Dit is een artikel uit het NRC-archief

Economie

NS verrast transportwereld; NS: combinatie CSX en DB opmaat naar 'shake out'

UTRECHT, 4 JUNI. De joint venture van NS Cargo met Deutsche Bahn (DB) en de Amerikaanse transportonderneming CSX komt als een verrassing. Vooral CSX was de afgelopen maanden veelvuldig genoemd als mogelijke concurrent voor NS Cargo, als eerste echt nieuwe partij op het Europese spoorwegnet. Het bedrijf had immers in Amerika laten zien winst te kunnen maken met goederenvervoer per spoor, en is via zijn dochter Sea-Land een van de grootste aanlanders van maritieme containers in Rotterdam.

Directeur van NS Cargo Ed Smulders vindt het desalniettemin logisch dat het tot een samenwerking is gekomen tussen deze drie. “Het is voor alle drie partijen een forse stap in de goede richting. In de markt is behoefte aan een organisatie die desgevraagd ook voor- en natransport kan leveren. De nieuwe onderneming NDX wordt een echte integrator, die als het nodig is, bij voorbeeld bij een spoorwegstaking in Frankrijk, het hele traject over de weg kan doen.”

Elk van de drie partijen heeft een specifieke inbreng, aldus Smulders. “NS Cargo is de voorvechter van het shuttle-concept. Wij zijn het snelst groeiend op dat gebied in Europa.” Gecombineerd vervoer is goed voor 27 procent van het volume van NS Cargo, dat zijn marktaandeel in maritieme containers in Rotterdam de afgelopen drie jaar zag groeien van acht naar vijftien procent. “In ons gecombineerd vervoer is zestig á zeventig procent internationaal, grotendeels over de oost-west-as. Deutsche Bahn is dus heel belangrijk om het transitoverkeer te regelen. Maar ook vanwege hun kennis van de Duitse markt. DB heeft een sleutelfunctie in Europa: het is nu eenmaal de eerste waar we terecht komen als we de grens overgaan.”

CSX is als partner vooral van belang om zijn kennis van zaken op het gebied van informatietechnologie en om de mentaliteit die ze inbrengen. Smulders: “Ik ben zeer onder de indruk geraakt van hoe zij hun zaakjes voor elkaar hebben, voortdurend de klant centraal stellend. Informatietechnologie speelt daarin een heel belangrijke rol. Je moet je klanten ieder moment kunnen vertellen waar hun landing is en hoe laat die aankomt. Dat gaat nu bij onze shuttles al een stuk beter dan vroeger, maar het kan nog beter.”

CSX rijdt in Amerika overigens niet alleen met treinen. De beursgenoteerde onderneming heeft ook een binnenvaartmaatschappij, een wegtransportbedrijf en een zeerederij (Sea-Land).

Die andersoortige ervaring en de daarbij behorende mentaliteit is belangrijk, want NDX moet geen spoorwegbedrijf worden. Smulders: “Wat we in de markt zetten is een integrator die een produkt inkoopt bij lokale spoorwegmaatschappijen, net als European Rail Shuttle (een joint venture van NS Cargo met enkele rederijen) en Trailstar. Maar we zullen wel een andere aanpak hebben, meer een deur-tot-deur-maatschappij. En meer een trucking mentality dan een spoorwegmentaliteit.” Smulders acht het best denkbaar dat NDX op een gegeven moment ook leverancier wordt van andere operators, of daarmee samenwerkt om bij voorbeeld een shuttletrein vol te krijgen die ze elk afzonderlijk niet rendabel kunnen exploiteren. Het nieuwe bedrijf begint op nul: geen van de partners brengt bestaande activiteiten in. Daarmee hoopt men ook zoveel mogelijk te voorkomen dat men op gevoelige tenen gaat staan. Smulders: “We worden absoluut neutraal. Er is geen sprake van gedwongen winkelnering. NDX kan tractie kopen waar het belieft, en kan dus ook via België en Frankrijk naar Milaan in plaats van via Duitsland. Anderzijds zijn DB en NS Cargo vrij om met andere operators te werken; en nieuwe op te bouwen.” Om het bedrijf ook echt als nieuw te laten beginnen zal de bedrijfsleiding niet door een van de deelnemers worden geleverd maar van buiten worden aangetrokken. Het management kan vervolgens zelf personeel aantrekken. Werknemers van de aandeelhouders kunnen solliciteren, maar krijgen geen voorrang.

Maar hoe zit het nu met die concurrentie? Het afgelopen jaar is flink gespeculeerd over een toetreding van CSX tot de Europese spoorwegmarkt, en de mogelijkheid dat DB zelf op Rotterdam zou gaan rijden. Nu vormen de drie potentiële concurrenten een bondgenootschap. Smulders: “Concurrentie is belangrijk. Daar zijn we zelf mee begonnen door European Rail Shuttle in de markt te zetten en te gaan concurreren met Intercontainer. Dat is ons niet door iedereen in dank afgenomen, maar achteraf ben ik blij dat we het hebben gedaan. Anders hadden we de groei die we nu hebben nooit gehaald. Maar uiteindelijk gaat het erom de klant een goed produkt te bieden tegen een goede prijs. Als je dat wilt doen in het internationaal spoorwegtransport, dan moet je samenwerken. We rijden nu in totaal 250 shuttles per week van en naar Rotterdam. Dat had nooit gekund zonder samenwerking. We kunnen al 25 jaar raketten naar de maan schieten, maar we kunnen geen trein naar Milaan laten rijden zonder een paar keer van loc te wisselen.”

De vorming van samenwerkingsverbanden markeert de eerste stap op weg naar de grote shake out. Smulders: “Ik ben ervan overtuigd dat er over tien jaar nog vijf à zes grote spoorwegmaatschappijen over zijn in Europa. Wij willen tot die grote spelers behoren. We groeien ook het hardste van Europa, maar we beginnen wel op een heel laag niveau.” Het containervervoer staat als snel groeiende bedrijfstak het meest in de belangstelling, maar Smulders acht ook bij conventioneel vervoer (zoals erts, staal, auto's, agrarische en chemische produkten - nu 73 procent van het volume van NS Cargo) intensievere samenwerking geboden. De huidige assenmanagement-overeenkomsten met DB leveren minder groei op dan hij had verwacht. En binnen het containervervoer gaat het tot nog toe vooral over maritieme containers, terwijl de markt voor continentale containers zes à zeven keer zo groot is. Daar is het wegvervoer vooralsnog oppermachtig. Smulders: “We zullen proberen daar een antwoord op te vinden. Dat doet CSX in de Verenigde Staten ook: zij doen maritieme én continentale containers.”

Ondanks dat de drie potentiële concurrenten nu een alliantie hebben gevormd, verwacht Smulders dat verladers positief zullen reageren op het initiatief. “Men wilde een maatschappij die de taal van de markt spreekt. Nou, hier komt er een.”