Rijke landen op top G-7 in Lyon; Reorganisatie VN voor Derde wereld

LYON, 29 JUNI. Terwille van de Derde wereld moeten de ontwikkelingsafdelingen van de Verenigde Naties worden hervormd, de schuldenlasten verlicht, het bestuur in de arme landen zelf verbeterd en de internationale economische en monetaire samenwerking versterkt.

Over deze voorstellen zijn de de regeringsleiders van de zeven rijke industrielanden het gisteravond op de topconferentie van G-7 in Lyon eens geworden. Volgens de G-7 zouden de arme landen zo meer kunnen profiteren van de globalisering van de economie.

“Op deze wijze zullen we in staat zijn globalisering tot ieders voordeel tot een succes te maken”, aldus de economische verklaring. De zeven staatshoofden en regeringsleiders van de VS, Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië, Italië, Japan en Canada roepen bovendien op een “nieuw wereldwijd partnerschap voor ontwikkeling” te vormen.

De Franse president Chirac, gastheer in Lyon, zei gisteravond dat de opvatting over globalisering binnen de G-7 nu meer dan voorheen een “menselijke basis” heeft gekregen.

Het meest concreet zijn de voorstellen voor hervorming van het ontwikkelingswerk van de VN. De leiders pleiten ervoor de drie afdelingen van de VN, die nu belast zijn met ontwikkelingswerk, samen te voegen en daarvoor één aparte onder-secretaris-generaal te benoemen. Deze moet samen met de secretaris-generaal van de VN “dringend” de rol van de VN-instellingen doorlichten om overlappingen weg te nemen en de doelmatigheid te verbeteren.

De besparingen die hieruit voortvloeien, moeten worden besteed aan ontwikkelingsprogramma's. “Om meer effectief te zijn op het gebied van ontwikkeling moeten de VN hun rol verhelderen en duidelijk maken dat zij het beter kunnen dan andere”, menen de leiders.

De voorstellen zijn gepresenteerd net nog vóór secretaris-generaal Boutros-Ghali vandaag in Lyon aanschuift om mee te praten over de hervormingen van de multilaterale instellingen. De VS blokkeren een herbenoeming van Boutros-Ghali.

De G-7-landen willen voorts nog dit jaar “verdergaande actie” voor schuldverlichting van de armste landen, mits deze landen economische hervormingen doorvoeren. Twee jaar geleden werd op de G-7-top in Napels afgesproken dat de crediteurenlanden, verenigd in de 'Club van Parijs', tweederde van de bilaterale schulden mogen kwijtschelden. De leiders dringen er nu op aan dat percentage te verhogen zonder overigens te zeggen tot hoeveel.

De G-7-landen verwelkomen een plan van het Internationale Monetaire Fonds (IMF) en de Wereldbank voor verlichting van de multilaterale schulden van de armste landen. Over de financiering hiervan bestaat nog onduidelijkheid.

Pagina 15: IMF: deel goudreserve verkopen

Het IMF wil een klein deel van de goudreserve verkopen om uit de beleggingsopbrengst de schuldverlichting te betalen. Duitsland is hier tegen omdat dit een precedent zou scheppen. In Lyon is nu gekozen voor een compromisformule. Volgens de economische slotverklaring moet het IMF mogelijkheden bekijken voor “optimalisering van het beheer van de reserves”.

De Amerikaanse minister van financiën Rubin en zijn Britse collega Clarke verklaarden gisteren dat deze formulering erop neer komt dat het IMF een deel van zijn goudreserve kan verkopen. De G7 willen dat de Wereldbank de komende jaren zo'n 2 miljard dollar uit eigen middelen uittrekt voor schuldverlichting voor de armste landen. De Wereldbank was al akkoord om hiervoor dit jaar 500 miljoen dollar uit de eigen inkomsten op tafel te leggen.

Volgens het plan van IMF en Wereldbank zouden acht tot twintig landen, vooral in Afrika, van de bilaterale en multilaterale schuldverlichting moeten profiteren. Hiervoor is de komende zes jaar minimaal 5,6 miljard dollar nodig. IMF en Wereldbank gaan er hierbij vanuit dat de crediteurenlanden de maximale kwijtschelding voor bilaterale schuld opvoeren van 67 tot 90 procent, maar enkele G7-landen willen minder ver gaan. De G7 vindt dat tijdens de jaarvergadering van IMF en Wereldbank in oktober een besluit over hun schuldenplan moet vallen.

Volgens de G7 kan globalisering de werkloosheid in de industrielanden “tijdelijk verergeren”, wat bij mensen voor een gevoel van “onveiligheid” kan zorgen. De zeven leiders onderstrepen in dit verband dat zij vastbesloten zijn om “sociale uitsluiting” te voorkomen. Zij bevestigen de conclusie van de G7-ministersconferentie over werkgelegenheid in Lille van dit voorjaar dat investeren in mensen “even vitaal” is als investeren in kapitaal.

De Europese landen en de VS kwamen in Lyon niet werkelijk tot elkaar inzake het te voeren werkgelegenheidsbeleid. President Chirac verdedigde gisteren tijdens een persconferentie het Europese sociale model, gebaseerd op tripartite overleg en een verantwoordelijkheid van de overheid om de maatschappelijke samenhang te bewaren. Hij ontkende in Lille van een “derde weg” te hebben gesproken. Volgens de Franse president is hem dat in mond gelegd. Chirac maakte tegelijkertijd duidelijk dat globalisering “onvermijdelijk en wenselijk” is. Hij wees er in dit verband op dat een op de vier Franse werkers voor de export produceert. Enkele uren voor Chirac sprak werd bekend dat de Franse werkloosheid vorige maand verder is gestegen tot 12,4 procent, het hoogste percentage in de G7.

De G7-leiders werden het erover eens dat de Wereldhandelsorganisatie (WTO) zich moet buigen over minimale arbeidsstandaarden om valse concurrentie te voorkomen. Chirac maakte gisteren duidelijk dat het hierbij alleen gaat om uitwassen op bijvoorbeeld het gebied van kinderarbeid en dwangarbeid door gevangenen. Deze kwesties worden al binnen de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) besproken, maar de ILO kan in tegenstelling tot de WTO geen sancties opleggen.

Volgens de economische slotverklaring moet multilaterale handelsliberalisering verder worden bevorderd. De WTO moet daarom de mogelijkheid onderzoeken voor verdere verlaging van importtarieven voor industriële goederen. Verscheidene G7-leiders spraken zich gisteren uit tegen de eenzijdige Amerikaanse Cuba-boycot.

De G7 doet aanbevelingen om het toezicht op de financiële markten te versterken, met het oog op het toenemende grensoverschrijdende kapitaalverkeer. Vooral in opkomende economieën is verbetering op dit terrein nodig, waarbij internationale financiële instellingen een belangrijke rol spelen. Voorts zal er een studie komen naar de gevolgen van technologische vernieuwingen in het betalingsverkeer.

De G7-leiders tonen zich in hun economische slotverklaring tevreden over de ontwikkeling van de wisselkoersverhoudingen sinds april vorig jaar, toen de dollar ten opzichte van de yen een dieptepunt bereikte. De ministers van financiën wordt gevraagd “voort te gaan met de nauwe samenwerking op de valutamarkten”.

De staatshoofden en regeringsleiders vergaderden gisteren en eergisteren in het stadhuis en het museum voor hedendaagse kunst van Lyon. 's Middags had de Russische premier Tsjernomyrdin zich als vervanger van president Jeltsin bij hen gevoegd voor het politieke overleg in de zogeheten P8. Vandaag komen zij in het museum bijeen voor een laatste zitting. Voor het eerst zijn ook de leiders van de VN, het IMF, de Wereldbank en de WTO uitgenodigd.

De grote landen zullen vandaag, zo wordt verwacht, oproepen tot een verwijdering van de Bosnisch-Servische leider Karadzi'c, al dan niet ondersteund door een dreiging met sancties tegen zijn volk als hij dat niet binnen enkele dagen doet. Hierover werd vannacht nog overlegd. De verklaring beoogt een ongestoord verloop van de verkiezingen in Bosnië op 14 september.

De acht staatshoofden en regeringsleiders zullen vandaag ook naar verwachting een veertig punten tellend plan voor de bestrijding van het internationale terrorisme en de georganiseerde misdaad aannemen.