Opinie

Begaclaim

Bijna een jaar geleden was ik op Curaçao om daar een drietal voorstellingen te geven. Het is zo'n eiland waar je je een week prima vermaakt, maar veel langer moet je er niet blijven. Het is klein en ronduit benauwd. Iedere ochtend hoorde ik van de ontbijtmevrouw in mijn hotel in welke cafés ik was geweest, met wie, tot hoe laat en hoeveel ik gedronken had.

Youp

Wel handig. Zeker als je zoveel op hebt dat je dat zelf niet meer weet. Het eiland heeft een hoog 'Vrije-Jongensgehalte'. Veel toeristen van het kaliber: skybox bij Vitesse. En wat er aan Nederlanders woont is ronduit curieus. Er loopt een hoop jong volk rond dat op de bonnefooi die kant uit is getrokken om in de horeca een tropisch nachtleventje bij elkaar te klussen. Da's een leuke club mensen, waarmee ik heel hard en veel heb gelachen. Vooral om de zogenaamde penshonados. Dit zijn mensen die zich om fiscaal aantrekkelijke redenen op dit Caraïbische Texel gevestigd hebben. En zoals wij allen weten: mensen die om hun geld verhuizen zijn nou niet de leukste soortgenoten. Wat zich net over de Belgische grens genesteld heeft is al heel fout, maar neemt u van mij aan dat diezelfde medemens op Curaçao tien keer erger is. Voor penshonado hoef je overigens niet om en nabij de vijfenzestig te zijn. Je hebt er types van achtentwintig, die niet meer kunnen lachen van de kwartjes en de rest van hun leven op Mambo Beach onder een parasol uit hun neus gaan liggen grutten. Als die neus leeg is gaan ze aan de bar zitten praten met de andere miljonairs. Waarover? Over geld. Thuis wacht het type 'tweedehands stewardess' en deze doodt haar leven met liggen aan het zwembad, putten op de golfbaan en het kweken van dwergpapegaaitjes. Nee, die types hebben echt een aircoditioned leven om jaloers op te zijn.

Toen ik er was hadden de heren Van den Nieuwenhuyzen en Spigt zich nog niet op het eiland gevestigd, maar hun vlucht erheen heeft niemand verbaasd: als twee mannen thuishoren in dit fiscale roversnest zijn het Leo en Joep. De laatste kende het plekje uiteraard van zijn chronisch de fiscus tillende schoonfamilie Van der Valk en had ondertussen meer dan één reden om te emigreren. Alleen heeft Joep zich in zoveel bochten gewrongen dat hij geen seconde meer zonder advocaat kan. Dus Leo moest mee. En Leo kwam het ook wel goed uit. Want als er iemand in ons land niet meer fluitend over straat kan zonder door al zijn vrienden van vroeger vierkant uitgelachen te worden, dan is het Leo Spigt. Veel linkse jongens uit de jaren zestig zijn een paar meter naar rechts opgeschoven, maar zo bont als Leo heeft echt niemand het gemaakt. Hij was de eerste die advocatencollectief met drie k's schreef, verdedigde in zijn vlegeljaren uitsluitend bijstandsmoeders, krakers en revolutionairen, vervloekte alles wat naar kapitaal stonk en gaf Engels aan de nazaten van Marx. Als je hem toen had gezegd dat hij zijn best zou doen ervoor te zorgen dat de Kaketoetjes niet gekooid zouden worden, had hij je vierkant uitgelachen. Aan zulke smeerlappen maakte hij zijn handen niet vuil. Het kan verkeren.

Leo is het prototype van de penshonado en ik denk dat hij het op Curaçao heel goed doet. Onder het genot van een 'Amsteltje' bedenkt hij aan de bar van het Lion's Dive Hotel de grote fiscale en juridische constructies, richt hij postbus-BV's op en wast hij alles wat zwart is wit, zonder dat het krimpt. Dat noemen ze de Dash-methode. Fantastische man. Hij is de man achter de Begaclaim van 1,2 miljard gulden en ik moet toegeven: een creatieve geest. Mochten Joep en Leo winnen, dan hoeft de Nederlandse Staat het overigens niet uit te keren. Waarom niet? Het is ongeveer het bedrag dat wij met zijn allen nog te goed hebben van de familie Van der Valk. Dus staan we keurig quitte.