Zein El Abidin Fouad tergt de fundamentalisten: ik schrijf wat ik wil; Egyptische schrijvers in de vuurlinie

ROTTERDAM, 20 JUNI. Schrijvers, kunstenaars leiden een hachelijk bestaan in Egypte onder de aanhoudende druk van moslim-fundamentalistische groepen. Zij hebben in de laatste drie jaar meer dan 165 schrijvers en kunstenaars voor de rechter gesleept op beschuldiging van anti-islamitische activiteit en geloofsafval. Het volgende portaal is de dood, uit handen van een extremist die zo een eerste aanbetaling voor een woning in het paradijs doet.

Kairo is “verdeeld tussen de soldaten van de Wali (heerser) en de dolken van de Emirs (fundamentalistische leiders)”, dichtte in 1993 de Egyptenaar Zein El Abidin Fouad. In die situatie is wat hem betreft geen enkele verandering gekomen. “De regering blijft de kwestie aanpakken als niet meer dan een veiligheidsprobleem”, zegt Fouad. “En op die wijze doet ze benzine in de auto van de fundamentalisten.”

Fouad (54) is deze week in Nederland voor Poetry International. Gisteravond droeg hij in De Doelen in Rotterdam voor uit zijn werk. “Word groter elke avond/ doe je kleren uit en maak er gordijnen van/ maak van je ribben havens/ jouw borsten zijn ontspannen, als vuurtorens op je borstkas/ telkens als ik reis / brengen zij mij terug op mijn plek/ de tepels zijn mijn zonnen/ zij zijn in de duisternis mijn lantaren/ telkens als ik moe ben van de zee/ gooi ik bij hen mijn anker uit”, las hij en het zijn geen woorden die een fundamentalist zullen bevallen. Maar het zal hem een zorg zijn: “Ik ben een schrijver, en ik ben nooit gestopt, zelfs niet toen ze me in de gevangenis zetten. Ik schrijf wat ik wil schrijven.”

Fouad is een linkse dichter en toneelschrijver, die vele jaren geleden de toenmalige presidentsvrouw Jihan Sadat tergde door honger en onderdrukking in Egypte in een gedicht aan de kaak te stellen. Hij heeft gevangen gezeten in een tijd toen de autoriteiten de fundamentalisten nog steunden omdat ze links als bedreiging zagen. Nu is links zo goed als verdwenen en blijken de fundamentalisten vele malen zo gevaarlijk te zijn.

Moslim-extremisten worden te vuur en te zwaard bestreden; maar de fundamentalisten die zich niet daadwerkelijk met explosieven inlaten, worden halfslachtig aangepakt. Zodra bekende schrijvers in de vuurlinie komen - Nobelprijswinnaar Naguib Mahfouz - komen de autoriteiten in actie, maar de mindere goden zijn vogelvrij. “De regering is een concurrentiestrijd met de fundamentalisten aangegaan”, zegt Fouad. “Ze wil bewijzen dat ze evengoed islamitisch is. Ze zou 'Nee!' moeten zeggen.” Het voorbeeld daarvan is de recente maatregel die de fundamentalisten verhindert zelf naar de rechter te lopen om schrijvers tot afvallige te verklaren en tot echtscheiding te dwingen, zoals professor Nasser Hamed Abu Zeid - nu voor de zekerheid in ballingschap in Leiden levend - wegens een onorthodoxe taalkundige analyse van de Koran overkwam. De autoriteiten besloten dat klagers zich voortaan dienen te melden bij de openbare aanklager; die beslist dan of zo'n zaak moet worden doorgezet. Hiertoe werd volgens Fouad alléén besloten om Naguib Mahfouz te redden. Diens roman 'De kinderen van onze wijk' is jaren geleden op instigatie van de islamitische censuurafdeling van de gezaghebbende, door het starre Saoedi-Arabië gefinancierde en daardoor beïnvloede Al-Azhar universiteit als godslasterlijk verboden, en nu hadden fundamentalistische advocaten drie klachten wegens geloofsafval tegen hem ingediend. Een vernederende veroordeling van Mahfouz is door de actie van de regering voorkomen.

Maar volgens veel intellectuelen is het middel erger dan de kwaal. Fouad: “Ten eerste is deze islamitische traditie (hisba) nu verankerd in de wet, wat tot dusverre niet het geval was. Ten tweede worden dergelijke zaken nu in handen van individuen gelegd die mogelijkerwijs zelf fundamentalistische denkbeelden aanhangen. In het hoger beroep in de zaak tegen Abu Zeid zei een openbare aanklager dat de hoogleraar de dood verdiende, terwijl de procureur-generaal zich ten gunste van Abu Zeid had uitgesproken.” Overigens komt dezer dagen de definitieve uitspraak inzake Abu Zeid, naar verwachting vrijspraak. Want de regering houdt niet van de negatieve publiciteit in het buitenland.

Egypte maakt een moeilijke tijd door, zegt Fouad; de fundamentalisten slagen erin godsdienst boven aan elke agenda te plaatsen, alles in een religieus kader te plaatsen. In laatste instantie is hij niet pessimistisch. “De fundamentalisten blijven aan de oppervlakte. Ze hebben de mensen niets te geven. De mensen zijn als het erop aan komt tegen hen.”