Als Israel vasthoudt aan ongedeeld Jeruzalem, is vrede uitgesloten; Syrië en Jordanië in confrontatie

KAIRO, 20 JUNI. Egypte heeft momenteel voldoende financieel-economische speelruimte om om zijn eigen politiek te kunnen bepalen en fundamentele Arabische belangen te verdedigen. Dat heeft Amr Moussa, de minister van Buitenlandse Zaken, een paar dagen geleden in bedekte bewoordingen aan een aantal Westerse ambassadeurs verteld.

Daarmee waarschuwde hij hen niet tussenbeide te komen bij de beslissingen die de Arabische topconferentie van zaterdag en zondag hier in Kairo zal nemen. Het is nog waar ook wat hij zei: volgens schattingen van de Wereldbank staat er 60 miljard dollar aan tegoeden op de Egyptische banken.

De Arabische top wordt gehouden onder het logo van de olijftak van de vrede, omdat de organisatoren formeel nog steeds het vredesproces willen redden. Een kranten-cartoon hier beeldde de top af als een boot, waarop alle Arabische leiders staan. Zij steken een olijftak uit om een verdrinkende vredesengel te redden uit de kaken van een toehappende krokodil, met davidssterren als ogen.

Het belangrijkste doel van deze eerste Arabische top sinds zes jaar is een minimale eenheid in de Arabische gelederen te herstellen tegen Israel. Hoewel Egypte en Syrië de betrekkingen met Irak liever vandaag dan morgen willen normaliseren, is dat land niet uitgenodigd; de Golfstaten, Saoedi-Arabië voorop, hadden gedreigd weg te blijven als president Saddam Hussein tot de geëerde gasten zou behoren.

De aanwezigheid van de Saoedische kroonprins Abdullah (koning Fahd is te ziek) is van cruciaal belang omdat de top volgens goed ingelichte kringen de normalisering van de betrekkingen met Israel zal bevriezen en de vrijwel tot nul gereduceerde economische boycot tegen dat land opnieuw zal aanscherpen. Daarover zouden Egypte, Syrië en Saoedi-Arabië al twaalf dagen geleden overeenstemming hebben bereikt op een conferentie in de Syrische hoofdstad Damascus. Deze trojka bepaalt ook de beslissingen van de huidige top.

Koning Hussein van Jordanië zou reeds te horen hebben gekregen dat hij moet kiezen of delen. Als hij zijn 'warme vrede' met Israel continueert, ook met het Israel van Benjamin Netanyahu, “zal hij snel merken wie de meerderheid van de Jordaanse bevolking uitmaakt en hoe die over zijn politiek denkt”. Bedoeld worden natuurlijk de Palestijnen in Jordanië, op zijn minst 60 procent van de Jordaanse bevolking. Even voor de bijeenkomst in Damascus was er in de Jordaanse havenstad Aqaba een ontmoeting tussen koning Hussein, president Mubarak en president Yasser Arafat. Een aldaar aanwezige vertelde dat Amr Moussa de koning streng toesprak: “Onze vrede met Israel is na 17 jaar nog niet tien procent zo warm als die van jullie na een jaar.” Waarop de koning antwoordde: “Was het niet Egypte dat eenzijdig vrede met Israel sloot?”

De recente beschuldigingen van koning Hussein over door Syrië gesteunde terroristen die in Jordanië aanslagen wilden plegen, waren de eerste aanwijzingen dat er een confrontatie aan de gang is tussen Syrië (door Egypte gesteund) en Jordanië over de te volgen koers tegen Israel. Ook Saoedi-Arabië zou te horen hebben gekregen dat het, wat Israel betreft, niet langer aan de leiband van de Amerikanen mag lopen. Volgens Egyptische bronnen zou deze waarschuwing zó hard en duidelijk zijn geweest dat een groot aantal Saoedische prinsen besloten heeft om maar even niet op vakantie naar hun villa's en paleizen in het Spaanse Marbella te gaan. “Zij weten hoe naarstig de Spaanse politie naar Syrische terroristen zou zoeken, en hebben daarom het zekere voor het onzekere gekozen.”

Aan Egyptische kant zou men “erg ongelukkig” zijn over dit wat grove optreden, dat als “onnodig” wordt gezien. Kroonprins Abdullah van Saoedi-Arabië, die feitelijk alle beslissingen neemt, staat immers op zeer goede voet met de Syrische president Hafez al-Assad. Zijn hoofdvrouw is Syrische en hijzelf is veel Pan-Arabischer ingesteld dan zijn halfbroer, koning Fahd.

Wat men in Israel nog steeds niet schijnt te begrijpen - aldus de bronnen hier - is dat de kwestie-Jeruzalem door geen enkele Arabische leider als irrelevant kan worden afgedaan. Zeker in een periode waarin allerlei radicaal-islamitische groepen de legitimiteit van de heersers aanvechten. Voor president Mubarak geldt precies hetzelfde als voor president Assad en het Saoedische koningshuis: langdurige vrede met Israel is uitgesloten als de Israeliërs vasthouden aan een ongedeeld Jeruzalem onder exclusieve Israelische soevereiniteit.

Natuurlijk, zo geeft men hier toe, zeiden Rabin en Peres precies hetzelfde als Netanyahu over Jeruzalem. “Maar over één ding zijn de Arabieren en de meerderheid van de Israelische joden het kennelijk eens: ze namen wat Peres beloofde met twee korrels zout. En ze geloven Netanyahu op zijn woord.”

Israel en de VS hebben reden tot grote zorg. Alle waarnemers in Kairo zijn het erover eens dat president Mubarak steeds duidelijker een eigen 'neo-nasseristische koers'' wil varen, maar dan zonder het economische programma van zijn door hem bewonderde voorganger Gamal Abdel Nasser. Daarvoor zijn talloze aanwijzingen. De grote leider uit de jaren '60 wordt door de staatstelevisie veel meer dan voorheen in het zonnetje gezet.

Met zo'n nationalistische politiek kan Mubarak zowel de radicaal-islamitische ideologie bestrijden, als zijn imago dat hij 'een 'Amerikaanse lakei' zou zijn. Zijn tegenstanders van een half jaar geleden zeggen nu tevreden: “Hij gedraagt zich weer normaal.” Het grote verdriet van veel intellectuelen en opposanten over het verloop van de parlementsverkiezingen van december is dan ook als sneeuw voor de zon is verdwenen, nu aan Arabisch nationalisme weer even de voorrang wordt gegeven.