Blokker in eeuw van kloetstokken tot 'toys'

Blokker, dat gisteren de overname van alle Nederlandse vestigingen van de speelgoedketen Toys 'R' Us bekendmaakte, bestaat honderd jaar. In die tijd groeide de Goedkoope IJzer- en Houtwinkel in Hoorn van een handel in ijzerwaar tot een concern met 1.700 vestigingen in zeven landen.

De eeuw van Blokker. Honderd jaar huishoudbranche in Nederland. Door Henk Povée. ISBN 90 6868 145 1. Prijs ƒ 49,50. Uitg. THOTH, Bussum.

De entree van Blokker op de speelgoedmarkt, eind jaren '70, ging niet zonder slag of stoot. De fabrikanten Jumbo en Lego wensten niet te leveren aan een keten met een 'prijsagressieve' reputatie. De enige oplossing voor Blokker was om in het geheim speelgoed van andere winkels over te nemen. Pas na een prijsoorlog gingen beide leveranciers overstag. In de daaropvolgende decennia groeide Blokker uit tot een factor van belang op speelgoedgebied: Blokker verwierf een meerderheidsbelang in Bart Smit en werd eigenaar van Intertoys.

Blokker, nu onder talloze namen aanwezig in elke Nederlandse winkelstraat, begon als de 'Goedkoope IJzer- en Houtwinkel Jb. Blokker' op 25 april 1896 te Hoorn, een dag nadat Jacob Blokker in het huwelijk getreden was met Saapke Kuiper. Blokker verkocht voornamelijk landbouwgereedschap: hartschoppen, ierscheppers (mestscheppen), kloetstokken (vaarbomen) en walbeugels (om modder uit de sloot te baggeren). Wegens dit assortiment kreeg het echtpaar Blokker al snel de bijnamen Japie Kippengaas en Saartje Dakvilt. Maar ook pistolen (ijzerwaar), wasteilen en emaillen koffiepotten werden verkocht. Enkele jaren later kocht Blokker ook het belendende pand en werd het assortiment uitgebreid met wasmachines, kachels en fornuizen. Sluitingstijden kende de middenstand in die dagen nog niet: wie om tien uur 's avonds of op zondag een vatenkwast nodig had, kon terecht.

Omdat Blokker niet de enige aanbieder van kachels en wasmachines was in Hoorn, maakte hij veel reclame. Zo plaatste hij brandende kachels op het trottoir en liet hij wasmachines draaien in de winkel. Maar Blokker haalde meer stunts uit: om de driehonderd kinderwagens die elk voorjaar per trein arriveerden in de winkel te krijgen, organiseerde Blokker jaarlijks een optocht met fanfare en praalwagen voor verklede kinderen die de kinderwagens naar de winkel reden.

Als de winkel in 1919 wordt aangesloten op het elektriciteitsnet, begint Blokker met de verkoop van strijkijzers, broodroosters, friseerapparaten en huilbezems, zoals de voorloper van de stofzuiger werd genoemd. Een jaar later zet Blokker een hypermodern pand neer in hartje Hoorn met, naar het voorbeeld van de grootsteedse warenhuizen, etages en een lift. Als Blokker in 1921, bij het 25-jarig bestaan van de zaak, een complete waterval laat installeren en voor het eerst een kleurenadvertentie plaatst, is zijn reputatie in Hoorn en omstreken voorgoed gevestigd.

Als zijn vrouw in 1926 overlijdt, heeft Jacob Blokker weinig puf meer om de zaak voort te zetten. Voor 40.000 gulden verkoopt hij de winkel aan een makelaar in Alkmaar. Als hij echter hoort dat deze een stroman is voor Blokkers grootste concurrent, legt hij 22.500 gulden op tafel om het verkoopcontract ongedaan te maken en zet hij de zaak alsnog voort.

Zoons Jaap en Koos zijn inmiddels ieder een eigen zaak in Utrecht en Amsterdam in huishoudelijke artikelen begonnen, onder de naam Gebr. Blokker. Broer Piet opent onder dezelfde naam een zaak in Haarlem. Jacob Blokker intussen dreigde failliet te gaan als gevolg van het wurgcontract dat hij had gesloten na ontbinding van het verkoopcontract: hij mocht veel artikelen niet onder een bepaalde prijs verkopen en bij verkoop moest hij zijn zaak eerst aanbieden aan zijn concurrent. Als een faillissement dreigt, saneert zoon Ab, die in Nederlandsch-Indië werkt, de schulden. In de oorlogsjaren ligt de handel nagenoeg stil en moet Blokker het hebben van de verkoop van knijpkatten en noodkacheltjes. Waar het bedrijf als leverancier van serviezen en bestek ook veel last van had, was dat er in de oorlog nauwelijks getrouwd werd. De vier broers Blokker - vader overleed in 1944 - zaten echter niet stil: ze stippelden het naoorlogse beleid voor de keten uit. De essentie: uitbreiding van het aantal winkels om te profiteren van grootschaliger inkoop.

Naarmate na 1945 meer artikelen zonder bon verkrijgbaar zijn, bloeit de detailhandel op. In 1948 telt de Blokker-keten acht winkels en bedraagt de omzet twee miljoen gulden. Het was ook het jaar dat Ab, Piet en Jaap Blokker - Koos was inmiddels overleden - zich een auto-van-de-zaak konden permitteren. Het jaar 1951 betekent een hoogtepunt in het bestaan van Blokker: er wordt een vestiging in de Kalverstraat geopend. De provinciewinkel Blokker is opgeklommen tot de meest prestigieuze winkelstraat van Nederland. De directie bleef echter eenvoudig: zakenlunches werden in de eigen kantine genuttigd en de broers woonden allen boven een winkel. Ab Blokker ging elke avond persoonlijk de filialen langs om de dagopbrengst op te halen, die volgens afspraak was verstopt in de grootste grijsgewolkte emaillen pan die in de winkel te vinden was.

In 1953 doet Blokker de eerste overname in zijn bestaan: het elitaire L. Dake & Zn. (huishoudelijke artikelen), met chique winkels aan het Damrak en in de Kalverstraat, wordt aangekocht. Het Dake-personeel was niet gelukkig met de transactie: werken voor de wel zeer gewone Blokkerketen betekende een regelrechte degradatie. Bovendien moest Dake voortaan zoiets ordinairs als souvenirs gaan verkopen, een succesvol artikel in de Blokkerwinkel in de Kalverstraat.

Eind jaren '50 krijgt Blokker meer en meer last van Vroom en Dreesmann, dat zich na de oorlog had ontwikkeld van textielwinkel tot warenhuis met veel huishoudelijke artikelen. Om concurrend te blijven introduceerde Blokker de 'weekendkoopjes'. Die wekelijkse actie zou uitgroeien tot een vast bestanddeel van de Blokker-identiteit. Meer nieuwerwetsigheden doen hun intrede bij Blokker: hoelahoeps bijvoorbeeld en Thor-wasmachines, waarin behalve de was ook de afwas kon worden gedaan door de vaat in een mandje in het sop te laten zakken. Een ander modern apparaat, de elektrische koffiemolen, veroorzaakte een revolutie in de keuken, evenals de elektrische handklutser, zoals de mixer aanvankelijk heette, en de koelkast. Deze laatste was al sinds jaren '20 in de handel, maar nooit erg aangeslagen omdat de meeste huizen een kelder hadden. Pas toen eind jaren '50 de hoogbouw opkwam, werd de koelkast populair.

Het had weinig gescheeld of Blokker was in 1961 in handen gekomen van Albert Heijn. De broers Blokker naderden de zestig en AH zag in de snel groeiende keten een uitstekende overnamekandidaat. AH doet een bod op alle aandelen Blokker en Dake, maar Ab Blokker houdt twijfels: hij had zijn zoons Ab en Jaap graag zien aantreden als de derde generatie in de zaak. Hij doet een tegenvoorstel: hij biedt zijn broers dezelfde prijs als AH en zo blijft Blokker in familiehanden.

De foto's in het boek dat Blokker ter gelegenheid van zijn 100-jarig bestaan heeft uitgegeven, bieden een fraai zicht op de interieurs van deze eeuw: zo werden de Nederlandse huiskamers in de jaren '70 massaal 'gezellig' gemaakt met asbakken en kaarsenstandaards van donker, Spaans hout, al dan niet in hoefijzer-vorm. Ook wit smeedwerk deed het enige tijd goed, evenals de tv-kan, waarin men een volle pot koffie goot zodat het tv-kijken niet onderbroken hoefde te worden om verse koffie te zetten. Ook bamboe-uilen, vliegende eenden met wollen mutsjes, dingdong-deurgongen en spiegels met afbeeldingen van de Beefeater waren niet aan te slepen.

De aanleg van nieuwe stadswijken als Ommoord en Alexanderpolder en steden als Lelystad en Almere biedt Blokker nieuwe kansen. Bestaat de keten begin jaren '70 uit 27 vestigingen, in 1975 zijn dat er al 43. De omzet is gestegen tot 64 miljoen gulden. De oliecrisis betekent echter een keerpunt: de bestedingen lopen terug. Bovendien zijn er geen nieuwe produkten meer die massaal worden aangeschaft, zoals de koelkast of de stofzuiger.

Blokker compenseert de bestedingsdaling door uitbreiding van het assortiment en het aantal filialen. Zo wordt in 1977 de eerste winkel in België geopend. Hoewel de bestedingen niet groeien en de verkoop van huishoudelijke artikelen stagneert, neemt het aantal winkels in hoog tempo toe: eind jaren zeventig komt er elke drie weken een nieuwe Blokkerwinkel bij. Eind 1984 zijn er ruim driehonderd. Eind jaren '70, begin jaren '80 drijft Blokker op rages als Hollie Hobbie en de razend populaire kleurenkubus van Rubik.

De jaren '80 worden gekenmerkt door grote overnames en strijd met concurrenten. Als antwoord op discountketens als Kwantum en Maxis zet Blokker de Giraffe-winkels op. In 1985 neemt Blokker een meerderheidsbelang in speelgoedketen Bart Smit die met financiële problemen kampt. In België worden de Casa-woonwinkels overgenomen. Uitbreiding naar Engeland mislukt: de Britten vonden Blokker rather un-English, bovendien was de macht van de bonden wel erg groot in de ogen van de familie Blokker. Zo zeemde het personeel de winkelruiten slechts tot waar hun arm reikte; op een trapje staan was in strijd met de regels van de vakbond.

In diezelfde periode verwerft Blokker een minderheidsbelang in de aloude concurrent Hobo Faam, eigenaar van onder andere Intertoys en Marskramer. De weinig gelukkige samenwerking met Hobo Faam, inmiddels omgedoopt tot RetailNet, komt in 1993 tot een ontknoping: Blokker geeft zijn belang in RetailNet op in ruil voor het bezit van Marskramer en Intertoys. Met tevens het eigendom over Xenos is Blokker, dat bij het 100-jarig bestaan 1.700 vestigingen heeft verdeeld over tien ketens in zeven landen en een omzet heeft van circa drie miljard, zeer prominent in vrijwel elke Nederlandse winkelstraat aanwezig.