Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Bukshag

Ik ben een Hee niet alarmerend uch-erige rookster van bijna 82 jaar. Sjekkies en borrels zijn mij een dagelijkse troost.

Ik herinner mii een dokter Meinsma die op de televisie waarschuwde voor het rookgevaar. Zodra ik zijn beeltenis zag stak ik er weer een op. Waar bemoeit hij zich mee?

Heden heb ik eindelijk de tekst gelezen op zo’n pakje halfzware shag. Ik lees over ‘hoogwaardige tabaksoorten’ en ‘geniet van pure tabak’. Dan volgt in minder duidelijk lettertype ‘Brengt de gezondheid ernstige schade toe’. Ik draai het pakje om en lees “Niet-rokers leven gezonder’. Gut, nooit geweten! Ik steek er maar weer een op.

In de hongerwinter behielpen wij ons met bukshag van eigen peuken; er viel niet veel te bukken. In die tijd vol spanningen werd mij eens een sigaret uit de mond geslagen die verdween door het raam op tweehoog. De dader, zelf ook roker, schrok en rende naar beneden. Ik keek belangstellend toe en zag een mannetje, reeds in bukhouding en blij met geluk dat van boven kwam, klaar voor de greep. Maar ach, ongeluk kwam er achter aan en was hem voor.

Natuurlijk is roken slecht; in. antirookgezelschap pas ik mij aan, maar het moet niet te lang duren!

In drugsbeleid is Nederland zò tolerant dat het welhaast op burenruzie uitdraait. Waarom dan zo bemoeiziek in rookbeleid?