Japan leert vrouwen als 'partners' te zien

De 'Grote-Prijs-Modewoord-1992' was voor de term sekuhara - een samentrekking van sexual harassment - toen in dat jaar voor het eerst een rechter in Japan een schadevergoeding toewees wegens seksuele intimidatie. De 'Grote-Prijs' wordt elk jaar door een uitgeverij vastgesteld.

In de bewuste zaak had de chef van de aanklaagster uit persoonlijk ongenoegen roddels verspreid over liederlijk gedrag en liefdesaffaires van de vrouw - jong, vrijgezel en net begonnen in haar eerste baan. Toen zij vervolgens hogerop verhaal ging halen, kreeg zij te horen dat ze de volgende dag niet meer op haar werk hoefde te verschijnen. De rechter bepaalde dat de reputatie van de vrouw was aangetast en dat het bedrijf de werksfeer weer had willen verbeteren door de vrouw te ontslaan. Derhalve veroordeelde de rechter de direct betrokkene én het bedrijf tot het betalen van een schadevergoeding van 1,65 miljoen yen (25.000 gulden).

Sinds deze uitspraak is het aantal aanklachten wegens seksuele intimidatie sterk gegroeid. In de afgelopen vier jaar zijn er ruim veertig gerechtelijke uitspraken geweest waarvan ruim 80 procent in het voordeel van de aanklaagster. Onduidelijk is hoeveel zaken vroegtijdig met een schikking zijn geëindigd. Bedrijven willen liever geen negatieve publiciteit, en de aanklaagsters willen helemaal geen publiciteit. Van de rechtszaken die er tot dusver zijn geweest heeft maar in één geval de vrouw haar naam bekend gemaakt en de publiciteit gezocht.

“Het belangrijkste in de uitspraak van 1992 is dat ook de werkgever aansprakelijk is gesteld”, zegt advocate Mizuho Fukushima, gespecialiseerd in sexuele intimidatie. “Bedrijven kunnen hun ogen niet meer sluiten voor het probleem.” Wakker geschud door die eerste veroordeling publiceerde het ministerie van Arbeid in 1993 een rapport over de 'communicatiekloof in het management van vrouwelijk personeel'. Daarin wordt bedrijven geadviseerd begrip te hebben voor de wensen en problemen van vrouwelijk personeel en te zorgen dat mannelijke werknemers de vrouwen als 'partners' accepteren. De basis voor het advies: “Problemen wegens seksuele intimidatie hebben een slechte invloed op werkprestaties.” Met een beroepsbevolking die voor veertig procent uit vrouwen bestaat (in een sector als het bankwezen voor meer dan de helft)is dat zeker geen onaannemelijke stellingname van het ministerie. De vrouw alleen zien als 'bloem' ofwel 'smeerolie' op de werkplek, aanwezig om de mannen in het werk te steunen, creëert een 'grijze zone in het bewustzijn' die het aanpakken van sexuele intimidatie moeilijk maakt, aldus de lokale overheid in Tokio. De tekst staat in een handboek voor het voorkomen van seksuele intimidatie dat Tokio vorig jaar publiceerde. Sinds 1986 kent Japan een wet gelijke behandeling en het aantal vrouwen dat kiest voor een carrière is langzaam groeiende. Maar een groter deel van de jonge vrouwen in Japanse bedrijven staat bekend als OL - Office Lady, de potentiële 'bloemen op de werkplek'. De afkorting is een algemeen gebruikte beroepsomschrijving voor het voetvolk in de Japanse kantoren. De dames doen administratief werk, schenken thee en hebben geen uitzicht op een carrière.

“Een probleem is dat in Japanse bedrijven werk en privé niet strikt gescheiden zijn”, zegt advocate Fukushima. “Men gaat gezamenlijk na het werk drinken of gaat met de zaak een weekend naar een badhuis bij een heetwater bron in de bergen. Dan ontstaan gemakkelijk onduidelijke situaties.” Een traditionele plek voor mannen om na het werk een glas te drinken is de kleine bar waar alleen vrouwen werken. De eigenares wordt met mama-san aangesproken en zij en haar werkneemsters luisteren professioneel en geduldig naar de klachten over het zware werk of zingen samen met de gast via de karaoke. Met ongewenste avances weten ze wel raad, want dit is hun werk. Maar voor een vrouwelijke collega van kantoor behoort dit niet tot het werk. “Mannelijk personeel moet op bedrijfsuitjes niet een vrouwelijke collega dwingen tot het zingen van een duet of het drinken van meer sake”, zo waarschuwt het eerdergenoemde handboek van de overheid in Tokio. “Als onderdeel van het onderricht in goede manieren is dit een onderdeel dat aandacht vereist.”

Overigens bestaan er in het nachtleven omgekeerd ook speciale gelegenheden voor vrouwen. Een uitzonderlijk geval vertoonde de televisie onlangs op een zondagmiddag: een cabaret met uitsluitend transsexueel, topless personeel en een publiek van vrouwen van middelbare leeftijd. Onder hilarisch gelach betastten ze uiterst nieuwsgierig de borsten van de transsexuelen.

In Tokio organiseert de lokale overheid sinds kort speciale trainingen voor het voorkomen van, en het omgaan met gevallen van seksuele intimidatie. De trainingen worden vooral bezocht door personeelchefs. In de eerstgenoemde rechtszaak uit 1992 had het bedrijf de vrouw in kwestie te verstaan gegeven dat ze kon vertrekken. Tegenwoordig komt het voor dat een bedrijf de dader bijtijds verwijdert, zo berichtte eerder dit jaar het economische dagblad Nihon Keizai Shinbun.

“Over het geheel genomen is er bij Japanse bedrijven nog maar een gering bewustzijn over seksuele intimidatie”, zegt advocate Mizuho Fukushima. “Een duidelijk teken daarvan is de manier waarop Mitsubishi de kwestie in de Verenigde Staten heeft aangepakt.” Na een aanklacht over seksuele intimidatie door mannelijk personeelsleden in een van zijn fabrieken stelde Mitsubishi níet direkt orde op zaken, maar het organiseerde een betoging van de mannelijke werknemers tégen de beschuldigingen. Dit besluit is naar verluidt inmiddels bijgezet in de categorie Kapitale Blunders van Japanse bedrijven in de VS.