij een kind tegen zijn kibbelende speelkameraad zegt: “Mijn vader is groter dan die van jou” of met Humpty-Dumpty in Alice in Wonderland die zegt: “Een woord betekent wat ik er mee bedoel, niets meer en niets minder.”

    • Willem van Kemenade